VeganChallenge dag 3 & 4: dingen die ik zoal ontdek

HALFWAY POINT! Terwijl ik dit schrijf, zit dag 4 van de VeganChallenge er alweer bijna op. Wat gaat dat snel zeg.

Een oud-klasgenootje van me zei op Facebook, vóórdat ik begon:

Je zult de lekkerste week van het jaar hebben!

Nou, het ziet ernaar uit dat ze gelijk heeft. Voor iedereen die zich nog steeds afvraagt wat je dan in godsnaam eet als je vlees, vis, ei, melk én kaas weglaat: dit stond afgelopen dagen ‘s avonds bij ons op tafel.

Zondag: paddestoelenrisotto met doperwtjes, zongedroogde tomaat en citroen
Maandag: penne arrabbiata met walnootgehakt (heerlijk diepe, rokerige smaak door de gegrilde paprika)
Dinsdag: boerenkoolstoofpotje met quinoa, wortel/pastinaak, witte bonen en balsamico (súpergezond, licht en lekkerder dan ik stiekem dacht)
Woensdag: wintergroenten uit de oven (pastinaak, zoete en gewone aardappel, wortel, rode ui, tomaatjes) en restjes van het bovenstaande

arrabiata

Maar eh, overdag dan?

Nou, ik schreef al dat ik ontbijt met bircher-muesli. Plan is om later deze week een keer deze kiwi-kickstartsmoothie te maken. Voor de trek tussendoor neem ik bananenbrood, balletjes van walnoot/gedroogd fruit/kokos/cacao mee. O ja, en vandaag carrot cake! Vreselijk dus. ;)

Lunch is ook heerlijk. Maiswafels met avocado, zout & peper waren al langer favoriet hier en nu eet ik er gerust een hele stapel van. Tomaatjes erbij, jammie. T. neemt daarnaast een bakje mee met avondeten van de vorige dag – zoals hij overigens al minstens een jaar doet, hij heeft ‘t niet zo op brood. Ik eet wel brood (bijv. met hummus of tapenade), linzen uit blik, sinaasappel, komkommer of rijstwafels met notenpasta. Kortom, keus genoeg. En dan heb ik nog niet eens de lekkere lunchrecepten van het VeganChallenge-weekmenu uitgeprobeerd.

Eigenlijk denk ik nu al: de rest van het jaar wil ik óók zo lekker eten. Dus waarom stoppen na 7 dagen? Goed, ik probeer m’n enthousiasme (‘ik word gewoon helemaal vegan!’) vooralsnog een beetje te temperen, eerst maar eens deze challenge voltooien en dan zien we wel verder.

Maar wat ik wel weet:

  • Ik voel me de hele dag door rustiger, fijner en helderder. Dat komt denk ik vooral doordat ik een stuk minder (want bijna geen) zoete meuk eet. De koek- en droptrommels op m’n werk laat ik voor wat ze zijn en ik eet ook geen boterhammen met hagelmix, triple chocolate chip cookies van AH to go, zalmsalade op brood (zit ook suiker in) en chocomel met (gezoete) slagroom meer.
  • Het is best relaxed om door de supermarkt te lopen en 3/4 van de schappen gewoon te kunnen negeren.
  • Ik geef deze week significant meer geld uit aan eten; noten en gedroogd fruit zijn relatief duur. Hoewel: normaalgesproken zou ik misschien doordeweeks een keer uit eten gaan, terwijl ik dat nu niet doe. En linzensoep maken kost bijna niets. Al met al valt het wellicht dus mee.
  • Vegan eten betekent absoluut niet per se ‘gezond eten’ (naturelchips, kristalsuiker en margarine zijn ook plantaardig, net als trouwens al deze supermarktproducten), maar doordat ik bewuster met voedsel bezig ben neig ik daar wel automatisch naar.
  • Ik moet ‘s ochtends tien minuten eerder opstaan (half zeven ipv. 6:40 uur), om m’n ontbijt klaar te maken en spullen bij elkaar te leggen voor tussendoor.
  • Een blik linzen is bij berehonger een prima pre-dinner snack.
  • Ik heb een nieuwe (betere, grotere) keukenmachine nodig. Van hummus tot noten-chocoballetjes, vegaburgers en carrot cake; plantaardig eten bevat opvallend vaak fijngemalen noten/fruit/peulvruchten/kokos/haver.

keukenkastje

Ook T. bekende gisteren tijdens het avondeten dat de plantaardige leefstijl hem tot dusver goed bevalt. “Je eet gewoon wat je bij je hebt, verder niets. Wel zo rustig en overzichtelijk.”

