• Aan jou

    Lieve lezer,

    Laat ik beginnen te zeggen: vrolijk kerstfeest! Ik hoop dat je heerlijke dagen hebt en dat je ze precies zo viert als je dat het liefste doet.

    Met deze laatste adventblog sluit ik dit decemberproject af. En eigenlijk rest me op dit moment weinig dan jou te bedanken voor je support. Of je hier nu wekelijks komt of eens per jaar, of je nu vaak reageert of vooral meeleest. Dit blogjaar was er niet geweest zonder jou (want eerlijk is eerlijk, schrijven kan ook gewoon in je dagboek). Ik word altijd weer blij als ik in m’n inbox een notificatie van WordPress vind met een reactie op een van m’n posts, of als een bloglezer me een mailtje of sms’je stuurt.

    Dus nogmaals: dankjewel.

    Mijn blog bestond dit jaar 15 jaar. Zelf ben ik inmiddels 30 en dat betekent dat ik as we speak meer dan de helft van m’n leven aan het bloggen ben. Sommigen van jullie lezen al mee sinds dag 1 – wauw, wat een bijzonder besef.

    Soms vraag ik me wel eens af of het niet enorm egocentrisch is, schrijven over jezelf. Vooral deze laatste weken, waarin ik dagelijks hier schreef, bekroop me regelmatig die gedachte: is het niet eens klaar, al dat gemijmer over ‘mij’? De wereld draait niet alleen om mij.

    Tegelijkertijd hoop ik nog altijd dat ik met m’n verhalen en gedachten anderen verder kan helpen. Dat ik, door te verwoorden wat er in mij omgaat, ook jou misschien een stukje verder kan brengen in je proces. Ik weet in elk geval dat het mij vaak helpt om te weten dat ik niet de enige ben met dingen. En dat het tot diepe(re) verbinding kan leiden als je weet wat er in een ander leeft. We zijn allemaal mensen met een imago én een binnenwereld – juist in tijden van social media en maatschappelijke verharding is het goed om onszelf daaraan te herinneren. Om te blijven zoeken naar wat ons bindt.

    Ik geloof echt dat we dan ontdekken dat er tussen ons meer overeenkomsten dan verschillen zijn. Ook de grootste pestkop van de klas is uiteindelijk maar iemand met onzekerheid en pijn. Die collega die zo vaak hard oordeelt over anderen, is waarschijnlijk vooral knetterhard voor zichzelf. En ouders die onbedoeld hun kind tekort doen of beschadigen, hebben misschien toen ze zelf klein waren nooit geleerd hoe ze het anders kunnen doen.

    Dus ja, laten we vooral onze verhalen blijven vertellen. Laten we delen wat er in ons omgaat, ook al is dat moeilijk of ongemakkelijk.

    Weet je, vanmorgen nog zat ik huilend aan het kerstontbijt met m’n schoonfamilie, tijdens een open gesprek over echtscheidingen en en loyaliteit. Een stukje van mij wilde toen het liefst wegrennen. Weg van het ongemak. Niet dealen met deze confronterende gevoelens. Maar ik bleef zitten en al snel was ik niet de enige bij wie er tranen over de wangen liepen. Ook daar bleek: als we ruimte maken om te vragen naar de ander, om te luisteren naar elkaars gevoelens en ervaringen, blijkt dat we meer gemeen hebben dan we denken. En vanuit die rust en kwetsbaarheid ontstaat écht contact.

    Ha, nou werd het tóch nog een heel verhaal. ;-) Goed, tot zover.
    Wees maar zacht voor jezelf, deze laatste dagen van 2021. Kijk wat jij nodig hebt om bij te tanken. Het is winter, je mag je terugtrekken. Volgend jaar gaan we weer verder.

    Veel liefs!

    PS. Suushi is en blijft mijn hobby – ik hoef niet te verdienen aan dit blog en dat wil ik ook niet. Maar deze website in de lucht houden is niet gratis. Heb je dit jaar met plezier meegelezen, en wil je me steunen? Dat kan. :-) Met een donatie van 1 euro draag je bij aan m’n hostingkosten. Hier vind je een Tikkie.
    Alvast bedankt! <3

    1+
  • Mijn eerste kwartaal als zzp’er

    Zo, en dan is het kerstvakantie. Gisteravond om iets voor tien klapte ik m’n laptop dicht. Alles af, alles gelukt. Klaar voor dit jaar.

