A little bit of everything, all rolled into one

tien dingen van de zomer

Jongens, waar is de zomer gebleven? Vier september is het, ik beweeg me met honderdveertig kilometer per uur richting Nijmegen, een druilerig landschap flitst langs het raam. Donkergroen en grijs – de tinten van het limbo tussen nazomer en herfst.

Wat een rare maanden waren het. Tot diep in juli had ik het gevoel dat het nog mei was, de dagen leken gewoon te veel op elkaar. Feitelijk ‘miste’ ik ook zo’n drie weken – in maart zaten we immers achttien dagen in thuisisolatie.

Oké, maar er was toch heus wel wát, dit afgelopen seizoen. Omdat kaderen altijd helpt om overzicht te krijgen: een lijstje met tien dingen van deze zomer.

1. Ik begon met vloggen

Oké, stiekem al in april, maar na wat aarzelend gepruts in iMovie stapte ik al snel over naar Final Cut Pro. En nee, pro ben ik nog lang niet maar ik word langzaamaan wel beter in video’s maken. Zo zie je maar weer: als je iets wilt leren, moet je gewoon beginnen. Durf maar, ook als het resultaat niet meteen geweldig is. De enige manier om te komen waar je heen wilt, is door te doen.

Bekijk mijn YouTube-kanaal.

2. We gingen tóch op vakantie

Wel, niet, wel, niet, tóch wel… Tja, toen de coronacrisis in maart begon, zagen B en ik onze reisplannen voor later dit jaar al snel in het water vallen. Dit wordt een zomer in Nederland, concludeerden we. Tot in juni het aantal besmettingen zo hard daalde dat we tóch naar Italië konden – dachten we, want half juli begon het tij te keren.

Ik ben superblij dat we uiteindelijk wél even naar het buitenland zijn gegaan. Die twee weken Frankrijk waren precies wat ik nodig had om een beetje zomergevoel te kweken.

3. Nooit eerder werkte ik zo lang en zo vaak thuis

En dat beviel verrassend goed. Deze week ben ik voor het eerst weer vier werkdagen op pad, en dat is best wennen.

Lees ook: 4 lessen uit 4 maanden thuiswerken: zo houd je het nog even vol

4. Ik leerde mezelf over SEO en gaf Suushi een upgrade

Weet je nog dat het hier voorheen meer een eenvoudig online schrijf-schriftje was? Ook fijn hoor – niet voor niets keer ik al jaren steeds weer terug naar minimalistische WordPress-thema’s. Maar weet je, zo’n eenvoudige lay-out heeft één nadeel: eerder schrijfwerk op dit blog (lees: de 1.582 posts die níet op de homepage staan) is vrij moeilijk te vinden.

Tenzij je op goed geluk gaat grasduinen in het archief, kom je niet zomaar de teksten tegen waar ik het meest trots op ben. En dat vond ik zonde.

Dus installeerde ik deze zomer de Yoast-plugin, las een heleboel over zoekmachineoptimalisatie én besloot welke lessen ik daaruit meenemen en welke ‘trucjes’ ik lekker naast me neerleg.

SEO-tips: zo is je blog beter vindbaar in Google.

5. Plantaardig eten werd een gewoonte

In Frankrijk stopte ik me twee weken lang vol met wijn en kaas. En hoewel ik genoot van al die camembert, geitenkaas, saint augur en epoisses, was ik er eenmaal thuis hélemaal klaar mee. Een week lang at ik plantaardig, en dat voelde zo goed dat ik er eigenlijk sindsdien mee door ben gegaan.

Ben ik dan nu strikt veganist? Nee, allerminst. Ik eet plantaardig zolang dat fijn is en goed voelt, en maak hier en daar uitzonderingen als dat zo uitkomt. Wekelijks ontdek ik allerlei nieuwe lekkere plantaardige vervangers voor dierlijke producten – en dat ervaar ik als een superleuke zoektocht.