Toegegeven: ik heb niet veel zin om élke week twee avonden in de keuken te besteden, om al die tussendoor-snacks te maken. Tegelijkertijd denk ik dat het nu een leerproces is, een kwestie van er handigheid in krijgen. Nu ben ik nog een groot deel van de tijd bezig met recepten lezen, uitzoeken waar ik bepaalde ingredienten kan vinden en hoe ik ze moet verwerken. Eigenlijk een beetje alsof je opnieuw leert koken.

Maar zoals ik ook ooit moest leren hoe ik brownies, pesto gnocchi en pannenkoeken maakte – en dat nu op de automatische piloot doe -, zo ben ik er ook van overtuigd dat ik kan leren om efficient (en budgetvriendelijk) veganistisch te koken. Ik geef het dus maar even de tijd; des te meer reden om het experiment straks voort te zetten.

boerenkoolstoof

Uit eten: De Witte Zwaan

Afgelopen zomer konden Tom en ik geen genoeg krijgen van etentjes buiten de deur. En dankzij de AH restaurantactie was dat in veel gevallen ook nog eens niet (al te) slecht voor ons budget. Van m’n goede vriendin Eline en haar vriend kregen we de tip om eens te gaan eten in De Bilt, bij de Witte Zwaan.

Echt een beleving, zei ze: creatieve amuses, geweldige gerechten, fijne sfeer.
Dat moesten we natuurlijk proberen. Toevallig was Tom begin september jarig – uitstekende reden om lekker uit eten te gaan toch?

Van Elines lofzang bleek geen woord gelogen! De Witte Zwaan is een stijlvol, klassiek restaurant waar elke gang een creatieve verrassing is.

Omdat foto’s soms meer zeggen dan duizend woorden:

20160902_190518
Bij ons glas cava kregen we een interessant krokantje, creatief geserveerd op een grote kei met gleuven.
20160902_191017
Amuse één
20160902_191904
Amuse twee: ‘ijshoorntjes’ van gedroogde mango. Ik geloof dat de vulling avocado-ijs was..
Voorgerecht: makreel op twee manieren. De helft van het gerecht zat, zoals je ziet, in een 'blik' dat voor onze neus werd opengetrokken. Leuk detail!
Voorgerecht: makreel op twee manieren. De helft van het gerecht zat, zoals je ziet, in een ‘blik’ dat voor onze neus werd opengetrokken. Leuk detail!
Voorgerecht
Tussengerecht: langzaam gegaard buikspek met o.a. rode biet, bloemkool en hazelnoot. Ik ben zelf eigenlijk niet zo’n fan van varkensvlees, maar dit was écht heel goed. Textuur, smaak, alles klopte.
20160902_202415
Hoofdgerecht: rood gebakken rundersukade (wow, wat was dit zacht en mals!) met heerlijke jus van zwarte knoflook, geserveerd met puree en verschillende soorten uitjes.
En als klap op de vuurpijl dit bijzondere dessert, dat ik in het halfdonker helaas niet goed op de foto kreeg. Aan tafel werd met een gieter water gegoten in het dubbele bakje, waar blijkbaar droogijs (?) in zat. De reactie die ontstond veroorzaakte stoomwolken om de ronde diepe kom heen. Gaaf!
En als klap op de vuurpijl dit bijzondere dessert, dat ik in het halfdonker helaas niet goed op de foto kreeg. Aan tafel werd met een gieter water gegoten in het dubbele bakje, waar blijkbaar droogijs (?) in zat. De reactie die ontstond veroorzaakte stoomwolken om de ronde diepe kom heen. Gaaf! Wat erin zat? Iets met framboos en rabarber, jasmijn en witte chocolade. Mooi.
20160902_214359
En bij de koffie kregen we óók nog een keur aan lekkers. Het hield niet op hier ;)

Ja, dat was een feestje dus. En o ja, bij het tussengerecht dronk ik óók nog een heerlijk glas primitivo. (Ik moest rijden, dus daarna ging de wijn helaas aan me voorbij.)

