A little bit of everything, all rolled into one

tien dingen van de zomer

Jongens, waar is de zomer gebleven? Vier september is het, ik beweeg me met honderdveertig kilometer per uur richting Nijmegen, een druilerig landschap flitst langs het raam. Donkergroen en grijs – de tinten van het limbo tussen nazomer en herfst.

Wat een rare maanden waren het. Tot diep in juli had ik het gevoel dat het nog mei was, de dagen leken gewoon te veel op elkaar. Feitelijk ‘miste’ ik ook zo’n drie weken – in maart zaten we immers achttien dagen in thuisisolatie.

Oké, maar er was toch heus wel wát, dit afgelopen seizoen. Omdat kaderen altijd helpt om overzicht te krijgen: een lijstje met tien dingen van deze zomer.

1. Ik begon met vloggen

Oké, stiekem al in april, maar na wat aarzelend gepruts in iMovie stapte ik al snel over naar Final Cut Pro. En nee, pro ben ik nog lang niet maar ik word langzaamaan wel beter in video’s maken. Zo zie je maar weer: als je iets wilt leren, moet je gewoon beginnen. Durf maar, ook als het resultaat niet meteen geweldig is. De enige manier om te komen waar je heen wilt, is door te doen.

Bekijk mijn YouTube-kanaal.

2. We gingen tóch op vakantie

Wel, niet, wel, niet, tóch wel… Tja, toen de coronacrisis in maart begon, zagen B en ik onze reisplannen voor later dit jaar al snel in het water vallen. Dit wordt een zomer in Nederland, concludeerden we. Tot in juni het aantal besmettingen zo hard daalde dat we tóch naar Italië konden – dachten we, want half juli begon het tij te keren.

Ik ben superblij dat we uiteindelijk wél even naar het buitenland zijn gegaan. Die twee weken Frankrijk waren precies wat ik nodig had om een beetje zomergevoel te kweken.

3. Nooit eerder werkte ik zo lang en zo vaak thuis

En dat beviel verrassend goed. Deze week ben ik voor het eerst weer vier werkdagen op pad, en dat is best wennen.

Lees ook: 4 lessen uit 4 maanden thuiswerken: zo houd je het nog even vol

4. Ik leerde mezelf over SEO en gaf Suushi een upgrade

Weet je nog dat het hier voorheen meer een eenvoudig online schrijf-schriftje was? Ook fijn hoor – niet voor niets keer ik al jaren steeds weer terug naar minimalistische WordPress-thema’s. Maar weet je, zo’n eenvoudige lay-out heeft één nadeel: eerder schrijfwerk op dit blog (lees: de 1.582 posts die níet op de homepage staan) is vrij moeilijk te vinden.

Tenzij je op goed geluk gaat grasduinen in het archief, kom je niet zomaar de teksten tegen waar ik het meest trots op ben. En dat vond ik zonde.

Dus installeerde ik deze zomer de Yoast-plugin, las een heleboel over zoekmachineoptimalisatie én besloot welke lessen ik daaruit meenemen en welke ‘trucjes’ ik lekker naast me neerleg.

SEO-tips: zo is je blog beter vindbaar in Google.

5. Plantaardig eten werd een gewoonte

In Frankrijk stopte ik me twee weken lang vol met wijn en kaas. En hoewel ik genoot van al die camembert, geitenkaas, saint augur en epoisses, was ik er eenmaal thuis hélemaal klaar mee. Een week lang at ik plantaardig, en dat voelde zo goed dat ik er eigenlijk sindsdien mee door ben gegaan.

Ben ik dan nu strikt veganist? Nee, allerminst. Ik eet plantaardig zolang dat fijn is en goed voelt, en maak hier en daar uitzonderingen als dat zo uitkomt. Wekelijks ontdek ik allerlei nieuwe lekkere plantaardige vervangers voor dierlijke producten – en dat ervaar ik als een superleuke zoektocht.

Mijn favoriete ontdekkingen:

  • KwarQ sojakwark van Albert Heijn. (Ook B is fan en eet dit nu vaak als ontbijt in plaats van zijn vertrouwde boterham met kaas.)
  • AH haver fraiche, creme fraiche op basis van haver.
  • Chocolade-mueslirepen van TREK, fijn en vullend tussendoortje.
  • De verse fudge brownies van EkoPlaza.
  • Taartjes van Rose & Vanilla. (Let op, niet alles is hier vegan, maar het meeste wel.)
  • Karmasan, vegan parmezaanse kaas, ook verkrijgbaar bij EkoPlaza.
  • Natura ei-vervanger (= een mengsel van lupinemeel en maiszetmeel), ik gebruik ‘m vooral voor pannenkoeken.
En deze quiche met tomaat en basilicum!

