A little bit of everything, all rolled into one

Even eruit

Eigenlijk had ik nu in Zweden moeten zijn. Maar ja hè, corona.
We hadden de boottickets al geboekt. Flexibele tickets natuurlijk, want in deze tijden weet je nooit hoe het leven loopt. (Dat weet je sowieso niet, alleen zijn we ons er nu van bewust.)

Zweden was als enige land nog code geel en hoewel het advies ‘ga niet naar het buitenland’ al gold, ik zal het maar eerlijk zeggen, wilde ik gewoon heel graag weer een keer naar het huis van mijn mama. Daar ben ik nu al bijna twee jaar niet geweest; in het vroege voorjaar van 2019 voor het laatst.

Maar toen werd Zweden toch code oranje. En hoewel we rationeel gezien nog steeds weinig risico lopen (we zouden van tevoren niemand zien, reizen met de auto, verblijven alleen daar op het erf) voelde het niet goed om de regel ‘na terugkomst 10 dagen in quarantaine’ te verbreken. Zeker niet gezien B’s werk in de zorg.

Dus we gingen niet.
De vakantieweek lieten we wél staan, allebei waren we erg toe aan even helemaal niets. En omdat thuis de muren zo onderhand weer behoorlijk op me af kwamen, boekten we last-minute een weekje Zeeland.

In plaats van aan m’n moeders keukentafel zit ik dus nu hier in een ándere rustige boerderij. Met uitzicht op de dijk, een fijne keuken en de zee op nauwelijks tweehonderd meter afstand.

Ik lees boeken van David Mitchell (tip voor alle schrijvers, lees dit interview met hem), speel potjes Detective en Terraforming Mars met B, bak kruidnootjes en eet chocola. Doe zo nu en dan een yoga-oefening op de ruime vloer hier. Geniet van het opstaan-zonder-wekker, van het leven zonder klok. Ga in bad met bruisballen van de Lush.

Zelfs dat ik tóch even soort-van aan het werk moest (de schrijfopdrachten van m’n cursus lagen nog op me te wachten) was helemaal niet erg. Zonder verdere verplichtingen was het zelfs wel lekker, een beetje schrijven, creatief zijn.

Ik heb indrukwekkende dromen hier. Slik een paar dagen m’n medicatie niet en schrik een beetje van hoe onrustig ik plots weer ben, is dit echt hoe ik de wereld tot nu toe altijd beleefde? Tikkende voetjes, duizend gedachten, gekauw op m’n wangen. En plots weer zin in een glas wijn om dat hoofd even uit te zetten.

Soms merk je in de afwezigheid van dingen pas haar effect. En precies daarom is het óók fijn om even weg te zijn; zodat we straks weer kunnen thuiskomen.

Intussen blijf ik graag nog even hier.

3+

dinsdag, woensdag & donderdag

  • Dit artikel in The Guardian, waarin de duurzaamheidsjournalist van die krant maar liefst 18 mythes over de consumptie van dierlijke producten en veganisme ontkracht. Die kerel heeft z’n huiswerk gedaan zeg, top. (En vooral ook gaaf dat een Britse kwaliteitskrant een artikel maakt met de kop ‘Why you should go animal-free’).
  • Weer eens curry madras maken met een verspakket van Appie. Tip jongens, als je een keer geen inspiratie hebt – gewoon hop, precies alles wat je nodig hebt in één doos. Deze is erg lekker met vegetarische kipstuckjes (bijvoorbeeld die van de Vegetarische Slager).
  • Dat J kwam eten, fijn om hem even over de vloer te hebben.
O ja en dit was er ook nog: léuke post van de gemeente! Nou ja, voor zover het onderwerp ‘leuk’ is natuurlijk, maar toch. ;-)
  • Tussen de middag bellen met m’n nichtje. Eerder in de week belde ik ook al met een vriendin tijdens een lunchpauze-wandeling. Goeie combi: even bijpraten, sociaal contact én naar buiten. #lockdowntips
  • Voorlezen aan A. Ik was eind van de middag best gesloopt van de werkdag en voelde me sowieso niet lekker, maar achteraf ben ik zo blij dat ik toch gewoon op de fiets ben gestapt. Dat meisje weet me altijd weer op te kikkeren. Zo leuk om te zien hoe enthousiast ze is over de verhalen die we samen lezen!
  • Dat het op m’n werk eindelijk niet meer absurd druk is, maar gewoon ‘te doen’.
Oké, ik besteed nog steeds een significant deel van de week aan Teams-vergaderingen ;-) Maar in elk geval nu weer met pauzes tussendoor.
  • Mijn collega’s bij Einder. Wát een fijne mensen toch.
  • Dat m’n nieuwe interview voor DUB, het Utrechtse digitale universiteitsblad, online staat. Ik interviewde hoogleraar letterkunde Geert Buelens en dat was enorm leuk. We spraken over lees- en schrijfplezier, de dalende leesvaardigheid onder jongeren en waarom dat een bedreiging vormt voor de democratie, over de kracht van fictie én hoe je een goede column schrijft. Lezen dus!
  • Oude seizoenen van Hunted bingewatchen. Aanrader als je nog een leuke serie zoekt! Geen fictie trouwens, maar een spannend tv-programma waarin twaalf Nederlanders drie weken uit handen moeten zien te blijven van een professioneel opsporingteam. Superboeiend, allereerst al om te zien hoe makkelijk het tegenwoordig is om mensen te vinden op basis van hun digitale gedrag…
0

