Thuiskomen

Eigenlijk zijn de dagen thuis de allerfijnste dagen. Gewoon de momenten dat ik dingen in en rondom huis doe. We wonen nu bijna een jaar in Elst en ik raak steeds meer gewend aan de rust, aan dat er minder kan (en dus ook minder hoeft), aan de mensen die alles in een rustiger tempo doen.

We hebben er in Nederland een handje van om dat af te doen als saai. Een “huismus”, dat klinkt niet als een sprankelend persoon. Mensen verontschuldigen zich er regelmatig voor: “ja nee, we hebben weinig leuks gedaan dit weekend”. Of: “nee, we gaan niet op vakantie, we blijven gewoon thuis deze keer, hopelijk volgend jaar weer”. Alsof thuisblijven, thuis-zijn, iets inferieurs is.

Wat het natuurlijk niet is. Integendeel: thuis is goud te vinden.

De laatste weken ben ik zo doordrongen van het besef dat het geluk in de eenvoud schuilt. Klinkt cliché, ik weet het, maar zo is het.

‘s Avonds een ommetje maken door het veld, de zomeravondgloed die de akkers met tarwe verlicht. Overdag regelmatig door de tuin wandelen en telkens verbaasd zijn dat de plantjes alwéér zijn gegroeid, en hey, die ene heeft nu bloemetjes.

Het zijn ook de dagen dat ik het meest HIER ben, en mijn tijd niet wordt gedicteerd door de digitale wereld. Dat laatste doe ik trouwens zelf, dat stomme telefoonscherm blijft zó verslavend. Af en toe ben ik weleens bang dat ik op een dag zo’n spijt krijg van alle uren die ik scrollend heb besteed. Het leven is kort, jongens.

Steeds vaker denk ik: ik hoef niet zo veel, de kunst zit juist in het niet laten dichtslibben van m’n leven – met afspraken en ook met spullen. Tussen de vlagen van consumentisme door blijft het minimalisme me kietelen.

Het is zo normaal in onze wereld om maar te kopen, kopen, kopen. Ik zou mezelf niet bepaald ‘shopverslaafd’ noemen en toch zie ik hoeveel ik stiekem aanschaf. Begin deze maand besloten B en ik om financieel wat terug te schroeven. We willen langer kunnen doen met het geld dat we verdienen, om meer dagen in het jaar vrij te zijn.

En we willen de uitgaven die we doen, bewuster doen: juist door af en toe uit te pakken met iets moois of fijns, blijft dat bijzonder. Als je elke week uit eten gaat, wordt dat het nieuwe normaal – een soort inflatie van geluksgevoel.

Maar ja, dan kijk ik naar wat we deze maand allemaal kopen en denk ik toch: poe, da’s niet bepaald minimalistisch. Ja, die e-bike stond al in de planning sinds we hier wonen en het is fantastisch om nu zo makkelijk naar Nijmegen en Arnhem te kunnen fietsen. (En we kochten ‘m tweedehands.) Ja, B had al tijden een nieuwe slaapzak nodig (hoewel, wat is nodig? Vooruit, zijn oude was best versleten) en nu was dezelfde als die ik ook heb in de aanbieding. Ja, ik wilde graag wat kleding voor mijn priesteressenweekenden (heb een rode en witte jurk nodig voor de inwijding in september).

Maar ja hè, zo is er altijd wel wat.

En ongeacht de reden, het zijn wel gewoon spullen. Spullen die horen bij een modern leven. Maar hoe dat moderne leven eruitziet (of ‘hoort’ te zien), dat hebben we uiteindelijk maar met z’n allen bedacht.

In dat kader: ik voel de laatste weken dagelijks het besef dat wat ik zie als een “eenvoudiger” leven, nog steeds een enorm luxeleven is. Ik heb een ruim warm huis en een koelkast vol vers eten met smaken van over de hele wereld, van halloumi tot harissa, garam masala en chipotle-pepers.

‘s Morgens smeer ik fijne biologische rozen-dagcrème op mijn gezicht en olie in mijn haar (supertip dit, ik kocht het in Zweden als uitprobeersel, m’n altijd-snel-droge haarpunten blijven nu veel langer mooi – met als bonus dat ik tientallen euro’s kapperskosten bespaar).

Ik kan de trein pakken en ergens heen gaan als ik daar zin in heb. Ik typ deze blog op een MacBook Pro (refurbished, maar dat maakt in wezen weinig uit).

Het is alleen dat al die dingen er al zo lang zijn, dat ze normaal zijn geworden. Ik heb ze, de meeste mensen om me heen hebben ze ook. En ja, zoals het dan gaat met een rupsje-nooit-genoeg-brein: je wilt meer. Meer vakanties, meer hippe oorbellen, meer fijne sneakers, meer lekkere flessen wijn, meer dagjes en weekendjes weg.

Steeds vaker denk ik: maar waarom eigenlijk? Het voelt of ik mezelf alleen maar loop af te leiden, alleen maar weg beweeg van de kern, van wat er al is. Omdat dat wat er is soms ook ongemakkelijk of oncomfortabel is (angst, verdriet, pijn).

Sinds we hier wonen, merk ik hoe het me met geluk vervult dat we lieve mensen in de buurt hebben. Dat ik zo dicht bij E en J woon dat ik hun kindje met de week kan zien groeien. Dat m’n oude studievriend GB en zijn vriendin op loopafstand wonen en regelmatig spontaan met hun baby’tje langsdroppen voor een kop thee. Dat we buren hebben waarmee we dingen voor elkaar doen: zij geven onze katten te eten, ik pas een uurtje op hun kinderen, we lenen elkaars gereedschap, zetten tijdens vakanties de container van de ander aan straat. Dat GB me in hun kraamweek appt of ik een pak koffie voor ze wil halen. Dat we E en J kunnen vragen om hun auto te lenen als we er eentje met een trekhaak nodig hebben.

Het zijn die kleine dingen die me een gevoel van community geven.

Ik sla in deze blog allerlei zijpaden in, maar ze horen voor mijn gevoel allemaal bij een groter geheel: een diep wortelend gevoel van hoe ik m’n leven wil inrichten. Met ‘gewone’ dingen – die eigenlijk, als je erbij stilstaat, helemaal niet zo gewoon zijn. Ga honderd, of zelfs maar vijftig jaar terug in de tijd en realiseer je dat we nog nooit zo hebben geleefd als we nu doen.

Dat vervult me met hoop en dankbaarheid.

Dankbaarheid, omdat ik zie dat alle luxe die ik heb – ik hoef maar 5 minuten te fietsen en dan is daar een gigantische winkel met al het eten dat ik me maar kan wensen! – niet vanzelfsprekend is, ook al is-ie dat wel op deze plek op aarde, in de bijna 31 jaar dat ik leef.

En hoop, omdat ik zie dat het leven blijft veranderen. Dat wil zeggen dat we als mensen elke dag een keus hebben om het anders te doen. Die kracht hebben we – om samen te bouwen aan de wereld van onze dromen.

1+

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.