6. Ik had inspirerende ontmoetingen

De laatste tijd ben ik nogal zoekende in mijn werk – een van de redenen dat het hier een beetje stil is, want zoals je zult begrijpen is dat nogal een persoonlijk proces. Om mezelf op weg te helpen, voerde ik afgelopen maanden een aantal gesprekken met anderen in mijn netwerk. Een paar keer mondde zo’n ‘koffiedate van een uurtje’ uit in urenlang praten over het leven. Wat een energie gaf dat!

7. Ik kocht een racefiets

Jaaa, Ruby het Racemonster mag natuurlijk niet ontbreken! Na drie maanden op m’n Marktplaatsfietsje vond ik het tijd om te investeren in een fiets die me écht goed past. En hoewel ik nog minder van Ruby heb genoten dan ik had gehoopt (peesontsteking, je weet wel), ben ik superblij met haar.

Wacht maar, volgend seizoen gaan we samen knallen.

8. Mijn 29e verjaardag was een klein-maar-fijn feestje

En dat was eigenlijk precies goed.

9. Voor het eerst kregen vrienden een baby

Weet je nog dat ik vorig jaar ceremoniemeester was op een bruiloft? Nou, die lieve vrienden van me hebben vorige maand hun eerste kindje gekregen. En o wat is ze mooi en leuk!

Dit is voor het eerst dat directe vrienden van mij een baby krijgen, en eigenlijk voelt dat verrassend ‘gewoon’. Zelf kan ik me bij kinderen hebben nog weinig voorstellen – al denk ik er wel over na – en stiekem is het best handig om eerst bij anderen te spieken hoe dat nou is, zo’n gezinsleven. Voorlopige conclusie: niet eens zo wereldschokkend als ik dacht.

10. Ik gaf me op voor een schrijfcursus

Eind september begint-ie pas, m’n cursus Wijnschrijven en Culinair schrijven, en ik kan niet wachten. We hebben al een eerste opdracht gekregen – komende weken hoef ik me dus niet te vervelen.

Sowieso is er genoeg te doen, nu alle dingen in het leven weer zo’n beetje zijn begonnen: nieuwe werkprojecten, pianoles, yoga, zwemmen, mijn voorleesgezin en niet te vergeten het spannende Pandemic Legacy-spel dat we spelen met E en J.

Genoeg om over te schrijven en de filmen dus. Het wordt wel weer eens tijd voor een weekvlog, vind je niet?

0

Brownies en Maroon 5

Nee, het verhaal van Cuba is nog niet verteld, maar even een Nederlands blogje tussendoor hoor. Het is tien uur ‘s avonds en ik zit aan de keukentafel te wachten tot m’n brownies klaar zijn. Morgen is mijn laatste werkdag bij NU.nl. Dat voelt raar en een beetje onwerkelijk, des te meer omdat ik sinds half januari niet meer op de redactie in Hoofddorp ben geweest.

Eerst had ik 2,5 week vakantie en daarna – vorige week – lag ik met koorts in bed. Dubbel balen, want ik zag juist zo uit naar die laatste diensten.

Maar wacht, wat, weg bij NU.nl?

Ja, snik snik, maar met een leuke reden: sinds 1 januari ben ik in vaste dienst bij Einder! Een contract voor onbepaalde tijd – jeetje, dat was nog eens een mooie start van het jaar. (Ik weet eigenlijk niet meer zeker of ik dat hier al verteld had, maar ik geloof het niet.)

Hoewel ik nog steeds 0,7 fte werk – de ene week vier, de andere week drie dagen – voelde het tekenen voor Einder-op-lange-termijn als een goed moment om te stoppen als freelance economieredacteur. Een makkelijk besluit was het niet, want NU.nl is een supervette werkplek waar ik het afgelopen jaar veel heb mogen leren.

Toch is het tijd om verder te gaan. Waarom? Waarmee? Met Einder natuurlijk, maar verder? Dat weet ik nog niet. Wat ik wel weet: dat ik het schrijven van creatieve, journalistieke verhalen een beetje mis. Ja, natuurlijk schrijf ik ook bij Einder – en ook heus mooie verhalen! – maar stukken zoals ik ze tot vorig jaar voor de Volkskrant schreef, dát wil ik weer meer doen.