Mijn favoriete ontdekkingen:

  • KwarQ sojakwark van Albert Heijn. (Ook B is fan en eet dit nu vaak als ontbijt in plaats van zijn vertrouwde boterham met kaas.)
  • AH haver fraiche, creme fraiche op basis van haver.
  • Chocolade-mueslirepen van TREK, fijn en vullend tussendoortje.
  • De verse fudge brownies van EkoPlaza.
  • Taartjes van Rose & Vanilla. (Let op, niet alles is hier vegan, maar het meeste wel.)
  • Karmasan, vegan parmezaanse kaas, ook verkrijgbaar bij EkoPlaza.
  • Natura ei-vervanger (= een mengsel van lupinemeel en maiszetmeel), ik gebruik ‘m vooral voor pannenkoeken.
En deze quiche met tomaat en basilicum!

6. Ik had inspirerende ontmoetingen

De laatste tijd ben ik nogal zoekende in mijn werk – een van de redenen dat het hier een beetje stil is, want zoals je zult begrijpen is dat nogal een persoonlijk proces. Om mezelf op weg te helpen, voerde ik afgelopen maanden een aantal gesprekken met anderen in mijn netwerk. Een paar keer mondde zo’n ‘koffiedate van een uurtje’ uit in urenlang praten over het leven. Wat een energie gaf dat!

7. Ik kocht een racefiets

Jaaa, Ruby het Racemonster mag natuurlijk niet ontbreken! Na drie maanden op m’n Marktplaatsfietsje vond ik het tijd om te investeren in een fiets die me écht goed past. En hoewel ik nog minder van Ruby heb genoten dan ik had gehoopt (peesontsteking, je weet wel), ben ik superblij met haar.

Wacht maar, volgend seizoen gaan we samen knallen.

8. Mijn 29e verjaardag was een klein-maar-fijn feestje

En dat was eigenlijk precies goed.

9. Voor het eerst kregen vrienden een baby

Weet je nog dat ik vorig jaar ceremoniemeester was op een bruiloft? Nou, die lieve vrienden van me hebben vorige maand hun eerste kindje gekregen. En o wat is ze mooi en leuk!

Dit is voor het eerst dat directe vrienden van mij een baby krijgen, en eigenlijk voelt dat verrassend ‘gewoon’. Zelf kan ik me bij kinderen hebben nog weinig voorstellen – al denk ik er wel over na – en stiekem is het best handig om eerst bij anderen te spieken hoe dat nou is, zo’n gezinsleven. Voorlopige conclusie: niet eens zo wereldschokkend als ik dacht.

10. Ik gaf me op voor een schrijfcursus

Eind september begint-ie pas, m’n cursus Wijnschrijven en Culinair schrijven, en ik kan niet wachten. We hebben al een eerste opdracht gekregen – komende weken hoef ik me dus niet te vervelen.

Sowieso is er genoeg te doen, nu alle dingen in het leven weer zo’n beetje zijn begonnen: nieuwe werkprojecten, pianoles, yoga, zwemmen, mijn voorleesgezin en niet te vergeten het spannende Pandemic Legacy-spel dat we spelen met E en J.

Genoeg om over te schrijven en de filmen dus. Het wordt wel weer eens tijd voor een weekvlog, vind je niet?

0

in twee weken met de camper door Frankrijk

Goed, tijd om jullie wat meer over Frankrijk te vertellen! Voor wie het komende weken ook nog aandurft om naar het buitenland te reizen – of wie alvast goede adresjes zoekt voor volgend jaar. We hadden namelijk twee erg fijne kampeerplekken én een spontane actie aan het eind van de reis.

Met dank trouwens, die campings, aan de ANWB en z’n Kleine Campinggids. Dat boekje hadden we vroeger altijd in de auto liggen, en omdat ik de neiging heb om dagenlang het internet af te struinen op zoek naar de perfécte camping – net zo lang tot ikzelf én B er gek van worden – leek zo’n gids me een goede afbakening.

