• Wild women

    Wat een waanzinnig weekend had ik.

    Ik kan er veel meer vertellen dan in één blogpost past, en zou jullie het liefst overspoelen met verhalen. En tegelijkertijd lijkt het vreselijk moeilijk om de afgelopen drie dagen in woorden te vatten.

    Oké, eerst maar even de feiten dan. Ik ging naar een vrouwenweekend, georganiseerd door Margo. Ik had Margo nog nooit ontmoet, maar kende haar via iemand uit m’n studententijd. Margo coacht vrouwen, ze leert je om je wild and sacred zelf te zijn.

    En al jaren dacht ik: ooit wil ik nog eens een training bij haar doen. Al helemaal sinds ik – ook jaren terug alweer – blogs las van haar man, die vertelde hoe hun dochter en zoon werden geboren. Voor mij was dat een eerste kennismaking met hoe een bevalling ook zou kunnen zijn. Natuurlijk, niet-medisch, vanuit je oerkracht als vrouw.

    Anyway, die ‘ooit’ werd ineens dit weekend toen ons geplande Zwedentripje wederom niet doorging (stomme corona). Dus op vrijdagmiddag reisde ik naar een mooie plek in Gelderland. Al op de parkeerplaats ontmoette ik een vrouw in een mooie lange jurk, die met me meeliep over het groene terrein.

    Met lichte kriebels in m’n buik zette ik m’n OV-fiets tegen de boom. Oké weekend, kom maar op.

    Voor de rest van de tijd geldt: ik kan opschrijven wat we deden, maar dat doet alle ervaringen nauwelijks recht. Ik bedoel: ik kan zeggen dat we al vóór het programma officieel begon, zonder kleding in het zwembadje lagen om af te koelen (en dat Margo naar buiten kwam toen we in de zon lagen op te drogen, ze grijnzend om zich heen keek en zei: ‘My work here is done’).

    Ik kan zeggen dat we voordat we elkaars naam kenden, al helemaal los moesten. Letterlijk, als in: veertig seconden op je allergekst doen terwijl een ander toekijkt. Zo ram je het ongemak er wel uit, ja. ;-)

    Sowieso kwamen we pas zaterdagavond (!) toe aan vragen als ‘wat voor werk doe je eigenlijk’ – terwijl dat toch meestal een van de eerste dingen is die je vraagt als je iemand ontmoet.

    Nou, niet hier.

    Ik kan ook vertellen over het vele dansen; m’n kuiten waren er zondag stijf van. Over de dagelijkse sessies en rituelen om in je lichaam te zakken. In verbinding met jezelf, en daarna met de ander – met al je sisters, en met de aarde. Over elkaar minutenlang diep in de ogen kijken en zeggen wat je ziet. Nieuwsgierigheid, kwetsbaarheid, pijn.

    Ik kan delen hoe we vrijdagavond naakt om het vuur dansten – het regende, we waren al eens natgeregend en wilden niet nóg een jurk doorweekt hebben. En oké, zonder kleding dansen was ook wel enorm bevrijdend. Dansen als vrouw tussen vrouwen, en dan zonder de rivaliteit of oordelen die je daar misschien mee associeert. Het tegenovergestelde: pure acceptatie van jezelf en iedereen om je heen.

    Want weet je, dat was het misschien vooral: hier mochten we gewoon zijn.
    Wij mogen er gewoon zijn. Nee: we mogen er HEEL ERG ZIJN, wij vrouwen van alle vormen, leeftijden en achtergronden. I love you, and it is so easy to love you.

    We konden gewoon dansen, voelen, ervaren. Smeltwater, zo noemde Margo onze tranen. Alle tranen die eerder niet konden worden gehuild. Alle pijn die eerder niet kon worden doorvoeld. Hier en nu mocht het er allemaal uit.
    We dragen het samen. Voel maar.

    Ook bij mij kwam er een boel uit. Intens vond ik het moment dat ik midden in de gesloten cirkel stond, tegenover me een van de anderen, wiens handen ik vasthield. Ik voelde de blokkade en bijna op het punt dat het eigenlijk de bedoeling is dat we de plek zouden doorgeven aan een ander, barstte er iets in me. Voor mijn gevoel ging het veel te lang door en ik vond het ZO MOEILIJK om al die ruimte in te nemen – en zei dat ook. ‘Daarom is het juist zo goed dat je het doet’, kreeg ik terug.

