tien dingen van de zomer

Jongens, waar is de zomer gebleven? Vier september is het, ik beweeg me met honderdveertig kilometer per uur richting Nijmegen, een druilerig landschap flitst langs het raam. Donkergroen en grijs – de tinten van het limbo tussen nazomer en herfst.

Wat een rare maanden waren het. Tot diep in juli had ik het gevoel dat het nog mei was, de dagen leken gewoon te veel op elkaar. Feitelijk ‘miste’ ik ook zo’n drie weken – in maart zaten we immers achttien dagen in thuisisolatie.

Oké, maar er was toch heus wel wát, dit afgelopen seizoen. Omdat kaderen altijd helpt om overzicht te krijgen: een lijstje met tien dingen van deze zomer.

1. Ik begon met vloggen

Oké, stiekem al in april, maar na wat aarzelend gepruts in iMovie stapte ik al snel over naar Final Cut Pro. En nee, pro ben ik nog lang niet maar ik word langzaamaan wel beter in video’s maken. Zo zie je maar weer: als je iets wilt leren, moet je gewoon beginnen. Durf maar, ook als het resultaat niet meteen geweldig is. De enige manier om te komen waar je heen wilt, is door te doen.

Bekijk mijn YouTube-kanaal.

2. We gingen tóch op vakantie

Wel, niet, wel, niet, tóch wel… Tja, toen de coronacrisis in maart begon, zagen B en ik onze reisplannen voor later dit jaar al snel in het water vallen. Dit wordt een zomer in Nederland, concludeerden we. Tot in juni het aantal besmettingen zo hard daalde dat we tóch naar Italië konden – dachten we, want half juli begon het tij te keren.

Ik ben superblij dat we uiteindelijk wél even naar het buitenland zijn gegaan. Die twee weken Frankrijk waren precies wat ik nodig had om een beetje zomergevoel te kweken.

3. Nooit eerder werkte ik zo lang en zo vaak thuis

En dat beviel verrassend goed. Deze week ben ik voor het eerst weer vier werkdagen op pad, en dat is best wennen.

Lees ook: 4 lessen uit 4 maanden thuiswerken: zo houd je het nog even vol

4. Ik leerde mezelf over SEO en gaf Suushi een upgrade

Weet je nog dat het hier voorheen meer een eenvoudig online schrijf-schriftje was? Ook fijn hoor – niet voor niets keer ik al jaren steeds weer terug naar minimalistische WordPress-thema’s. Maar weet je, zo’n eenvoudige lay-out heeft één nadeel: eerder schrijfwerk op dit blog (lees: de 1.582 posts die níet op de homepage staan) is vrij moeilijk te vinden.

Tenzij je op goed geluk gaat grasduinen in het archief, kom je niet zomaar de teksten tegen waar ik het meest trots op ben. En dat vond ik zonde.

Dus installeerde ik deze zomer de Yoast-plugin, las een heleboel over zoekmachineoptimalisatie én besloot welke lessen ik daaruit meenemen en welke ‘trucjes’ ik lekker naast me neerleg.

SEO-tips: zo is je blog beter vindbaar in Google.

5. Plantaardig eten werd een gewoonte

In Frankrijk stopte ik me twee weken lang vol met wijn en kaas. En hoewel ik genoot van al die camembert, geitenkaas, saint augur en epoisses, was ik er eenmaal thuis hélemaal klaar mee. Een week lang at ik plantaardig, en dat voelde zo goed dat ik er eigenlijk sindsdien mee door ben gegaan.

Ben ik dan nu strikt veganist? Nee, allerminst. Ik eet plantaardig zolang dat fijn is en goed voelt, en maak hier en daar uitzonderingen als dat zo uitkomt. Wekelijks ontdek ik allerlei nieuwe lekkere plantaardige vervangers voor dierlijke producten – en dat ervaar ik als een superleuke zoektocht.

Mijn favoriete ontdekkingen:

  • KwarQ sojakwark van Albert Heijn. (Ook B is fan en eet dit nu vaak als ontbijt in plaats van zijn vertrouwde boterham met kaas.)
  • AH haver fraiche, creme fraiche op basis van haver.
  • Chocolade-mueslirepen van TREK, fijn en vullend tussendoortje.
  • De verse fudge brownies van EkoPlaza.
  • Taartjes van Rose & Vanilla. (Let op, niet alles is hier vegan, maar het meeste wel.)
  • Karmasan, vegan parmezaanse kaas, ook verkrijgbaar bij EkoPlaza.
  • Natura ei-vervanger (= een mengsel van lupinemeel en maiszetmeel), ik gebruik ‘m vooral voor pannenkoeken.
En deze quiche met tomaat en basilicum!