Toegegeven, je kunt dan nog stééds kiezen uit honderden campings door heel Europa, maar als je van tevoren een streek kiest én bedenkt welke eisen je stelt aan een kampeerplek, kom je een heel eind. Bij alle campings staat een kort verhaaltje ter sfeerimpressie, en daarnaast een hele rits icoontjes waarmee je precies kunt zien welke voorzieningen er zijn.

Wij wilden bijvoorbeeld graag naar een camping met een zwembad en de mogelijkheid om wat te eten of te drinken. Een camping met plekken met voldoende schaduw, waar je ‘s morgens vers brood kunt halen – en uiteraard een terrein met plekken die elektriciteit hebben en waar camperbusjes zijn toegestaan. ;-)

Doordat we last minute het plan omgooiden, wisten we amper twaalf uur voor vertrek pas waar we precies heen zouden gaan. We besloten om gewoon te rijden naar een camping in Midden-Frankrijk die fijn klonk, en van daaruit verder te zien.

autorit

Deel 1: bijkomen in de Limousin

Na een rit van zo’n negen uur kwamen we eind van de middag aan bij Le Rianon, een rustige boerderijcamping van Nederlandse eigenaren. We werden hartelijk onthaald, en al gauw zou blijken dat dit echt een gezellige, persoonlijke camping is – de eigenaren maken graag een praatje en doen hun uiterste best om het je naar de zin te maken. Op het terrein lopen de kippen vrij rond, de drie hondjes komen regelmatig even buurten en verder zijn er ook lieve schaapjes en paarden.

De camping zelf is heel klein – ik denk dat er naast ons hooguit zes tot acht andere kampeerders waren. ‘s Avonds serveert de eigenaresse een heerlijk diner aan een lange tafel voor wie wil (vanwege corona was dat dit jaar met maximaal twee gezelschappen).

Hier in de Limousin kwamen we rustig bij en lieten we het drukke Nederlandse leven langzaam van ons afglijden. ‘s Avonds genoten we van de schitterend mooie sterrenhemel.

Grappig detail: van de campingeigenaren begrepen we dat Winston Gerschwanovitz en Renate Verbaan er een weekje eerder ook hadden verbleven. Kan me best voorstellen dat je als BN’er zo’n rustige plek in de middle of nowhere uitzoekt. ;-)

Tip: download de app SkyView, dan kun je precies zien welke sterren(beelden) en planeten er in de lucht staan, supercool.

le rianon
le rianon

Deel 2: zwemmen en schaduw zoeken in de Dordogne

Na vijf dagen hadden we wel trek in wat nieuwe prikkels. Inmiddels was de temperatuur opgelopen tot tegen de veertig graden, dus we besloten door te rijden naar een wat koelere plek – paradoxaal genoeg ruim drie uur rijden naar het zuiden, in de Dordogne.

Zo belandden we op camping Picouty, vlak buiten het dorpje Payrac. De plaatsen liggen er grotendeels onder de berkenbomen en de camping heeft een fantastisch zwembad van 20 meter lang, waar B en ik elke dag 30 banen in zwommen. Meestal had je dan het volledige zwembad voor jezelf.

piscine le picouty

Vanaf deze camping maakten we een paar keer een uitstapje. Zo gingen we kanoën op de Dordogne en bezochten we bedevaartsoord Rocamadour – dat vooral héél toeristisch was, maar waar we wel superlekker hebben gedineerd met uitzicht op de vallei.