    Ik ontdekte ook de waarde van rituelen. Hoe verrassend fijn het is, om een bak water intuïtief te versieren met veldbloemen, er olie in te druppelen, jezelf daarmee te reinigen. Laat maar van je af spoelen wat je niet meer nodig hebt. Om een offer te verbranden – iets dat symbool staat voor wat jou niet meer dient. Om elkaar te masseren in de zon, de ander lieve woorden toe te fluisteren. Om na elk ritueel waarbij we elkaar vasthielden even je handen op het gras te leggen – zodat je kan teruggeven wat niet van jou is (‘anders gaat het vanavond jeuken’). Om dansend op zoek te gaan naar je innerlijke meisje, en (later) naar je Queen.

    Om aan het eind van het weekend samen een kroon van gevlochten bladeren te maken, daar elk je eigen bloem aan toe te voegen en die kroon zo een van jouw kwaliteiten mee te geven. Daarna om beurten de kroon aan elkaar door te geven, en met de kroon op je hoofd jouw waarheid te spreken.

    Om te merken dat ik me zo gedragen voelde door de groep, dat het ineens niet meer eng was om voor vijftien vrouwen te spreken. Dat ik het zelfs fijn vond om de ruimte te voelen en me te mogen uiten – plots sprak ik niet eens meer te snel en ik struikelde ook niet over m’n woorden.

    Ik merkte ook dat ik elke dag een stukje meer rechtop ging lopen. Letterlijk: toen ik thuiskwam, had ik het gevoel alsof ik een paar centimeter langer was geworden.

    En diep vanbinnen weet ik: dit is nog maar het begin.

    4+
  • Op retraite bij de Maanhoeve: mijn ervaring

    Dus ik ging een weekend op retraite bij de Maanhoeve, een lieflijke boerderij tussen de velden. Hoe was dat?

    Nou, als ik één woord moet noemen: bijzonder – al is dat natuurlijk ook vrij nietszeggend. Wat ik deed? Het was een mindfulness-en-compassieretraite, en het programma zag er per dag ongeveer zo uit:

    Gewekt worden (7.15 uur) met gezang en een klankschaal
    Naar de grote zendo voor ochtendmeditatie
    Ontbijt
    Wat tijd voor jezelf
    Bewegingsoefeningen (yin yoga, tai chi)
    Meditatie
    Loopmeditatie/wandeling
    Lunch: lekkere broodjes met soep, allemaal biologisch en supersmaakvol
    Wat tijd voor jezelf
    Meditatie
    Meer meditatie
    Diner, met heerlijke taart als toetje
    Wat tijd voor jezelf
    Avondmeditatie (één avond afgesloten met het reciteren van een mantra)
    Naar bed; edele stilte tot na het ontbijt de volgende dag

    Tja, dat klinkt allemaal misschien niet zo indrukwekkend. Ik bedoel: toen ik het schema voor het eerst op de deur zag hangen, dacht ik: ‘is dit niet heel veel herhaling en veel van hetzelfde?’ Maar nee, allesbehalve. Elke meditatie had een ander thema, en sowieso: elk moment voelde het weer anders.

    Strijd in je hoofd

    Soms was er veel strijd in mij. Soms zat of lag ik heerlijk op mijn bankje/kussen/matje, me focussend op mijn ademhaling of de geluiden om me heen of wat er verder in en bij mij gebeurde.

    Soms schoten mijn gedachten alle kanten op. Soms was ik redelijk kalm en rustig. Soms had ik veel oordelen naar mezelf. Soms had ik m’n beide handen op mijn hart, zond er in gedachten compassie heen en voelde mijn eigen warmte.

    Ja, bijzonder, dat is toch zeker wel het goede woord. We waren met veertien vrouwen – inclusief de twee trainers – en wat me misschien nog wel het meest bijblijft, is hoezeer je een band kunt opbouwen met mensen terwijl je gewoon stil bent. Samen stil. Samen bij jezelf.

    Zondagochtend, na weer een half uur mediteren, werd ons gevraagd om, als we dat wilden, iets te delen in de groep. Hoe we er nu bij zaten. Of waar we aan dachten. Het zweet brak me meteen uit (IETS ZEGGEN IN DEZE GROTE KRING? WAT DAN? IEDEREEN DIE NAAR MIJ KIJKT? HOE DAN?), m’n hart begon te bonken en ik voelde me duizend kwetsbaar.

    Terwijl ik niet eens iets hoefde te zeggen. Want voor alles dit weekend gold: doe wat goed voelt voor jou. Niets doen is ook oké, net zo oké.