Als ik dan toch iets moet verzinnen dat beter kan: de bediening sprong er niet echt uit. Ze deden hun werk, maar heel persoonlijk vond ik het niet, en dat verwacht ik toch wel een beetje in dit prijsklassement.

Dat mag gekrabbel in de marge lijken, ik vraag me wel af of ik opnieuw zo verrast word als ik nóg eens naar de Witte Zwaan zou gaan. Wie luxe(r) uit eten gaat, wil zich toch wat ‘in de watten gelegd’ voelen. Die extra mile ontbrak voor mij een beetje. Maar hé, misschien ook niet gek, aangezien het restaurant al wekenlang vol zat met mensen die voor de restaurantactie kwamen.

En laat onverlet dat dit een eetbeleving was die ik nog niet eerder zo had gehad.

De Witte Zwaan
WAT: klassiek restaurant in modern jasje
WAAR: Dorpsstraat 8, De Bilt
BUDGET: 3 gangen ca. 50 euro p.p., excl. drank

 

De halve marathon van Eindhoven: mijn verslag

O jongens, ik had natuurlijk al eens een halve marathon gelopen en dat was gaaf, maar dat het zó leuk kon zijn dat je echt terug kunt verlangen naar de race, dat wist ik niet.

Voor de verandering was ik dit keer eens tot in de puntjes voorbereid. (Dit in tegenstelling tot de Tilburg Ten Miles, die ik liep na amper 5 uur slaap en zeker 3 glazen wijn – hoewel dat ook prima ging, overigens.)

Het begon ermee dat ik de dagen voor de wedstrijd zó veel afleiding had op m’n werk, dat ik weinig tijd had om te stressen. ;) De avond vóór de wedstrijd at ik een groot bord pasta carbonara en lag (soort van) op tijd in bed. Ik had zelfs m’n teennagels geknipt – geloof me, dat wil je als je zo’n eind loopt – en bijna tien dagen geen druppel alcohol gedronken.

img-20161009-wa0002
img-20161009-wa0005

9:00u – AAN DE ONTBIJTTAFEL

Zondagochtend sta ik half negen pannenkoeken te bakken. Het begint een fijne traditie te worden: terwijl Tom zich nog eens omdraait, draai ik de luxaflex in de keuken open en meng drie soorten meel (wit-volkoren-boekweit), halfvolle melk en eieren in een beslagkom. Met twee pannen tegelijk bak ik een stapel voedzaam ontbijt, wat mij betreft de beste bodem om op te lopen.

Ditmaal komt Eline me vergezellen. Zij gaat vandaag ook naar Eindhoven, om haar zusje te ‘hazen’ naar een halve-marathontijd onder de twee uur. Zo ambitieus ben ik vandaag niet: gewoon uitlopen, prentte ik mezelf al dagenlang in, een beetje vechtend tegen de Ambitieuze Suusie in mij die natuurlijk gráág een PR zou lopen (= sneller dan de 2.06.37 van de CPC-loop in maart).

10:37u – IN DE TREIN

Op Utrecht CS ontmoeten we mijn vriendinnetje Veerle en haar goede vriendin Marthe. Ook zij lopen vandaag de halve marathon. Met z’n vieren treinen we naar de Lichtstad (Eline stapt al in Den Bosch uit, die gaat eerst langs het huis van haar zusje).

Ik voel me opvallend relaxed; waar ik bij de CPC-loop nog wel wat twijfels had over of ik de afstand wel zou halen, is dat nu gek genoeg amper het geval.

20161009_120346

12:05u – OP DE GROND IN HET BEURSGEBOUW

In Eindhoven stappen naast ons nog tientallen mensen met hardloopschoenen uit. We lopen met de stroom mee naar het Beursgebouw, waar we ons startnummer kunnen ophalen.

Er zijn (bij mijn weten) niet echt kleedruimtes, dus kleden we ons maar gewoon om in een hoekje van de grote zaal. Verder is alles trouwens top geregeld: geen lange rijen bij de startnummerdesks, prima systeem om je tas weg te hangen. Erg relaxed allemaal.