6. Ik had inspirerende ontmoetingen

De laatste tijd ben ik nogal zoekende in mijn werk – een van de redenen dat het hier een beetje stil is, want zoals je zult begrijpen is dat nogal een persoonlijk proces. Om mezelf op weg te helpen, voerde ik afgelopen maanden een aantal gesprekken met anderen in mijn netwerk. Een paar keer mondde zo’n ‘koffiedate van een uurtje’ uit in urenlang praten over het leven. Wat een energie gaf dat!

7. Ik kocht een racefiets

Jaaa, Ruby het Racemonster mag natuurlijk niet ontbreken! Na drie maanden op m’n Marktplaatsfietsje vond ik het tijd om te investeren in een fiets die me écht goed past. En hoewel ik nog minder van Ruby heb genoten dan ik had gehoopt (peesontsteking, je weet wel), ben ik superblij met haar.

Wacht maar, volgend seizoen gaan we samen knallen.

8. Mijn 29e verjaardag was een klein-maar-fijn feestje

En dat was eigenlijk precies goed.

9. Voor het eerst kregen vrienden een baby

Weet je nog dat ik vorig jaar ceremoniemeester was op een bruiloft? Nou, die lieve vrienden van me hebben vorige maand hun eerste kindje gekregen. En o wat is ze mooi en leuk!

Dit is voor het eerst dat directe vrienden van mij een baby krijgen, en eigenlijk voelt dat verrassend ‘gewoon’. Zelf kan ik me bij kinderen hebben nog weinig voorstellen – al denk ik er wel over na – en stiekem is het best handig om eerst bij anderen te spieken hoe dat nou is, zo’n gezinsleven. Voorlopige conclusie: niet eens zo wereldschokkend als ik dacht.

10. Ik gaf me op voor een schrijfcursus

Eind september begint-ie pas, m’n cursus Wijnschrijven en Culinair schrijven, en ik kan niet wachten. We hebben al een eerste opdracht gekregen – komende weken hoef ik me dus niet te vervelen.

Sowieso is er genoeg te doen, nu alle dingen in het leven weer zo’n beetje zijn begonnen: nieuwe werkprojecten, pianoles, yoga, zwemmen, mijn voorleesgezin en niet te vergeten het spannende Pandemic Legacy-spel dat we spelen met E en J.

Genoeg om over te schrijven en de filmen dus. Het wordt wel weer eens tijd voor een weekvlog, vind je niet?

0

niet zomaar een hobby

Bloggen doe je als hobby, voor je werk, of iets daar tussenin. Maar hoe zit dat eigenlijk bij mij? Ik ben immers schrijver van beroep; vier dagen per week werk ik bij Einder en daarnaast doe ik er regelmatig een freelanceklus bij.

Ja, Suushi is in de eerste plaats een hobby – een passie misschien wel, als ik niet zo’n jeuk kreeg van dat woord. Tegelijkertijd is dit blog een manier om m’n schrijfspier te trainen. Zoals ik laatst al liet vallen in een vlog; stiekem zou ik best wat meer human interest-dingen willen schrijven dan ik nu (professioneel) doe. M’n laatste artikel in Radboud Magazine (‘ziek van corona’, pagina 18 en verder) wijst uit dat dat ook best kan.

Ik zou natuurlijk kunnen beginnen dit blog uit te bouwen. Een niche kiezen, proberen een groter publiek te trekken, partner worden van Bol.com (dan krijg je een paar cent telkens als iemand via jouw blog doorlinkt en daarna wat koopt), merken en pr-bureaus benaderen om samen te werken, uitzoeken wat de mogelijkheden zijn van Google Ads.

Maar weet je: dat wil ik niet. Vorig jaar schreef ik dat al en dat geldt nog steeds.

Ik hoef geen geld te verdienen aan mijn hobby – daar heb ik m’n baan voor. Aan de andere kant: ik geloof niet dat commercie en consumentisme de enige manieren zijn om een online contentplatform rendabel te houden. Kijk naar De Correspondent, dat al bijna zeven jaar draait op bijdragen van haar leden.

En zijn het niet precies gedachten als “het is maar een hobby”, die je klein houden? Blijven zeggen dat je project weinig voorstelt, het niet op waarde schatten of in (serieus) gezelschap zelfs weglachen?

Als ik het van een andere (commerciëlere) kant bekijk: ik ben professioneel tekstschrijver en ik geef hier gratis en voor niets het hele jaar door content van goede kwaliteit weg. Dingen waar mensen iets aan hebben.

Poe, dat klinkt bijna cynisch hè, als ik het zo zeg. ;-)

Nee, serieus: ik doe dat met liefde. Ik ben superblij dat jullie me trouw lezen, en moet er niet aan denken om een paywall of zoiets dergelijks op Suushi te plaatsen.