dinsdag

  • De dag beginnen met een blokje om het park. Ik had vandaag niet veel tijd, mijn eerste vergadering begon om 8 uur, maar ik besloot om 7.45 tóch even tien minuten naar buiten te gaan. En ja, ook dat heeft dus zin. Het kan altijd even.
  • Geïnterviewde die tevreden is over m’n verhaal. Als zo’n stuk dan af is weet ik weer waarom ik dit zo graag doe.
  • Dat het lukte om 16.30 uur te stoppen met werken. Uitloggen, yin yoga doen (een Zoom-les vanuit de studeerkamer, want ik had een beetje keelpijn), en ‘s avonds bewust even NIET naar werkdingen kijken.

0

zaterdag

  • Hatha yoga op zaterdagochtend. Wat is yoga toch een fijn ding om het weekend mee te beginnen.
  • Wijnclub ‘corona-stijl’; in twee kleine groepjes op verschillende locaties. Mede-organisator S hadden een concept bedacht waarbij we de zes wijnen overschenken in glazen flessen. Werkte super! Ook ons idee om wél een Zoom-verbinding op te zetten, maar de avond te verdelen werkte goed: deels in plenaire gesprekken (geluid aan en presenteren/wijnen bespreken met de andere locatie) en daarnaast proefmomenten (geluid uit) om te kletsen met je eigen gezelschap.
  • Borrelplank erbij met allemaal lekkere hapjes, waaronder zelfgemaakte muhammara en guacamole.
0

Locktober

Nou jongens, daar gaan we dan weer.

Kaartje uit de Volkskrant

Toegegeven, het is natuurlijk geen verrassing allemaal. Wie wel eens het bordspel Pandemic heeft gespeeld, weet hoe gruwelijk snel een virusuitbraak uit de hand kan lopen. Zoals de premier al zei: wat vandaag nog nauwelijks een probleem is, kan over een week een ramp zijn waar we geen grip meer op hebben.

Tja, exponentiële groei hè. Ik heb nog nooit zo vaak teruggedacht aan mijn wiskundelessen op de middelbare school als dit jaar.

Maar oké, de stand van zaken: het Einder-kantoor weer drie weken dicht, de wijnclub die ik 31 oktober zou organiseren op (zeer) losse schroeven, de NVJ-training die ik komende maand ging doen gecanceld en de schrijftraining die ik zélf zou geven, gaat waarschijnlijk ook niet door.

In betere tijden, toen ik nog wél schrijftraining kon geven. Lees: amper twee weken terug. (Schrijftraining betekent trouwens niet dat ik op het schoolbord voordoe hoe je een pen vasthoudt, maar dat had je hopelijk door.)

Vooruit, in eerste instantie is het allemaal voor drie weken. En voor de duidelijkheid: ik ben ‘blij’ dat onze overheid de pandemie serieus neemt en tegelijkertijd nuchter blijft. Je zal maar zo’n creep als Trump of Bolsonaro hebben om je door deze crisis heen te loodsen… brr.

We zijn er nog wel even zoet mee

Maar dat neemt niet weg dat het allemaal best heftig is. Terwijl ik de laatste weken – of eigenlijk al sinds juni – min of meer door het leven bewoog alsof er geen virus rondwaart*, voelt dat in één klap weer totaal anders.

*Oké, helemaal normaal waren afgelopen maanden natuurlijk niet. Liefsten niet knuffelen blijft onwennig.

Als ik er langer over nadenk, zijn het niet de maatregelen die me ineens weer op een ander denkspoor zetten. De heftigheid zit ‘m er vooral in dat langzaam tot me begint door te dringen dat die hele corona écht niet zomaar weg is.

Weet je nog toen we aan het begin van het jaar half lachend tegen elkaar zeiden ‘dat dat virus tegen de kerst vast wel weer verdwenen zou zijn’?

In De Correspondent las ik deze week dat het nog maar de vraag is hoe snel een vaccin ons uit de brand gaat helpen – áls er al binnen een jaar een veilig vaccin komt, wat óók nog maar zeer de vraag is. Ten eerste weten we niet hoe effectief zo’n vaccin is (hoe lang ben je bijvoorbeeld beschermd?), en daarnaast vermoedt men dat een kwart van de Nederlanders de prik gaat weigeren. En dat betekent dat de mensen die zich wél laten inenten, een kwalitatief beter vaccin toegediend moeten krijgen, anders komt die groepsimmuniteit er niet.