    Even bijkomen hoor.

    Nu voelt het net alsof ik uit een lange tunnel kruip. Hé, en ineens is het 24 december – nog maar een week en dan leven we al in 2022. Wat is er veel gebeurd in dit laatste kwartaal. Soms kan ik me nauwelijks voorstellen dat ik nog geen 3 maanden ondernemer ben, zo hard ging het.

    Ik weet dat ik veel voldoening haal uit m’n werk, eigenwaarde ook wel, en hoewel ik besef dat dat in potentie problematisch is (want wie ben je dan zonder je werk, en ben je nog steeds oké met jezelf als een opdrachtgever kritiek levert?) kan ik er niet onderuit dat vandaag de trots en tevredenheid overheersen. Ik heb het toch maar mooi allemaal geflikt.

    Of nee: we hebben het geflikt. Want zoals ik gisteravond al op LinkedIn concludeerde: zzp’en doe je niet alleen. De afgelopen maanden waren alleen mogelijk dankzij de opdrachtgevers die vertrouwen in me hadden, de mede-freelancers die me klussen doorspeelden en af en toe broodnodige support boden, en natuurlijk m’n liefsten – B, familie en vrienden, voor wie ik soms minder tijd en aandacht had dan ik zou willen.

    Toch even een lijstje dan: wat spookte ik allemaal uit?

    • Voor onderzoekers van de WUR schreef ik een document met de resultaten van hun onderzoek in toegankelijke taal. (Onderwerp is mega-interessant en vertel ik later gráág meer over, maar dat kan nu nog niet. ;-))
    • Ook schreef ik voor de WUR twee wetenschapsverhalen – eentje over een project met genenbanken voor planten en een artikel over de circulaire stad. Beide verhalen verschijnen in een magazine voor EU-beleidsmakers.
    • Met een zorgorganisatie in de regio Arnhem-Nijmegen werk ik aan een nieuwe brochure over hun woonaanbod.
    • Voor een denktank van de leerstoelgroep Politieke Geschiedenis aan de Radboud Universiteit (waar ik zelf in 2014 afstudeerde) verzorg ik de eindredactie van een serie rapporten over onteigend Joods vastgoed. Extra leuk is dat mijn vriendin J de vormgeving van deze rapporten verzorgt.
    • Ik interviewde ruimteonderzoeker Inge Loes ten Kate voor DUB: ‘Mars blijft toch een beetje mijn baby’tje‘.
    • We maakten weer een nieuwe VLOT, alweer het laatste nummer van het jubileumjaar!
    • Ook maakten m’n Einder-collega en ik weer een nieuwe AanZet, samen met het team van ASVZ.
    • Ik kreeg een 1-op-1-coachingsessie van niemand minder dan Jan Renkema. Dat was mega-interessant, op een gegeven moment werd het bijna een psychologische sessie.
    • Deze maand volgde ik een tweedaagse training Interviews schrijven bij de Nederlandse Vereniging van Journalisten. Dikke aanrader! Ook van Brigit Kooijman kon ik veel leren en ze gaf me waardevolle feedback op m’n interview met monnik/hoogleraar Thomas Quartier.
    • Voor de Universiteit Twente interviewde ik ontwerper Lisa Mandemaker – dat verhaal komt na de kerst online.
    • Ook maakte ik voor de UT weer 3 verhalen in de ‘Shaping2030’-serie, waarin UT’ers elkaar interviewen over hun persoonlijke ambities en drijfveren.
    • Voor UWV schreef ik (in opdracht van bureau LVB) een interview met een adviseur van het Leerwerkloket Twente, over hoe je als ondernemer je medewerkers aanspoort om zich te blijven ontwikkelen. Dit stuk wordt begin volgend jaar gepubliceerd in NLWerkt, een magazine voor ondernemers.
    • De Hogeschool van Arnhem en Nijmegen vroeg me om vier testimonial-interviews te maken over hun nieuwe jaarplan.
    • Ik redigeerde het jaarverslag 2021 van het NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies. Verschijnt begin volgend jaar.