Dit stuk bijvoorbeeld over studenten van laagopgeleide ouders.
Of deze rubriek, over de verdiensten (ja ja) van Jos van Rey.
En een populair-wetenschappelijk stukje schrijven over flossen was ook best interessant.

En hey, nu ik toch dromen en wensen op internet aan het gooien ben: schrijven voor Happinez lijkt me ook gaaf. Of voor LINDA. (Tja, wie wil dat nou niet? Maar hey, dream big.)

Hoewel ik nog wel een paar ideetjes ‘op stapel’ heb liggen, ontbrak het me de afgelopen maanden aan de tijd om die fatsoenlijk uit te werken. Laat staan om te investeren in mijn schrijfskills (regel 1 van Stephen King: read a lot, write a lot) en mezelf uit te dagen door te oefenen met andere woorden, nieuwe tekstvormen. M’n oud-Volkskrantcollega Rik Kuiper is bijvoorbeeld een gaaf webstekje begonnen: de Verhalengarage, waar hij ‘op onregelmatige basis journalistieke verhalen demonteert’ zodat je daarvan kunt leren. Dat lijkt me sowieso iets om in de gaten te houden.

(Even een zijpaadje: ik ben soms een beetje geintimideerd door de schrijfsels van Henk van Straten. In het bijzonder door dit stukje, waarin ‘ie de “echte schrijver” en de “succesvolle auteur” naast elkaar zet, naar aanleiding van de vraag: zou je een relatie kunnen hebben met iemand van wie je het schrijfwerk slecht vindt? Ik weet dan ineens niet meer zo goed of ik wel zo’n Echte Schrijver ben/zou kunnen worden, ooit. Ook al zeggen jullie nu misschien ‘Suus, houd je bek’.)

Goed. Intussen beginnen de brownies lekker te ruiken, terwijl ik op YouTube het ene na het andere nostalgische liedje draai (van de emo-rock à la Breaking Benjamin/30 Seconds To Mars die ik als zestienjarige luisterde tot Maroon5 en Kelly Clarkson, jaja #guiltypleasures #noshame et cetera).

Morgen eerst maar eens die pan opsmikkelen met m’n collega’s – ik ga hen missen.
En wat daarna betreft: plan A is gewoon om de komende tijd even geen plan te hebben voor de 1-2 dagen in de week die vrij komen. Laat ik het maar gewoon even een tijdje kriebelen. Zien wat er dan gebeurt.* De financiele noodzaak om opdrachten te vinden is er niet en da’s een luxe die ik niet eerder heb gekend. Rest dus de vraag: what would you do if money were no object? How would you réally enjoy spending your time? (Klik)

Natuurlijk weet ik dat wel. Schrijven, schrijven. Denken, dromen, verhalen vertellen. De toppen van mijn kunnen verkennen.
En daarom dus nu: ruimte vrij maken, zodat nieuwe dingen kunnen ontstaan. ‘t Wordt voorjaar, tijd om te zaaien.
Ik ben benieuwd wat er in 2017 allemaal gaat groeien.

*Zul je zien dat er dan morgen net een superleuke klus komt – ik ben niet zo heel goed in ‘nee’ zeggen tegen leuk werk en da’s misschien maar goed ook.

0

CUBA – TRAVEL REPORT day 8: Cienfuegos

So… where was I?

Suddenly almost a week passed. And I didn’t spend it like I thought I would… on Monday, I was very happy to go to work (really!). OK, of course I had to get used again to the ‘waking up at 6:30 AM’-part of the day, but as soon as I was in the train to Nijmegen, I couldn’t wait to see my colleagues again and get started with some writing.

Or actually: my brain was happy about that. To be honest, my body felt like crap, and I spent most of the 1 hour-train ride sleeping (which I usually never do, especially not in the mornings, because it makes me even more sleepy the rest of the day).

Long story short: after quite a fuzzy work day (despite a lot of tissues, nose spray and some painkillers I went home an hour earlier) I got into bed… and didn’t get out until Thursday afternoon. Tuesday morning I woke up with a pretty high fever (40 degrees Celsius) and I basically slept for three days and three nights, before I finally felt a bit alive again.