Op de grond van de zaal stouwen we onze laatste koolhydraten naar binnen, spelden de startnummers op en dan is het tijd om richting startvak te gaan. Dat is namelijk nog een eindje lopen.

13:09u – IN HET STARTVAK

Bij het startvak ontmoeten we Kyra, een andere vriendin van Veerle en Marthe. Ook Veerles ouders zijn van de partij. Dankbaar geven we onze truien aan hen af, want met het zonnetje erbij is het plots best warm.

We waren al naar de Dixi geweest allemaal, maar zes minuten voor het startschot moet Veerle plots heel nodig. Dus hup, wij twee weer de menigte uit, nog eens in de (gelukkig niet al te lange) rij. Intussen beginnen de mensen in het startvak al te bewegen, dus Veerle en ik raken de andere meiden kwijt. We kijken elkaar aan: goed, dan starten we dus samen.

20161009_132146

13:27u – OVER DE STARTLIJN

DE EERSTE KILOMETERS (1-8)

Hoewel we het van tevoren niet van plan waren, beginnen Veerle en ik dus samen aan de race. En dat blijkt eigenlijk ontzettend goed te werken. Zij was bang te snel te starten, dus ik rem haar de eerste kilometers wat af; na een kilometer of vier is zij juist degene die míj afremt – gelukkig maar, want hoewel ik superlekker loop is het natuurlijk nog een heel eind. Een paar kilometer ‘bikkelen’ kan nog wel, maar bij zo’n halve marathon wil je je hand niet overspelen.

We lopen een heel stuk over een brede busbaan, in een lang lint van lopers. Het zonnetje schijnt, de temperatuur is goed en ik heb dus niets te klagen. Voor ik het weet, hebben we al vijf kilometer gelopen; de kop is eraf, zeg ik tegen Veerle. Ik zit al bijna op een kwart van de wedstrijd, maar heb nog helemaal niet het gevoel dat ook een kwart van m’n energie op is. Ons tempo ligt op dit moment rond de 6’11 per kilometer; veel hoger dan de 6’30 die we voor ogen hadden om mee te starten, maar ik zie de noodzaak niet om te vertragen.

Rond kilometer zeven merk ik dat ik af en toe, als ik niet zo op mijn tempo let, de neiging heb om Veerle voorbij te lopen. Ik ben me misschien een beetje té veel aan het inhouden nu, realiseer ik me, maar ik wil haar ook niet ‘alleen’ laten. (Want ja, hoe gaaf is het om zo’n wedstrijd echt samen te lopen?)

Vlak na de 8 kilometer gebeurt dat toch. Ik haal een paar mensen in, ga ervan uit dat zij me volgt maar als ik nog eens achter me kijk, is ze verdwenen. Wat nu? Wachten? Hoewel ik enigszins loyaliteitsissues heb, bedenk ik me dat ik het andersom niet erg zou vinden als zij was doorgelopen in een voor haar prettig tempo. Met die gedachte besluit ik haar dan nu ook verder haar eigen wedstrijd te laten lopen.

eindhovenhalve

DIEP IN DE WEDSTRIJD (KM 8-15)

Elke kilometer gaat mijn pace omhoog: rond KM 8 zit ik al op 6’03 gemiddeld. Met voldoening bedenk ik me dat ik op dit moment sneller loop dan een half jaar geleden bij de CPC-loop op hetzelfde punt. Zou ik dit kunnen volhouden? Ik probeer mijn eigen gedachten een beetje te temperen, maar merk dat ik tegelijkertijd heel veel energie krijg van de gedachte een PR te lopen.

In mijn heupband zitten naast m’n telefoon ook een pakje Dextro. Vlak voor elke drinkpost (ongeveer elke 3-4 kilometer) neem ik één tabletje druivensuiker, daarna een slok AA-drink en tenslotte een slok water. Die strategie werkte bij de CPC prima om mijn energiepeil hoog te houden en hongerklop te voorkomen. Gelletjes heb ik dan verder niet nodig.

Ineens is daar al het 13 KM-punt. Heb ik echt al dertien kilometer gelopen?, schiet het door mijn hoofd. Dat voelt totaal niet zo. Nog maar een kilometer of drie, dan kan ik al écht gaan versnellen – al loop ik nog steeds vrijwel elke kilometer wat harder.