    En dan ben ik vast nog wat kleine dingetjes vergeten… O ja, daarnaast was ik elke week bezig met offertes maken, netwerkgesprekken, kleine tussendoorvraagjes, planning en projectmanagement, factureren en meer van die dingen.

    En die 25 blogs deze maand schreven zichzelf ook niet. ;-)

    Je snapt: hoog tijd voor even helemaal niets. Uit ervaring weet ik dat het wel een aantal dagen duurt voor ik een beetje uit de doe-modus raak. Een beetje zoals een stripfiguurtje dat over de rand van een ravijn holt en eerst een tijdje in de lucht blijft doorrennen voor-ie beseft dat hij geen grond meer onder zijn voeten heeft.

    Dus wat is het plan voor komende dagen? Uitslapen, lekker eten, spelletjes doen, en hopelijk ook de rust vinden om een boek te pakken. Deze blog schrijf ik vanuit Nunspeet, waar B’s ouders wonen. Vanavond vieren we hier kerst, we blijven slapen en dan gaan we morgen in de loop van de dag op ons gemakje weer naar huis.

    Morgen krijgen jullie nog één laatste kerstblog van me, en daarna log ik ook hier even uit. Er is genoeg getypt dit jaar, genoeg inspanning geleverd. In 2021 geef ik mezelf nog één laatste opdracht: ontspannen.

    1+
  • Wat de pandemie met me doet

    Weten jullie nog, dat er 2 jaar geleden rond kerst berichten naar buiten kwamen over een nieuw virus in China? Het ‘Wuhan-virus’ werd het nog genoemd. Ach, dachten we hier, dat zal wel weer zo’n SARS-achtig ding zijn waar ze in Azië mee moeten dealen. Ver van ons bed, niets om je druk over te maken.

    Weet je nog dat er tijdens de eerste lockdown mensen aan het aftellen waren naar 1 juni 2020, want dan zouden we weer he-le-maal los kunnen? Weet je nog dat de maatregelen tegen het eind van afgelopen zomer zo’n beetje allemaal waren afgeschaft?

    Het is gek om dit blogje van oktober vorig jaar terug te lezen. Doet me beseffen ook, dat het tóch goed is om regelmatig te schrijven over de situatie van dat moment – ook al lijkt die op het moment zelf vanzelfsprekend en vermoeiend. Met de tijd wordt het alemaal zo’n blur en de dingen krijgen zo snel weer een totaal andere perceptie.

    Haha, en daar zitten we dan. December 2021 en de winkels zijn dicht, de scholen gesloten, de sportscholen leeg. Gelukkig kunnen we in elk geval nog naar de bibliotheek. Goed, ik heb niet zo’n zin om het zoveelste zeikverhaal over de coronacrisis af te steken. ;-) Maak je geen zorgen, dat wordt deze post niet.

    Op Instagram ging onlangs een vraag rond: post een foto van jezelf begin 2020, vlak voordat de pandemie losbarstte. Voor de vorm heb ik er twee opgezocht – een selfie en een foto van diezelfde avond:

    Vóór de pandemie leidde ik het leven van twintiger in de grote stad. Druk met werk, vrienden, sporten, etentjes, uitjes. Niet dat ik nou elke week nog in de kroeg te vinden was, integendeel, maar bij vlagen kón het. De foto hierboven is in TivoliVredenburg, bij de laatste Zer00s Heroes die ik voorlopig zou meemaken (maar daar had ik nog geen idee van). De selfie maakte ik een paar uur eerder, tijdens een heerlijke wijnavond met een collega.

    Inmiddels:

    • Ben ik een dertiger
    • Verhuisde ik van Utrecht naar een dorp in Gelderland
    • Heb ik een koophuis en een samenlevingscontract
    • Ontdekte ik dat ik ADHD heb (het voelt NOG STEEDS raar om dit te schrijven)
    • Heb ik m’n baan bij Einder opgezegd en ben voor mezelf begonnen
    • Zijn meerdere goede vrienden een gezinsleven aan het opbouwen

    Nogal wat verandering dus. Maar nog veel meer vond – en vindt – de verandering in mij plaats. Hoewel… welke verandering? Ik vind het moeilijk om er vandaag echt de vinger op te leggen. Lockdown geeft me het gevoel dat ik een beetje in een tunnel zit en dat maakt het moeilijk te onderscheiden welke gevoelens en ervaringen door de pandemie komen, en welke verschuivingen sowieso wel hadden plaatsgevonden.