Dineren deden we bij hotel-restaurant Beau-Site. Je eet daar drie gangen voor 34 euro; ze hebben een paar vegetarische opties, maar niet als deel van dat menu. Daarnaast schenken ze goede wijnen. Ik dronk een fantastische viognier die ik héél graag mee naar huis had genomen…

rocamadour
rocamadour
Overal ‘binnen’ (en dus ook in de basiliek) moest je in Frankrijk verlicht een mondkapje op.
rocamadour
rocamadour
rocamadour hotel beau-site

Verder besteedden we de tijd met spelletjes (Codenames Duet, Level 8, Skipbo – vooral semi-eenvoudige kaartspellen, op vakantie moet je niet te ingewikkeld doen), boeken lezen in de zon en natuurlijk kaas eten en lekkere Franse wijntjes drinken.

boek op de camping

Deel 3: uitwaaien aan de Atlantische kust

Halverwege week twee ontstond een spontaan plan. Twee vrienden, W en C, waren op vakantie aan de kust bij Bordeaux, waar W’s moeder een vakantiehuisje heeft. En W was vrijdag jarig… we besloten hem te verrassen en zo reden we donderdag drieënhalf uur naar het westen.

Dat huisje staat in een village naturiste, een ruim opgezet resort met allemaal huisjes in het bos. Ik was nooit eerder op een naturistencamping (of iets vergelijkbaars) geweest – wel vaak naar de sauna – en het verraste me hoe relaxed ik dit vond. Is het eigenlijk niet gek, hoe ongemakkelijk we in onze wereld omgaan met naaktheid?

Ik vond het in elk geval een verfrissing om gewoon (half)naakt op een terras te kunnen zitten (al droegen we rondom het huisje wel deels kleding, meer uit gemak). En misschien wel m’n beste vakantieherinnering was het moment dat we, op de laatste dag, urenlang speelden in de Atlantische golven. In de stralende zon, zonder bikini, gewoon puur mens zijn, zo blij als een kind.

zwaardvis
Logischerwijs heb ik weinig beeldmateriaal van deze plek – maar deze schotel van zwaardvis en groenten die we ‘s avonds aten, wilde ik toch nog even laten zien.
1+

Cuba: daar gaan we dan (bijna)

Op 31 augustus 2011 vloog ik 9.448 kilometer naar het oosten. In de avond van 1 september landde ik in Taipei, Taiwan.

Op 19 januari 2017 vlieg ik 7.808 kilometer naar het westen. Dezelfde avond – leve het tijdsverschil – land ik in Havana, Cuba.

Vijf-en-een-half jaar nadat ik voor het eerst naar de andere kant van de wereld vloog, doe ik dat opnieuw, maar nu de andere kant op. En jeetje, de afgelopen dagen zaten de zenuwen er goed in hoor. Inmiddels zijn die – gelukkig – een beetje bedaard en beginnen de ZIN IN/NIEUWSGIERIG-kriebels weer te komen.

Maar nu het allemaal zo dichtbij komt (haha), denkt een deeltje van mij toch: O SUUSIE waarom moest je nou weer zo nodig naar een land gaan…

  • Waar ze niet of nauwelijks internet hebben. Nee, ook geen WiFi (alleen op sommige openbare plekken, heb ik gehoord, tegen betaling en van slechte kwaliteit)
  • Waar je niet gewoon ff op Booking.com je hotel regelt en klaar. Nee, je moet mailtjes sturen – vaak in het Spaans – naar hosteleigenaren, en dan maar hopen dat die hun belofte dat de kamer voor je is gereserveerd ook inderdaad nakomen. Gelukkig bestaat wel de site HostelsClub.com, waar je (so I’ve read) betrouwbare casa’s kunt boeken.
  • Waar ze twee verschillende munt-eenheden hebben.
  • Waar ze geen/nauwelijks winkels hebben, zodat het credo “als ik mijn paspoort en portemonnee maar bij me heb, de rest koop ik daar wel” niet geldt. Na veel andere blogs lezen met paklijsten en tips (wat fijn toch, dat internet) heb ik nu een groot deel van m’n bagage bij elkaar. Van kleding, vaccinatieboekje en zonnebrandcrème tot duct tape, Engelse verklaringen van m’n reis- en zorgverzekering, een medicijnkast vol tabletten, tekentang, zaklamp en een paar telefoonladers.
  • Waar je nauwelijks geld kunt pinnen – alleen op sommige plekken met creditcard, en dan moet je nog maar hopen dat er geen storing is/de automaat niet stuk is/etc.
  • Waar ze er een compleet ander politiek en economisch systeem op na houden en veel van de impliciete onuitgesproken regels die ik in de afgelopen 25 jaar leerde plotseling niet meer gelden.
  • Waar op dit moment zó veel westerse toeristen zijn, dat veel buslijnen al volgeboekt zijn (en op twee trajecten heb ik nog geen ticket argh..)