So uh, yeah, not quite how I had imagined my first week after a 2,5 week-vacation.
But now, back to that! After my reports on Havana and Vinales, I know you’re all very curious to know what the rest of my Cuba trip looked like, right? ;)

8 HOURS IN THE BUS… WITH FOOD POISONING 

OK, that sounds worse than it was, really. First of all, I was very happy that Kathrin, the German girl I’d been traveling with since Havana and who was going to share my casa in Cienfuegos, joined me on the bus. We met each other at the bus station at 6:30 am, when Salvador (my host) dropped me off with my bag. (Thank you Salvador, for being so kind to carry my heavy backpack here, while I wasn’t feeling well.)

The bus ride was going to take most of the day. It departed at 6:45 am and the estimated time of arrival was 2:30 pm. At the time of departure my stomach still hurt pretty badly, but luckily I didn’t have to go to the toilet all the time. I’m happy to say I slept most of the ride. By the time Kathrin woke me up for the 45 min lunch stop, it was already past noon.

My ‘lunch’ consisted of a can of coke, since I didn’t feel like eating yet – and especially not food from a highway restaurant buffet. I slowly started to feel a little better though (I think by then I’d taken 6 immodium pills, so yeah) and I spent the last 1,5 hours of the ride being awake and staring out of the window – which is never boring, when you’re driving through Cuba.

FINALLY… CIENFUEGOS!

When we entered the city of Cienfuegos, I immediately noticed how many texts and images of Fidel/Che there were in this town. Also, this seemed to be the first place where the ‘horse and carriage’ was still a common-used way of transportation – and not just a tourist-y thing.

I’d only stay one night in Cienfuegos; the next day, I’d travel further to Trinidad. My travel buddies – Kathrin, Ismay and Jason, the latter two took a taxi collectivo to Cienfuegos – weren’t sure yet whether they’d stay one or two nights. In fact, I wouldn’t have minded staying another night, but that would mean I’d have less time in Trinidad.

Once Kathrin and I had found our casa and unpacked our stuff, we decided we’d walk to Punta Gorda, the southern part of the city. It’s the bay area and our host told us we’d get a terrific view of the sunset at the Palacio de Valle, an eclectic-style palace with a nice rooftop terrace.

Time for a drink! As much as this looked like the perfect spot for another mojito, I figured it’d be better if I didn’t drink alcohol, today, so I had a fresh lemonade while Kathrin ordered a Cuba libre (coke + rum).

JUST ONE PROBLEM… WHERE WERE JASON AND ISMAY?

The night before, we had agreed that we would meet Ismay and Jason in Cienfuegos. Ismay and I had each other’s phone numbers, so we’d just send a text message. But it appeared that my phone hardly had any service in Cienfuegos. Finally, after many attempts, I got to send one message (in which I told her we were at the Palacio de Valle to watch the sunset), but I didn’t get a response so I didn’t know if she had received it.

I was just thinking about leaving the place and trying to find them at their casa (of which I had the address), when two familiar faces walked to our table. Just in time to enjoy an amazing seaview sunset. :)

When the sun was gone, the four of us shared a taxi back to the city centre. After a short stop at a WiFi park (Parque Martí), we went for some food. I was still a little scared to eat unknown food, but I had some fries and a few bites of salad. Afterwards, we walked to the casa of Jason and Ismay. They said it was a great place, because instead of just one room they had a whole appartment to themselves – and indeed, it was a nice place to hang out and play some drinking games.

Unfortunately, just after 11 pm their land lady decided it was time for me and Kathrin to leave, so we said the others goodbye, got ourselves a sort-of-shady taxi and went to bed…

IT WAS MY BEST NIGHT IN CUBA SO FAR

Seriously. In Havana I slept in a very basic hostel bed, in warm dormitory with 4 others and a humming fan. In Vinales I did have a good bed and a silent roommate, but the town itself was quite loud (roosters awake from 4 am, babies awake from 5 am, et cetera).

None of this was a real problem to me, since I’m quite good at sleeping everywhere, but wow, the casa in Cienfuegos had it all: an excellent bed, a silent neighborhood, perfect temperature. And I wasn’t the only one who woke up on Friday feeling totally rested – Kathrin also said it was the best night for her in days.

After breakfast, I went for a run! I really wanted to go running in Cuba, so I brought my stuff with me, but up until now there hadn’t been a good opportunity. But Cienfuegos, with its wide, sunlit streets, was perfect. I went for a 5K along the Malecón. It was hot – and I loved it.