    Het gaat namelijk een beetje alle kanten op.

    Soms voel ik me rustiger, meer at peace. Soms heb ik juist het gevoel dat ik almaar onzekerder word. Of was die onzekerheid er altijd al, maar is-ie nu minder gemaskeerd door positieve input en succeservaringen?

    Soms voel ik me verbonden met de mensen om me heen. Soms denk ik juist dat ik het allemaal altijd verkeerd zag en helemaal niet in staat ben tot diepe, werkelijke verbinding. Soms ben ik ON FIRE, blij met waar ik sta, soms kijk ik naar mezelf en zie een stuntelende weirdo.

    Ik heb het gevoel dat de mensen om me heen sneller en meer oordelen over elkaar. Of ben ik dat zélf? Een paar maanden geleden, herinner ik me, voelde ik me supersteady en lukte het me eindelijk om grenzen aan te geven tegenover vrienden. De laatste weken loop ik me weer de hele tijd te excuseren over van alles en komt kritiek knetterhard aan.

    Maar wat komt van mij, en wat wordt veroorzaakt door de pandemie? In welke verhoudingen?

    Ik kan alleen maar gissen. Maar als ik om me heen kijk, zie ik veel mensen worstelen. In lockdown 1 had ik al sterk het gevoel dat we hier niet voor gemaakt zijn, voor dit afgescheiden leven. Wij mensen horen dicht bij elkaar te zijn. Op eilandjes kwijnen we weg. En alle videoverbindingen ten spijt, via Teams ben je nooit écht verbonden.

    Dus misschien is dat wel het belangrijkste inzicht: hoezeer we sociale wezens zijn. Hoe we elkaar nodig hebben. Hoe gezond het is om in zo’n mensenmassa te staan, elkaars handen vast te houden, te knuffelen, van dichtbij diep in elkaars ogen te kijken.

    Of ligt ook dát gevoel vooral in mij?

    0
  • Kijk je dagelijks meer dan een half uur op je smartphone, luister even naar Simon Sinek

    Lieve mensen onder de 35 jaar: als je vandaag – nee, wat zeg ik, deze maand! – één YouTube-video kijkt, laat het dan onderstaand fragment zijn.

    Men, deze man zegt rake dingen. Over leven, werk, liefde en je smartphoneverslaving (en wat dat allemaal met elkaar te maken heeft). Ik vind het bij vlagen akelig herkenbaar.

    Eergens is dat ook een opluchting. Misschien ben ik niet de enige die af en toe het gevoel heeft dat het leven aan me voorbijgaat. Die ongeduldig is en altijd meer wil, altijd op zoek is naar iets diepers maar het niet lijkt te kunnen vinden.

    Voor wie geen 15 minuten tijd heeft of nog even overtuigd moet worden, hier een aantal sterke fragmenten.

    “We’ve all had that moment when we feel a little down and lonely. So we send out ten texts to ten friends, because it feels good to get a response. That’s why we count the likes, that’s why we go back ten times to see if [someone’s commented on our post]. (…) It’s because when we get likes, it releases dopamine. So it feels good.

    “So there’s an entire generation that has access to a very addictive, numbing chemical – dopamine – through social media and cellphones, while they’re going through the stress of adolescence.”

    “Too many kids don’t know how to form deep, meaningful relationships. They have fun with their friends, but they don’t count on them, because they know their friends will cancel on them when something better comes along.”

    “It’s about balance. There’s nothing wrong with social media and cellphones, it’s the imbalance. If you’re sitting at dinner with your friends, and you’re texting someone who’s not there….that’s a problem. That’s an addiction. If you’re sitting in a meeting with people you’re supposed to listen to and speak with, and you have your phone on the table – face-up or face-down, I don’t care – that sends a subconscious message to the room: you are just not that important to me. And the fact you cannot put it away, is because you are addicted.”

    “If you wake up and check your phone before you say good morning to your girl- or boyfriend or spouse, you have an addiction. And like with all addictions, in time it will destroy your relationships.”