Bovendien levert dit blog me een hoop op dat niet in geld te vangen is: levensgeluk, mooie mails en gesprekken, persoonlijke ontwikkeling, nieuwe contacten, inspiratie.

Maar ja, deze week werd wél weer 101,56 van mijn bankrekening afgeschreven. Antagonist, m’n hostingprovider, wil immers ook zijn deel voor het mede mogelijk maken van dit webstekje. En over twee weken verloopt m’n 90-dagen-trial van Final Cut Pro – wat betekent dat ik € 325 moet betalen als ik video’s wil blijven maken met een degelijk programma (en dat wil ik, maar ja, het is wel een behoorlijke bak geld.. ik ben er nog niet uit).

Bewijs ;-)

Kortom: hartstikke leuk, zo’n hobby, maar gratis is het niet.

Nou hoeven natuurlijk niet alle hobby’s gratis te zijn, dus er speelt ook iets anders mee: zelf ben ik me de laatste jaren steeds meer bewust van de waarde van dingen die mensen doen en maken – en in toenemende mate bereid daar gepast voor te betalen. Denk aan kunst, journalistiek, films en boeken, maar ook aan actiegroepen over racisme of klimaat en de Deliveroo-bezorger die voor een hongerloontje door de stortregen fietst.

Omdat ik het toejuich dat mensen die dingen doen. Omdat ik graag wil dat ze het blijven doen.

Vanuit die gedachte – hij werkt immers misschien ook wel andersom, richting mij! – zette ik me vorig jaar voor het eerst over m’n schroom heen en vroeg jullie om een vrijwillige donatie per Tikkie. Ik was verrast over de hoeveelheid positieve reacties: maar liefst 18 mensen droegen een steentje bij, met in totaal 35,50 euro (van de 90 euro die Suushi dat jaar kostte).

Dit jaar wil ik je opnieuw de gelegenheid geven om te delen in de onkosten van dit blog. Voor alle duidelijkheid: het blijft hier gewoon gratis. :-) En je bent natuurlijk tot niets verplicht, voel je vrij.

Wil je wél doneren: met elke euro ben ik superblij. Zoals ik vorig jaar schreef: als elke vaste Suushi-lezer één euro bijdraagt, ben ik voor een groot deel uit de kosten. Zie het als een lidmaatschap, zo je wilt.

Blijf ik weer een jaartje lekker voor jullie schrijven.

Doneer aan ‘Suushi in 2020’ via https://tikkie.me/pay/51o8871j499eoap6gpi9

Je kunt doneren tot zaterdag 18 juli.

0

10 tips om te vloggen – van én voor een beginner

Vlog nummer 4 kwam deze week online en dat betekent dat ik nu al een maand aan het videobloggen ben. Best een gek idee! Ik merk dat ik het vloggen nog leuker vind dan ik dacht. Ten eerste heb ik veel plezier in het maken van een verhaal in beelden, maar ik word ook erg blij van alle leuke reacties en interessante gesprekken die op de publicaties volgen.

Het is zéker geen vervanging van schrijven, maar wel een mooie aanvulling erop.

Na een maand klooien met camera’s en Final Cut Pro heb ik al best wat geleerd. Daarom verzamelde ik 10 tips voor wie ook zin heeft om te beginnen met vloggen.

1. Investeer in een (vlog)camera

Ik merk een gigantisch kwaliteitsverschil tussen het materiaal dat ik opneem met mijn telefoon (iPhone 7) en met mijn camera (Sony A5100). Het beeld is veel scherper, maar zeker ook in geluidskwaliteit legt ‘m iPhone het af. Ik probeer dan ook zo min mogelijk nog met mijn telefoon te filmen. Alleen als ik bijvoorbeeld ga fietsen heb ik mijn camera niet altijd bij me. (Oké, ik snap dat je voor je eerste video niet meteen 500 euro wilt investeren – ik kocht zelf toevallig twee jaar terug een camera met ‘vlogfunctie’ dus had ‘m al liggenmaar als je van plan bent het meer te gaan doen is het zeker de investering waard. En zo’n camera maakt sowieso veel betere foto’s, ook handig voor vakantiekiekjes!)

2. Een statief is ook best handig

Tijdens de vlogcursus die ik in februari volgde kon ik deze gebruiken en dat bleek zo handig dat ik ‘m in de aanloop naar vlog 2 zelf ook heb aangeschaft. Best fijn als je niet steeds je halve arm in beeld wilt hebben, of als je beelden wilt maken terwijl je zelf iets anders aan het doen bent. Sowieso kun je je camera een stuk steviger vasthouden, waardoor de kans kleiner is dat-ie te pletter valt.