En dan zijn er nog de praktische bezwaren: wie gaat al die miljoenen (miljarden) mensen inenten? De toch-al-zwaar-overbelaste GGD’s? De huisartsen, die elk najaar al overuren draaien om een handvol patiënten de griepprik te geven?

Niet bang, maar wel bezorgd

Oké, ik ben geen expert dus ik ga deze semifeitelijke borrelpraat nu afkappen ;-) Mijn punt is: niemand weet hoe lang dit nog duurt. Een jaar, twee jaar, vijf?

Ik wil je niet bang maken. Voor het virus zelf voel ik op dit moment ook geen angst – al gedraag ik me aanmerkelijk voorzichtiger sinds we van Sanquin hoorden dat B’s antistoffen al bijna op zijn.

Hoe dat bij mij zit weten we niet, hij doneerde bloedplasma omdat-ie officieel ex-patiënt is, ik ben zelf destijds niet getest omdat dat toen nog nauwelijs kon.

Maar soms ben ik wél een beetje bezorgd hoe lang dit allemaal nog gaat duren.
En vooral: hoe de wereld er daarna uitziet.

Welke ondernemers zullen de crisis overleven? Gaan mijn eigen oma’s uiteindelijk ook bezwijken aan corona? Blijven de ouders van vrienden buiten schot? Maar ook: hoe lang weten Mark en Hugo met hun persco’s de onrustige, wantrouwige, complotdenkende (en laten we eerlijk zijn: verwende) Nederlanders nog gerust te stellen? Wat als we met z’n allen massaal de regels aan onze laars blijven lappen – hebben we hier dan over een maand of twee ook ijshallen en legertrucks vol lijken, zoals dit voorjaar gebeurde in Spanje en Italië?

Een gigantische denkfout

Ach, dat overkomt ons niet.

Dat dachten we toen we in januari de beelden zagen uit Wuhan. Dat dachten we toen een maand later Italië de eerste uitbraak meldde – joh, wij gingen gewoon carnavallen, wat kan er misgaan?

Volgens mij is dit één van de belangrijkste lessen die dit virus ons leert: de gedachte ‘dat het ons niet overkomt’, dat wíj buiten schot bijven, dat ‘we’ er wel wat op verzinnen, is een gigantische denkfout. (En hey, daarmee is een bruggetje naar klimaatverandering ineens wel heel makkelijk gelegd, maar dat terzijde. ;-))

Nou ja, toch een beetje de link met het klimaat dan: het is een vergelijkbare machteloosheid die me soms kan overvallen.

Ja, ook ik baal stevig dat al mijn leuke plannen voor de komende tijd niet doorgaan. Ik was net weer zo lekker op dreef bij Einder; wéér weken- of maandenlang thuiszitten is niet iets waar ik naar uitkijk. Ik word sip van het idee dat het waarschijnlijk nog maanden gaat duren voor ik mijn broer (die in Zweden woont) weer eens zie. Ik leef mee met vrienden die alleen wonen en weer meer op zichzelf aangewezen zijn. En ik houd mijn hart vast als ik de barman van de Malt Vault mistroostig zie kijken.

Maar als ik in de krant berichten lees over Nederlanders die klagen dat hun herfstvakantie in het water valt, of filmpjes zie van BN’ers die ‘niet meer meedoen’, moet ik toch even diep zuchten.

Niemand zei dat het leuk was

Nee jongens, het is niet leuk. Klopt. Mooi klote is het.
Maar niemand zei dat het leuk was. Een pandemie ís nu eenmaal niet leuk.

Daar hebben we het mee te doen.

Natuurlijk is het prettiger en comfortabeler om te denken dat het allemaal wel meevalt. Dat de overheid ons gewoon loopt te misleiden, of zelfs doelbewust voor te liegen. Dat het allemaal één groot complot is. Want ja, dat pleit je vrij van verantwoordelijkheid. Dan wordt je vrienden knuffelen zelfs plots een daad van moedig verzet, van strijd tegen het systeem.

Maar jongens, wil ik dan roepen. Denk na. De realiteit is: er waart een onbekend virus rond. Als mens staan we tegen virussen vrij machteloos.

Ik realiseer me dat het niet helpt – dat zo’n kreet aan dovemansoren is gericht. Zoals het ook niet helpt om verstokte carnivoren te wijzen op zielige biggetjes. En het evenmin zin heeft om m’n vrienden die nog vaak vliegen te veroordelen. Je bereikt er niets mee – sterker nog, zo’n vijandige houding heeft een averechts effect.

#doeslief

Dus laten we, zo lang dit alles duurt, proberen een beetje lief te blijven voor elkaar. Laten we hopen dat we hier als samenleving relatief ongeschonden doorheen komen. En laten we elkaar helpen, waar dat kan. Ik begin in elk geval weer met een wekelijkse sponsorbijdrage aan m’n favoriete afhaalrestaurants – mét belachelijk dikke fooi.

Meedoen is belangrijker dan winnen, zeggen ze wel eens. Maar voor corona geldt misschien: om te winnen, moeten we allemaal meedoen.

1+