    “Now add the sense of impatience. You want to buy something, you go on Amazon and it arrives the next day. You want to see a movie, log on and watch a movie. You want to see a tv-show: binge! You don’t even want to wait a week for the next episode. You don’t even have to learn to date, you just have to swipe right. Everything you want, you can have instantaneously. Instant gratification. EXCEPT job satisfaction and strength of relationships. There ain’t no app for that. They are slow, meandering, uncomfortable, messy processes.”

    “What this young generation needs to learn is patience. That some things that really, really matter, like love, or job fulfillment, joy, love of life, self-confidence, a skill set…all of these things take time. The overall journey is long and difficult.”

    “The best-case scenario is that they never find joy, deep fulfillment in work or in life. Everything’s just ‘fine’, nothing more.”

    “Trust doesn’t form in an event, in a day. It’s a slow, steady consistency.”

    “When I go out with my friends, we leave our phones at home. Maybe one person will bring it, to call a cab or take a picture of our meal. But when you just say “don’t look at your phone” [it’s not enough]. Because when you go to the bathroom, what’s the first thing you do? Because we don’t want to look around the restroom for a minute and a half. But if you DON’T have the phone, you can just… enjoy the world. And that’s where ideas happen.”

    —–

    Ja, vooral dat laatste is zó waar – en een van de redenen dat ik zo baal van mezelf de laatste tijd. Want die kleine momentjes, die leegtes waarin iets nieuws kan ontstaan, waar ik mijn gedachten de vrije loop kan laten…. Die heb ik grotendeels wegbezuinigd. Er is altijd wel een appje te beantwoorden (en anders stuur ik er zelf een; gebruik genereert gebruik), altijd wel een nieuwe Facebook- of Instagrampost te lezen.

    Eigenlijk doe ik mezelf daarmee enorm tekort. En soms ben ik bang dat er een moment gaat komen, waarop ik zo ontzettend veel spijt heb dat ik mijn twintiger jaren heb ‘verspild’ als schermzombie. LIFE IS NOW. So go, live it. It’s out there.

    Leuk gezegd, maar wat kun je doen? Waar kun je nú mee beginnen?
    Deze 3 dingen helpen mij enorm:

    • Wat Sinek ook zegt: koop een wekker. En leg je telefoon ‘s avonds in de woonkamer aan de lader in plaats van naast je bed. Ik kocht laatst voor vijf euro dit geweldige IKEA-dingetje, beste aankoop van het jaar. Heeft ook nog een timer (voor m’n dagelijkse plank-sessie) en een thermometer (weet niet zo goed wat ik daaraan heb, maar toch grappig).
    • Installeer een app die je telefoon blokkeert tijdens bepaalde uren op de dag. Ik gebruik QualityTime. Die houdt ook bij hoeveel uur ik dagelijks m’n telefoon gebruik; da’s regelmatig best confronterend. ;-) En eigenlijk nog beter: laat je telefoon tijdens werkdagen in je jaszak zitten, neem hem niet mee naar je bureau.
    • Ga je een dagje weg of op vakantie, laat dan je telefoon thuis. Een dag, weekend, week of drie weken; een paar keer per jaar een (mini-)detox helpt ontzettend om even ‘terug’ te komen bij waar het werkelijk om gaat.

    PS. Overigens ben ik het niet op alle punten met Sinek eens; het stuk waar hij grote bedrijven de schuld geeft (op het eind),  haak ik een beetje af. Wat vinden jullie van zijn betoog?

     

    0
  • 25 en zo

    Hoe laat het ook is, soms is daar ineens die kriebel om te schrijven. De woorden die eruit willen. En wel nu.

    Dus dan klap ik mijn laptop open, ook al is het 23:23 uur en lig ik meestal op dit tijdstip al láng in bed, tegenwoordig. (Voltijd werken gaat ten koste van nachtelijk schrijven, helaas, maar gelukkig komen er veel andere leuke dingen voor in de plaats.)

    25 augustus alweer. Ver over de helft van 2016. En ik ben 25. Waar blijft de tijd?

    Maar echt, ik ben daar best mee bezig de laatste weken. Zeker nu Timehop me steeds foto’s laat zien uit 2011. “Five years ago” staat er dan boven. Plaatjes uit het leven van mijn twintigjarige zelf, de zomer voordat ik naar Taiwan ging. “Vijf jaar geleden” klinkt als een eeuwigheid, en toch had ik toen óók al mijn eigen leven en maakte ik óók dingen mee die me vormden. In die zin zijn alle tijden een beetje hetzelfde.