Goed, misschien heb ik in mijn intensieve voorbereiding wel zó veel gelezen over ‘de dingen waar je op moet letten’ en ‘de zaken die handig zijn om te weten’, dat ik een beetje uit het oog verloor dat

  • Cuba een hartstikke veilig land is. Ik hoor dit telkens weer van ervaren Cuba-reizigers: ‘zelfs als alleenreizende vrouw voel je superveilig’.
  • Je er geweeeldige cocktails hebt, vrolijke muziek en kleur op straat.
  • Ik al mijn accommodaties en bijna al mijn busreizen gewoon wél ruim op tijd heb geregeld. En voor het overige vervoer schijn je ook heel makkelijk een taxi te kunnen delen.
  • Het grote aantal toeristen ook betekent dat er veel ‘gebaande paden’ zijn, waardoor ik niet alles in m’n eentje hoef uit te vinden (en misschien/hopelijk vind ik zelfs reismaatjes).
  • Ik stiekem nog best wat Spaans heb onthouden van de vijf jaar les die ik had op de middelbare school. Vooruit, ik zal het allemaal weer een beetje moeten ‘ophalen’ (en heb daarom ook twee taalgidsjes mee) maar vergeleken bij de gemiddelde toerist sta ik er denk ik niet slecht voor.
  • Veel mensen in mijn omgeving naar Cuba terug zijn geweest en niet één zei: ”oh nee dat moet je niet doen”. Integendeel, iedereen zegt alleen maar “supervet-awesome-cool-megaleuk-je gaat de tijd van je leven hebben”-achtige dingen.
  • HET GEWOON NEGENENTWINTIG GRADEN EN ZONNIG IS IN HAVANA NU OH YEAH

Kortom: het gaat vast goedkomen, zelfs al kan ik nu niet alles overzien (en hey, wie kan dat trouwens ooit?). Lesje in loslaten dus ook, deze reis.

Goed, nu eerst nog één laatste dagje werken bij Einder, daarna de laatste boodschapjes halen (o.a. gedroogd fruit, tuc-koekjes en mueslirepen – lees op veel plekken dat wat eten meenemen geen overbodige luxe is) en vanavond die grote backpack maar eens inpakken. Alles ligt klaar, dus dat is hopelijk niet al te veel werk meer.

Lastminute-tips zijn overigens van harte welkom. En als het er vanavond niet meer van komt om nog een laatste blogje te schrijven: tot over twee weken!

0

Cuba: voorbereiding en tips

Op dit moment ben ik met Tom een weekje in Zweden, bij mijn moeder en stiefvader. Even helemaal niets hoeven, samen tijd besteden en lekker eten. Heel erg fijn, maar deze vakantie is zo rustig dat ik het dáár even niet over hoef te hebben vandaag. Maar over reizen gesproken: nog minder dan twee maanden voordat ik naar Havana vlieg! Hoogste tijd dus om me wat verder voor te bereiden op m’n tweewekelijkse reis naar Cuba.

zweden1
zweden2

Het is druk in Cuba

Alle verhalen van reizigers zijn op één punt hetzelfde: het is op dit moment hartstikke druk in Cuba en het lijkt er niet op dat dat gaat veranderen. Hoewel ik dus graag op de bonnefooi was gaan reizen, heb ik toch besloten een reisplan te maken en m’n accommodaties (casa particulares) en busreizen te boeken. Daar heb ik deze week een ochtend de tijd voor genomen.