After a cold shower and about a liter of water, I packed my stuff, just like Kathrin, and we went back to the Viazul bus station. Although I felt I’d actually not seen much of Cienfuegos, it was time to move on to Trinidad. In the end, my travel companions decided to to the same – I have to say I was pretty happy about that, because I really liked exploring Cuba together and we were having a good time.

The others still had to book their bus tickets – during the whole trip, it appeared I was quite much of a control freak, compared to the others :’) , since I’d pre-booked everything. But hey, all my travel companions had months to travel, while I only had 13 days in Cuba, so I’m still happy I didn’t have to worry about my casa’s and transportation. It really saved me a lot of precious time waiting in lines/looking for accommodation.

Nevertheless, this afternoon I did have to wait in order for the others to get ready. First of all, we couldn’t find Jason and Ismay (again…), but while I went looking for them, I did find Jono, the other Australian guy we’d met earlier. He had gone diving for a few days and was now also heading for Trinidad.

The three of us (me, Kathrin, Jono) decided to get a taxi collectivo together. That meant I’d bought my bus ticket for nothing, but it was only 6 CUC and I decided having good company – and not having to find each other AGAIN without the possibility to send text messages – was worth a few extra CUC for the taxi. Up until now, I had already saved a lot of money by sharing all my casa’s with friends.

ABOUT MEETING FRIENDS

Let me say one more thing about this ‘trying to find each other without phone communication’ thing. Actually, I thought it was quite funny and an interesting experience. You know, we’re all so used to being able to call/text one another all the time. In Cuba, you can’t rely on that, so you have to make appointments, like: “Let’s meet tomorrow at 11 am in front of this-or-that-building.” Or: “We’ll see each other in Trinidad in our own casa, around 4:40 pm. If not, we’ll meet at 6:30 at the main square.”

And somehow, things always turned out fine. Like today: just when we’d given up on finding Jason and Ismay (we figured we’d find them in Trinidad, since we had each other’s casa addresses), I saw the two of them walking down the street. I jumped out of the taxi and ran toward them. Apparently they’d already booked bus tickets for later that afternoon, so we made some solid appointments about where and when to meet each other in Trinidad.

What followed, was another really nice and bumpy ride – in an extremely rusty and creaky old timer taxi. The landscape between Cienfuegos and Trinidad is really beautiful, and the ride took us less than 1,5 hours. I’d really recommend anyone to take a taxi for this trip, since there are more than enough taxi drivers in Cienfuegos offering you a ride to Trinidad (never pay more than 8 CUC per person, though – sometimes you can get it for 6).

O yes, I really enjoyed that ride. Writing this, I actually feel a little homesick – especially now that it’s really cold and snowy outside, here in Utrecht. Can I go back?

Yes, we drove in this thing for 1,5 hours – and at quite a speed, too. Our luggage was on top of the car. You can hardly believe it doesn’t fall apart, right?! ;)

0

Semi-kort update-blogje

Wat vliegen de weken ineens weer. Zo zit je vijf van de zeven dagen thuis, zo ben je plots weer elke dag op pad. En ja, dan is er ineens ook een stuk minder tijd om te schrijven… Ik heb ontzettend veel plannen voor Suushi, loop over van de schrijf-ideeen, maar heb eenvoudigweg geen tijd om ze uit te werken. Luxe-probleem hè?

Goed, even kort dus maar. Wat spook ik allemaal uit?

vkstuk

  • Vorige week werkte ik een groot deel van de tijd aan een artikel voor Vonk, het zaterdagkatern van de Volkskrant. Over hoe media omgaan met rapporten zoals dat van de commissie-Oosting, over de Teevendeal. ‘Eerst nieuws brengen, dan pas filteren’…. Je kunt het hier lezen.
  • Tussen het schrijven door ook nog tijd voor hardlopen, chillen op m’n balkon in de zon met wijntjes & kletsen met vriendinnen.
  • En o ja! Ik schreef me in voor de halve marathon van Eindhoven. Op 9 oktober sta ik aan de start, samen met een paar vriendinnen. Spannend weer, zin om te trainen, yes, let’s go.

10kveerle
Samen met m’n nieuwe vriendinnetje Veerle beet ik alvast ‘t spits af, zondag.