    Het was best een gekke week en ik besef ook nog niet helemaal dat ik ‘weekend’ heb. Dinsdagmiddag gebeurde er iets raars: ineens kon ik de letters op mijn scherm niet meer lezen. Eerst dacht ik dat het aan de monitor lag – ik probeerde de instellingen te veranderen – maar dat de letters plotseling wazig waren en leken te dansen, lag daar niet aan. Het waren mijn ogen.

    Niet veel later was de rechterkant van mijn zicht wazig. “Neem anders even pauze”, zei mijn lieve collega, “loop even het park in en ontspan je.” Het hielp inderdaad een beetje, maar toen kwam de hoofdpijn. En werd ik misselijk.

    Waarschijnlijk was het migraine – naar de huisarts ben ik niet geweest, maar een vriendinnetje met kennis van zaken wist het te duiden. Best wel scary, op een gegeven moment voelde ik in de hele rechterkant van mijn lichaam een soort van tintelingen, alsof het verlamd was (was niet zo). Gelukkig kon ik die avond in Nijmegen blijven. Helaas bleek het de volgende dag nog niet veel beter, dus nadat ik drie kwartier trillerig achter m’n bureau had gezeten, dacht ik: misschien moet ik toch maar naar huis.

    Ik ben daar dus niet goed in, hè. Ziek-zijn. Hebben jullie dat ook? Ik voel me dan schuldig, vraag me af of ik wel “ziek” genoeg ben, of ik me niet aanstel en of het niet mijn eigen schuld is. Ik houd ook gewoon niet van opgeven. Maar ja, soms moet je toegeven. Is ook iets om te leren.

    (‘Waar gaat je blogje over?’ vroeg Tom net, toen hij me hoorde tikken. Over alles en niets, zomaar wat gedachten die me te binnen schieten, antwoordde ik. Vergeef me het gebrek aan consistentie in dit stukje tekst.)

    Goed, dat waren dus dinsdag en woensdag. Vandaag wel weer gewerkt in Hoofddorp, morgen nog even wat Einder-werk inhalen (ik werk er maar 24 uur en als daar de helft van wegvalt, heb je ineens een super leeg en ontevreden gevoel) en dan zeg ik écht weekend.

    O ja, tot slot nog even wat eet-tips voor jullie:

    • Bij Orloff aan de Kade (Oosterkade, Utrecht, bij het Ledig Erf) hebben ze prima burgers en salades. Terras zit vaak vol maar als je geluk hebt scoor je een plekje en kun je na een werkdag nog even de laatste zonnestralen meepakken. Binnenkort meer hierover, maar je weet hoe dat gaat – er zijn nog minstens drie restaurants waarvan ik een review wil tikken (maar WANNEER dan?!). Dus nu vast even dit.
    • Wie pizza wil bestellen in Utrecht, heeft aan La Delizia (in de Twijnstraat) een goede. Mooie dunne bodems, rijk belegd, smaakvol, in balans & niet druipend van het vet. Jammie.
    • En als je in Breda bent, bestel dan geen tapas bij ‘De Markt’ (aan het grote plein), behalve als je gezelschap & omgeving (midden in de stad met uitzicht op de grote kerk!) belangrijker zijn dan de kwaliteit van het voedsel. Niet dat het niet lekker was hoor, maar de prijs-kwaliteitverhouding was uh, niet op z’n best.
    • Tot slot: PRONTO PRONTO GAAT DICHT. Shit man. Volgende week al. En dat is dus mijn lievelingsrestaurant in Utrecht. Boeh. Dus ga er nog gauw een keer eten, zou ik zeggen. Al is er ook goed nieuws: de chef van Pronto Pronto gaat een nieuw restaurant openen met dezelfde formule: Piatto. Nog wel even wachten tot november.

    PS. Ik heb net 8 kilometer hardgelopen in de zinderende avondhitte – het deed me denken aan Taiwan, heerlijk – en dat heeft mogelijk indirect ook invloed gehad op de inhoud van deze blog. JSYK.

    0