In het kort: ik besteed eerst een paar dagen in Havana en reis dan door naar Vinales. Vervolgens naar Cienfuegos, Trinidad en Sancti Spiritus. Via Santa Clara reis ik dan weer terug naar Havana.

Sinds ik mijn reis naar Cuba boekte, hoor ik echt uit alle uithoeken van m’n sociale leven mensen die er ook zijn geweest. Voor wie binnenkort ook naar Cuba gaat, deze tips las en kreeg ik de afgelopen tijd al van vrienden, kennissen en andere bloggers.

Tips voor je reis naar Cuba

Voor de duidelijkheid: ik ben zelf nog niet in Cuba geweest, dit blogje is geschreven op basis van wat anderen me hebben verteld en wat ik zelf heb gelezen.

  • Zoals gezegd: boek je casa’s en bus/auto op tijd! Tekenend: de rest van dit kalenderjaar kun je al geen auto’s meer huren op Cuba en ook de bussen zitten helemaal volgeboekt… Ook de tickets voor januari gaan op sommige trajecten al hard. De Viazul-bus is naar ik heb begrepen een prima (en betaalbare) manier om over het eiland te crossen, dus ik heb besloten per bus over het eiland te reizen. Boeken kan online met een creditcard.
  • In Cuba zal het soms voelen alsof je dezelfde route aflegt die alle toeristen “doen”. De Cubaanse overheid en het systeem maken het niet makkelijk om daar van af te wijken, heb ik begrepen. Bereid je daar dus op voor (en sowieso: op de aanwezigheid van veel andere toeristen ;-)). In de woorden van Dennis Storm (3 Op Reis): “Het lijkt wel of Cuba twee gezichten heeft: een voor de toeristen en één voor de Cubanen”. Buiten het gebaande pad gaan is moeilijker, maar niet onmogelijk. Voor mij een reden om naast het (toeristische) Trinidad ook het (als het goed is nog wat minder massale) Sancti Spiritus te bezoeken.
  • 3 Op Reis maakte twee leuke afleveringen over Cuba. Met name de meest recente – die met Dennis – bevat veel nuttige tips. De andere, met Edsilia Rombley (2008), lijkt wat sommige informatie betreft verouderd, maar is nog steeds leuk om te kijken.
  • Neem genoeg contant geld mee. Pinnen schijnt in Cuba moeilijk te zijn; met een VISA-card kun je nog wel eens geld halen, MasterCard is nog lastiger. En naar ik heb begrepen zijn soms de automaten ook leeg vanwege het grote aantal toeristen op zoek naar bankbiljetten. ;) Sowieso: verdiep je van tevoren even in de twee verschillende munteenheden van Cuba, de CUC (voor toeristen, ongeveer gelijk aan de dollar) en de Peso (voor Cubanen, officieel verboden voor toeristen).
  • Neem twee creditcards mee. Pin je geld alleen bij de Cadeca-bank; die zit er in elke plaats wel één.
  • Backpack of koffer? Dat hangt er vanaf wat je reisplan is. Aangezien ik in Cuba veel ga rondreizen, kies ik voor een backpack. Aniek is zo lief om me de hare uit te lenen.
  • Zorg dat je gedroogd fruit in je tas stopt (abrikozen, vijgen, dadels, etc). Daar zitten vezels in en die ga je nodig hebben.
  • Neem altijd wat muntgeld, desinfecterende handgel en zakdoekjes mee. Dan kun je onderweg redelijk naar het toilet.
  • Regel je visum op tijd. Dit kan bij het consulaat van Cuba in Rotterdam; je kunt het ook online regelen, dan moet je je paspoort opsturen. Aangezien ik een NS-abonnement heb, koos ik voor het eerste. :) Mijn ervaring is dat het daar zo geregeld is: binnen 20 minuten stond ik weer buiten, mét tourist card.
consulaat
  • Heb je ook gedacht aan vaccinaties? Ze zijn niet verplicht, maar inenten tegen tbc en Hepatitis A wordt wel aanbevolen.
  • Koop bananen bij de kraampjes die je tegenkomt en betaal liefst in peso’s. Dan kost het bijna niets Als je betaalt in CUC’s, betaal je veel meer.
  • Koop op straat geen rum, sigaren of wat dan ook, alleen eten. Rum kun je in alle winkels vinden en de sigaren die Cubanen hebben zijn afgekeurd voor de officiële verkoop, geen goede dus. Haal ze dus in de officiële winkels of direct bij de boer.
  • Vertrouw niet 100 procent op je reisgids. Cuba verandert zó snel, dat ook gidsjes van <2 jaar oud op sommige punten alweer achterhaald kunnen zijn. (Vooral wat betreft casa’s en restaurants…)
  • Wat wel in meer ‘armere’ landen geldt: wees beducht op tourist traps. Mensen die je wel even de weg willen wijzen, muzikanten die gezellig voor je gaan spelen, taxichauffeurs die allervriendelijkst zijn: het is misschien stom, maar reken erop dat niets voor niets is. (Ik ben benieuwd hoe dit ‘in het echt’ zal zijn, heb in reisverlagen heel verschillende verhalen gelezen. Nou ja, als vrouw alleen probeer ik me niet te veel illusies te maken en een gezonde portie scepsis/wantrouwen mee te nemen.)
  • Cuba is een veilig land en prima te bereizen in je eentje, ook als vrouw. Gebruik natuurlijk wel je gezond verstand en ga op je onderbuikgevoel af ;-)
  • Tot slot: GENIET van de lekkerste mojito’s en andere cocktails, het mooie landschap, het heerlijke weer. Januari is een uitstekende tijd om in Cuba te zijn (als het goed is weinig regen en geen orkanen) en er zijn meer dan genoeg medereizigers om het gezellig mee te maken, ook als je – zoals ik – alleen reist.