  • Vrijdagavond nam Tom me als verrassing mee uit eten. In Maarssen, of all places, bij een espressobar (!) waar ze een paar keer per maand heerlijke driegangenmenu’s serveren. Je verzint het niet. Maar echt, dikke aanrader. Binnenkort meer hierover. (Al durf ik niet te zeggen wanneer – zoals ik zei, drukke weken.)
  • We gingen ook nog naar IKEA (op zaterdagmiddag nota bene! En we maakten zelfs geen ruzie!), gaven een berg geld uit aan nieuw meubilair en richtten de extra kamer in ons huis in als kleine werkruimte met bureau. Eerst fungeerde die ruimte vooral als berghok van zooi & verhuisdozen, dus ik ben blij om te zien dat Tom er op dit moment lekker aan het gamen is.
  • Al een maand wonen we nu in het nieuwe huis – wat zeg ik: vijf weken! En we moeten nog stééds de lampen en schilderijen ophangen.. en gordijnen kopen.. en overbodige troep in de schuur naar de kringloop brengen.. met andere woorden, die verhuizing houdt me nog wel even bezig.

Overigens genieten we intussen allebei wel enorm van het nieuwe huis. Toch was het best gek om vorige week de sleutels van ons oude plekje in te leveren. End of an era… Terwijde, je was fijn. Maar o, wat is het leuk om ineens zo dichtbij de stad te zitten en te kunnen lopen (LOPEN!) naar vrienden toe.

Deze week werk ik vier dagen bij NU.nl. Zo onderhand zitten mijn inwerkdiensten er bijna op; donderdag heb ik mijn eerste ‘echte’ dienst. Toch nog best spannend. Het is leuk op de redactie in Hoofddorp, ik werk in een gezellig team en leer veel nieuwe dingen op de economieredactie.

Tussendoor tik ik ook nog hard aan een andere deadline voor de Volkskrant en daarnaast ben ik ook bezig met een erg leuk stuk voor Adformatie. Dat hoeft pas eind juli af, maar aangezien die maand nog veel drukker gaat worden, schrijf ik het ‘t liefst zo veel mogelijk nu al.

Over anderhalve week gaan Tom en ik samen een paar dagen lekker naar Texel. Barcelona stond ook hoog op mijn travel wishlist, maar Tom wilde liever niet vliegen (want: klimaat!) en daar had ‘ie eigenlijk wel een punt. Dus waarom dan niet je eigen land verkennen? Nu ken ik Texel al redelijk, maar hij nog niet en het is een fijn eiland. Lekker burgerlijk wandelen, fietsen, spelletjes spelen en lekker eten… Uitwaaien bovendien, voor op 1 juli weer een hoop gaat veranderen.

Want dan begin ik drie dagen in de week als tekstschrijver bij Einder!

Ik kan niet wachten.

footosuus

PS. Kort, kort..ja ik weet het, 570 woorden is niet echt een kort blogje hè. Sorrynotsosorry.

 

0

Fed Up

Hoi, ik ben Suus en ik ben verslaafd aan suiker.

“Hallo Suus.”

OK, misschien overdrijf ik een beetje.

Maar nadat ik deze week de documentaire Fed Up keek, dacht ik toch weer: ja, iets minder suiker, dat kan geen kwaad.

Ik zag het NPO Gemist-linkje al minstens vier keer voorbij komen in mijn Facebook- en Twitterfeeds. Niet alles bleek nieuw voor me, maar er zaten een hoop opfrissertjes tussen. En die deel ik graag met jullie.

Noot: zomaar wat notities en observaties die me te binnen schoten tijdens het kijken. Zelf oordelen? Check die docu! Hij duurt anderhalf uur en het eerste kwartier dacht ik ‘uh, waar gaat dit heen’, maar daarna werd het dus mega-interessant.

Het gaat natuurlijk allemaal om Amerika, deze documentaire. Toch vrees ik dat we hier in Europa hard op weg zijn dezelfde kant op te gaan. Ook hier vind je op alle stations voedselverleidingen. Ook hier zijn er kinderen die opgroeien met suiker in overvloed. Die niet beter weten dan dat ze lam en hangerig zijn van de K3-koekjes en pakjes Taksi waar ze dagelijks op leven.

En: ook hier zit in een groot deel van de spullen die je in de supermarkt kunt krijgen (toegevoegde) suiker en ook hier denken veel mensen nog steeds dat ‘light’ staat voor gezond.