En wat geniet ik! Geen pijn, gewoon een totaal gevoel van I’ve got this. Overal staat ook veel publiek, dat maakt het altijd extra leuk. Ik low-five alle kindjes die hun hand uitstaken.

DAAR IS DE STAD WEER & HET LAATSTE STUK(JE) (KM 16-21.1)

Na een paar omzwervingen om de stad en een lang recht pad door het bos, lopen we langzaam weer de bewoonde wereld in. Bij een drinkpost eet ik snel een partje sinaasappel, maar ik wil nu niet te veel tijd meer verliezen. Intussen probeer ik steeds wat meer – maar niet té veel – te versnellen.

Wow, en dan loop je plotseling door het vernieuwde bedrijvenpark Strijp-S! Overal mensen langs de kant – fotografen ook – en na het stuk in de schaduw van de bomen liep ik nu weer in de stralende zon.

Rond kilometer 19 zie ik ineens een bordje ‘JUST KEEP RUNNING’. Hallo Zélia!, wil ik roepen, maar dan realiseer ik me dat ze mij natuurlijk niet zou herkennen. ;)

De stad in! Winkelstraten door, nog meer juichend publiek, feestende mensen met biertjes en enthousiaste aanmoedigingskreten. ‘Goed bezig Susanne, nog heel even!’ O, wat ben ik de organisatie van wedstrijden soms dankbaar dat je voornaam geprint op je startnummer staat.

De laatste meters nu. Kom op Suusie, en nu alles eruit, zei ik tegen mezelf. Ik haalde iemand in, nog iemand, nog twee…. ennnnn STOP! Finish!

14666115_10210747985641512_6531665045466540911_n

15:33u – NA DE FINISH

Mijn precieze tijd weet ik dan nog niet, maar één ding is zeker: ik heb een PR gelopen! 2:04:nog iets zegt mijn app en die zit er waarschijnlijk niet ver naast.

Soms moet ik na een wedstrijd eerst even zitten/hurken/bijkomen tot de wereld niet meer draait en ik weer normaal kan ademen. In mijn herinnering was dat nu helemaal niet het geval. Nou was het ook érg druk na de finish, dus veel ruimte om even uit te puffen was er niet.

Ik liep een stuk door, kreeg een flesje AA-drink (van Josianne van JKR, die mij natuurlijk ook niet herkende maar ik haar wel, ha!) en mijn medaille.

Langzaam loop ik met de stroom mensen mee naar een plek waar het wat begaanbaarder wordt. Ik drink een paar slokjes water, maak een paar after-wedstrijd-selfies, bel Tom even (“IK HEB HET GEHAALD YAY!!”)  en merk plots hoe moe mijn benen toch wel geworden zijn.

img-20161009-wa0017
We kunnen allemaal nog lachen ;)

In het Beursgebouw ontmoet ik de andere meiden, die gelukkig ook allemaal een heerlijke wedstrijd hebben gehad. Via Elines moeder, die de event-app had geinstalleerd, hoor ik mijn eindtijd: 2:04:36 !! Dat is dus precies twee minuten (en 1 seconde) sneller dan een half jaar geleden. Zo blij!

Nadat we onze medailles hebben gegraveerd en een schoon shirt hebben aangetrokken, voeg ik me bij Eline, haar zusje en moeder, die al ergens op een terrasje zitten. Ik krijg een kop warme choco voor mij neus en o, dankjewel nog Lia want daar was ik wel aan toe.

17:31 uur – IN DE TREIN NAAR HUIS

Samen met Eline trein ik uiteindelijk weer naar Utrecht. Moe, maar vooral trots en voldaan kletsen we een uur lang wat af. Eenmaal thuis wil ik nog maar één ding – vooruit, twee: VOEDSEL en een BAD.

Gelukkig kon mijn thuis-supporter Tom in beiden voorzien. ;)

20161009_195438
En wat eet je dan, na zo’n halve marathon? Nou, na een dag pannenkoeken-met-stroop, bananen, Dextro en AA-drink (ofwel: suiker, suiker, suiker) snakte ik naar wat GROENTEN. En dus haalden we voedsel bij de lekkerste afhaal-Thai van Utrecht, Saowapa.