Heb jij nog tips? Zeer welkom! Mailen kan naar suushi91 [at] gmail.com.

0

6x lekker eten op Texel

Het parkeervignet mag dan nog steeds op de voorruit van de auto zitten, toch lijkt het alweer eeuwen geleden dat Tom en ik een weekje vakantie hadden op Texel. (En stiekem is dat natuurlijk ook zo: we waren er in juni.) Maar hé, ik ben jullie nog een lijstje eet- en drinktips op het eiland verschuldigd. Waar kun je lekker eten op Texel? En waar moet je vooral wegblijven?

In een week tijd deden we dus héél wat eet- en drinktentjes op het eiland aan. Sommige waren zéér geslaagd, andere wat minder. Om jou die slechte(re) ervaringen te besparen, deel ik hier m’n persoonlijke toppers (in willekeurige volgorde).

Venezia

Wat: pizzeria
Waar: Den Burg
Budget: 10 euro p.p. (excl. drankjes)

Zoek je eenvoudig, lekker én budgetvriendelijk eten zonder al te veel poespas, ga dan naar Venezia. Deze qua interieur oubollig-kitscherige Italiaan serveert prima pizza’s en pasta’s voor een schappelijke prijs. Daarom erg geschikt voor grotere gezelschappen, maar met z’n tweetjes kun je er ook prima zitten.

(c) Venezia
(c) Venezia

Lokaal 16

Wat: ontbijt- en lunchcafe annex koffiebar
Waar: Den Burg
Budget: 3-25 euro p.p. (net wat je wilt ;))

Van een eiland als Texel, waar toch relatief veel oudere mensen en gezinnen komen, verwachtte ik helemaal geen hip koffietentje. Daarom was ik blij verrast toen we Lokaal 16 vonden. (Als je gewend bent aan de hipsterheid van Utrecht, snak je op een gegeven moment toch naar thee-van-losse-blaadjes en een goed stuk carrotcake ;)) Dit kleine tentje zit een beetje verstopt in de ‘restaurantstraat’ van Den Burg. Ze hebben er lekkere tosti’s, koffie, gebak en ook verse sapjes en smoothies. Vooruit, mijn gezonde sapje was toch íets te veel gember, maar niettemin: leuk!