3. Check de schijfruimte van je laptop

Videobestanden zijn gróót. Zeker als je een paar weken aan het vloggen bent is je harde schijf zo vol. Bovendien maakt dat je computer niet bepaald sneller – onwerkbaar als je aan het editen bent. Op internet las ik dat je het beste je videobestanden op een snelle externe harddisk (liefst SSD, maar die zijn duurder) kunt zetten en vanuit daar inladen in je montageprogramma. Ik moet dit zelf nog uittesten – vooralsnog gooi ik het ruwe materiaal weg als een vlog klaar is, het is toch niet alsof ik ooit al die kleine filmpjes ga zitten terugkijken.

4. Zorg voor goed licht!

Les 1 van elke foto- of videocursus, natuurlijk. ‘Goed’ licht betekent: het liefst daglicht, met het licht ‘mee’ filmen (dus niet de camera naar het raam gericht). Ben je in een donkere ruimte, dan kan het al helpen om bijvoorbeeld een deur open te zetten als de aangrenzende ruimte wél een groot raam heeft. Schijnt er juist (te) fel zonlicht naar binnen, doe dan een (stukje) gordijn dicht.

5. Final Cut Pro X is briljant.

Maar echt. Oké, je kunt ook best video’s bewerken in iMovie, en ook als je op Windowscomputers werkt zijn er mogelijkheden (al heb ik die zelf niet getest). Maar omdat iMovie bij mij steeds bleef vastlopen downloadde ik een 90 dagen-trial van FCP X en dat was het beste idee ooit. Als ik over twee maanden nog steeds aan het vloggen ben, overweeg ik om toch maar de ‘echte’ versie (die wel 300 euro kost, au…) te kopen.

6. Vertrouw erop dat het verhaal zich wel vormt.

Elke week weer bekruipt me de eerste dagen het gevoel dat het echt hélemaal niets wordt met mijn video deze week. Sterker nog, bij vlog 4 had ik totdat ik begon met editen het idee dat ik niet eens genoeg materiaal had om uberhaupt een acceptabele vlog te maken. Maar volgens mij draait vloggen nu juist om spontaniteit en ‘filmen wat er is’ – en dat laat zich weinig van tevoren plannen. Bovendien zul je merken dat het verhaal zich vanzelf vormt (al kan het geen kwaad er een klein beetje over na te denken wat je wilt vertellen!).

7. Denk na over verschillende ‘soorten’ beelden.

Dus film niet alleen ‘selfie-shots’ waarin je praat, maar ook close-ups van voorwerpen of juist totaalshots. Maak tijdens de week voldoende ‘b-roll’ (beelden waar je andere gesproken tekst of muziek onder kunt plakken), zo krijg je meer variatie in je vlog. Ik merk steeds weer: liever te veel dan te weinig – je hoeft uiteindelijk ook niet alles te gebruiken.

8. Durf kwetsbaar te zijn.

Nou ja, het is jouw vlog natuurlijk – dus je moet vooral doen wat je wilt. Maar ik merk zelf wel dat ik achteraf het meest blij ben – en ook de meest positieve reacties krijg – op de passages waar ik geen perfect plaatje schets. Maak het dus allemaal niet te geregisseerd.

9. Ook als je zo min mogelijk wilt regisseren: check voor het filmen even je omgeving.

Toch zonde als je aan het editen bent en je komt erachter dat nét bij die briljante opname achter je op de bank een verdwaalde bh ligt – of iets anders dat je liever niet met de hele wereld deelt. ;-)

10. Denk aan privacy – van jezelf én je naasten!

Ik bedoel, hartstikke leuk al die openheid, maar YouTube blijft het wel gewoon de interwebz hè. Overal en voor iedereen toegankelijk. Enerzijds superleuk, want daardoor kunnen vriendinnetjes in Amerika m’n vlog bekijken (hoi E!), maar het betekent ook dat CREEPY PEOPLE, reaguurders en mensen die misschien níet het beste met me voor hebben de content kunnen zien. En da’s dan weer een stuk minder leuk.

Daarom let ik er een beetje op dat ik geen beelden maak waarop mijn huis te herkennen is en dat ik niet in mijn eigen wijk film, maar bijvoorbeeld ook dat ik oppas met persoonlijke informatie die ik over anderen deel (sowieso vraag ik vrienden om toestemming voor ik hen óf hun huis film) en dat niet mijn adres per ongeluk leesbaar is als er een brief op tafel ligt. Gebeurt dat toch (bijvoorbeeld m’n straatnaam op de pizzadoos van Deliveroo) dan ‘blur’ ik die beelden achteraf.

Zo kwam ik er ook nét op tijd achter dat bij het telefoonshot in vlog 4 de voor- én achternaam van B zichtbaar waren in het WhatsApp-venster. Dat beeld heb ik dus even bijgesneden. Zo zie je maar: zelfs de meest spontane vlogger ontkomt niet aan een beetje construeren ;-)

0