Nee, zegt Fed Up. Want:

  • Een light-product is, wat de voedselindustrie je ook wil doen geloven, geen gezond alternatief. Bij veel lightproducten is het vet vervangen door suiker. En daarmee ben je eigenlijk nog verder van huis dan wanneer je “gewoon” het volle product (met mate) eet.
  • Bovendien: als je cola light drinkt of een ander product met aspartaam/stevia/zoetstof, reageert je lichaam op die zoetstoffen precies hetzelfde als op suiker. O YEAH IETS ZOETS, denkt je lijf, ‘laat ik gauw meer insuline aanmaken’. En te veel insuline zorgt er dus voor dat sneller vet wordt opgeslagen. Daar komt nog bij dat het zoete ook maakt dat je hongerpikkel wordt gestimuleerd.
  • Suiker is verslavend. Dezelfde gebieden in je brein lichten op als bij heroine/cocaine. In feite is suiker zelfs 8 keer verslavender dan cocaine.
  • De voedselindustrie is écht ontzettend machtig. En is er niet uit om jou gezond te houden, maar om geld te verdienen.
  • Vruchtensap wordt in je lichaam op precies dezelfde manier verwerkt als cola. Eet liever heel fruit, want daarin zitten nog vezels die het ‘schadelijke’ effect van de grote hoeveelheid suiker afremmen.
  • Veel zinniger is het om kant-en-klaar/bewerkt voedsel te laten staan en zelf te koken, zodat je gezonde maaltijden eet waarvan je zeker weet dat er niet een paar eetlepels suiker in verstopt zit.

Klinkt allemaal best logisch. Niet héél verrassend, zou ik zelfs willen zeggen. Maar daarnaast waren er ook dingen waar ik toch wel een beetje van schrok:

  • Dat je niet dik bent, wil niet zeggen dat je niet ongezond bent (!). In deze valkuil trap ik wel eens. ”Ach, ik kan het hebben’, denk ik dan, en vreet nog maar een paar koekjes/reep chocola weg. Maar volgens experts in deze documentaire bestaat er ook zoiets als “dun van buiten, dik van binnen”. En dat heeft dezelfde gezondheidsrisico’s (hartziekten, kanker, diabetes, et cetera). Hoe je lijf eruit ziet is dus lang niet altijd representatief.
  • Sommige voedingsproducten maken je letterlijk dik. Dat komt doordat ze alleen van suiker gemaakt zijn; dat zorgt ervoor dat meer insuline wordt aangemaakt. En insuline (= een hormoon) zet glucose in je lichaam direct om in vet. “Dat is simpelweg de taak van insuline.”
  • Logisch gevolg van het bovenstaande: twee producten die evenveel calorieën bevatten, kunnen door je lichaam volledig anders worden verwerkt. Een twee volkorenboterhammen zijn dus niet te vervangen door een chocolate chip cookie. ;) Calorieen tellen zegt dus niet alles. (Dat gevoel had ik altijd al, want als alle glazen wijn die ik in mijn leven heb gedronken 1 op 1 zou hebben ‘meegeteld’, zou ik 100 kilo wegen ;p).

Wat me tot slot nog bij blijft:

  • De docu laat treffend zien hoe de voedselindustrie in haar lobby steeds met de vinger wijst naar “meer bewegen”. Dat heeft maar tot op zekere hoogte zin. It is about the food, we’re eating.
  • Eén maaltijd met veel suiker of 1 glas frisdank op z’n tijd maakt je niet dik, maar jarenlang dagelijks dit soort producten eten wel.
  • Gezondheidsorganisaties adviseren om niet meer dan 10 procent van je dagelijkse voeding uit suiker te laten bestaan. Shit, dat is bij mij sowieso veel meer. :’) (Ik denk niet dat ik dit echt ga veranderen want ik voel me prima en heb een gezond gewicht, maar het is nuttig om te weten.)
  • “De overheid [in de VS] subsidieert in feite de obesitas-epidemie”, aldus Michael Pollan.
  • Magere producten > te veel kaas > campagnes om mensen meer kaas te laten eten (‘cheese, glorious cheese’). Interesting.

En o ja, wat me misschien nog wel het meest aan het hart ging: die arme kindjes…

Fed Up is te zien op Uitzending Gemist.

41Q2hiuZPSL._SX200_QL80_

LET OP: de documentaire is maar beschikbaar tot 9 juni! Snel zijn dus. ;) (Al kun je hem vast ook elders vinden.)

 

 

0