    Iets bijdragen

    Toen ik, nadat een paar andere deelnemers iets hadden gedeeld, toch het woord nam, verstikte de emotie bijna meteen mijn stem. Toch voelde het op de een of andere manier goed en fijn om iets bij te dragen, ongeacht wat. ‘Ik vind dit best eng om te doen’, zei ik maar gewoon, ‘niet omdat er niets te zeggen valt, want er is van alles te zeggen, maar…’

    De uitnodiging was om niet op elkaars woorden te reageren, maar gewoon te blijven luisteren, de uitspraken er te laten zijn. “Dat vond ik zo moeilijk”, zei een van die andere mooie vrouwen achteraf. “Als ik zie dat iemand tranen in haar ogen geeft wil ik haar gewoon even vasthouden, zo van, kom hier!”, en ze gaf me een knuffel.

    Ik vond het heel fijn dat ze dat deed – het schiep meteen een band. En tegelijkertijd dacht ik: weet je, op dat moment hoefde ik niet per se een knuffel. Het was juist prettig dat mijn woorden er gewoon mochten zijn, dat ze niet meteen werden toegedekt, er geen label op werd geplakt (ook geen ‘o jee wat naar voor je’).

    Iets om te onthouden.

    Compassie zenden

    Zo waren er nog meer dingen, veel meer. Zoals de compassie-oefening waarbij je in gedachten steeds liefde zond naar de mensen in je leven: eerst degene het dichtst bij je, dan de mensen met wie je woont, met wie je werkt, die je tegenkomt in de supermarkt. En ten slotte: liefde en compassie zenden naar iemand met wie je ruzie hebt, met wie het wringt, die boos op je is of die jou pijn heeft gedaan.

    Ja jeetje zeg, dat is toch wel heel goed om vaker te gaan doen.

    Ook niet te vergeten: hoe lekker het eten was – liefdevol bereid door Wim en Ida van de Maanhoeve –, hoe warm, open en inspirerend Marlie en Mabeth, de twee trainers. Is het gek om te zeggen dat ik hen een beetje mis?

    De laatste twee oefeningen van het weekend waren misschien wel de allermooiste. Eerst vroegen Marlie en Mabeth ons om een woord, of een paar woorden, of een zin te delen over het weekend. Samen, zeiden mensen, liefde en gelukdankbaarheid, verbonden zijn, dat dit alles er gewoon mag zijn.

    Voor mij, zei ik, blijven twee dingen van dit weekend me zeker bij: ten eerste, dat ik me zo ontzettend geaccepteerd voel in een groep mensen die ik twee dagen geleden nog niet kende. (Interessant overigens, besef ik nu, in hoeverre dat te maken heeft met of mensen zich echt anders naar mij gedroegen dan ‘normaal’, of dat ik zélf een stuk milder was, mezelf ruimte gaf, minder oordelen had, minder gepieker over hoe anderen me zouden zien.)

    Ten tweede: het besef dat ik eigenlijk best heel erg goed alleen met mezelf kan zijn. Dat ik kan thuiskomen bij mezelf, in de liefdevolle vriendelijkheid die we dit weekend samen oefenden. Dat ik dat veel beter kan dan ik soms denk – en dat het veel minder eng is dan ik lang dacht. Of, in de woorden van één van de andere deelnemers: I am my own best friend.

    Wat je nodig hebt

    En toen, voordat het écht tijd was om weer naar huis te gaan, plaatsten we zeven stoelen in een kleine kring. De helft van ons ging erop zitten, de andere helft ging elk achter één stoel staan. ‘Bedenk eens’, zei Marlie tegen de staande mensen, ‘wat jij op dit moment het allerliefst van iemand zou horen, welke woorden jij nu het meest nodig hebt?’

    We sloten onze ogen een paar minuten, dachten na. ‘En’, zei Marlie, ‘fluister datgene dat je net bedacht hebt in het oor van degene voor je. Draai daarna door naar de volgende stoel, totdat we allemaal de hele cirkel rond zijn.’

    Daarna wisselden de staande en zittende mensen, zodat we uiteindelijk allemaal zeven verschillende – en ergens toch ook zo vergelijkbare! – liefdevolle wensen in ons oor gefluisterd hadden gekregen. Nou, ik kan je zeggen, dat maakt indruk hoor.

    Wat mijn woorden waren?
    Ik zeg ze ook graag tegen jou (doe maar even alsof ik naast je sta):

    Je mag er gewoon zijn. Ik ben blij dat je er bent.

    0