De Smulpot

Wat: overdag café, ‘s avonds restaurant
Waar
: Den Burg
Budget: 5-40 euro p.p. (afhankelijk van of je een drankje doet of gaat dineren)

Wat aan de buitenkant oogt als een vrij doorsnee bruine kroeg, is eigenlijk een hartstikke hippe plek. En de wijn! O, de wijnkaart van de Smulpot wilde ik wel hélemaal proeven (maar dat liet mijn budget niet toe). Meer-dan-prima hapjes trouwens ook hier, althans de bruschetta’s die we hier op dag 1 op het terras aten waren uitstekend. Als je nog niet overtuigd bent: ze delen gratis bitterballen rond aan gasten.

Bij het restaurant zit trouwens ook een hotel. Kan me voorstellen dat dat best een prima plek is om je vakantie op Texel te vertoeven.

(c) De Smulpot
(c) De Smulpot

Kaap Noord

Wat: strandpaviljoen
Waar: De Cocksdorp
Budget: 20-30 euro p.p. (voor 3 gangen)

Dit is de enige tent waar we in een week tijd twee keer zijn geweest. Dat zegt wat, nietwaar? Bij Kaap Noord – zoals de naam al doet vermoeden helemaal op de noordpunt van het eiland – kun je zowel buiten op het terras als binnen lekker zitten. De sfeer is zoals dat hoort in een strandpaviljoen: ongedwongen, beetje ruig (je kunt het ook rommelig noemen), gezellig dus en met lekker eten. Ook de maaltijdsalades hier zijn een aanrader als je na een week vis, pizza en friet zin hebt in iets gezonds. ;) Loop na het eten een stuk over het strand of richting vuurtoren om uit te waaien.

Rokerij Van der Star

Wat: Vishandel met verse vis uit de Noordzee
Waar: Oudeschild
Budget: 2-8 euro p.p.

Op een eiland moet je natuurlijk minstens één keer goede vis eten. Bij Rokerij van der Star, naast de haven van Oudeschild, ben je aan het goede adres. De gerookte paling die wij hier aten was werkelijk god-de-lijk en de haring was zó zacht, jeetje, ik wist niet dat haring ook zo kon smaken. Bakje patat erbij, prima lunch of snack tijdens je fietstocht over het eiland. Hier kom ik zeker terug.

Novalishoeve

Wat: biologische boerderij en lunchcafé
Waar: Den Hoorn
Budget: 3-10 euro p.p.

Zodra ik het erf opliep, was ik helemaal blij. Want wat een leuke plek is de Novalishoeve zeg. In Zweden heb je dit soort plekken heel veel: boerderijen met een horecagelegenheid erbij, waar zelfgemaakte producten worden opgediend – die je bovendien vaak ook nog kunt kopen in het winkeltje ernaast. Bij de Novalishoeve bakken ze hun eigen brood en brownies, serveren ze goeie koffie én kun je over het terrein struinen en de varkens in de stal zien chillen. Als je houdt van een beetje biologische gezelligheid, ben je hier aan het goede adres.

(c) Biojournaal.nl

PS. Ik ben normaal niet zo van het bashen van restaurants, maar blijf alsjeblieft weg bij Pizzeria Italia in De Koog. Deze tent had toen wij erheen gingen een 8.4 (!!!) op Iens, maar de pizza’s zijn echt te goor voor woorden. Kartonnen bodems en smakeloze toppings. Geloof me, dan kun je nog beter patat gaan halen – maar liever nog een bakje verse vis!

0