• Lat(er)

    Als ik een tijdje weinig blog, vind ik dat achteraf toch altijd jammer. Ik bedoel, ik weet heus dat het soms even niet anders is. Dat het niet redelijk is om van mezelf te vragen om na een lange werkdag schrijven-schrijven-schrijven ook ‘s avonds nog achter m’n laptop te kruipen. Dat er tijden zijn waarin ik zin heb om veel te delen, maar evengoed momenten waarop ik me wil terugtrekken.

    En toch. Toch denk ik ook: misschien mag de lat gewoon weer wat lager. Heus niet elk stukje hier hoeft het vorige weer te overtreffen. Dit is een online dagboek, het mogen ook best flarden zijn. (Wat helpt, is dat ik op SAN natuurlijk al dagelijks wat flarden noteer – nog steeds blij met dat plekje ook, het blijft zo’n goede oefening om telkens weer drie dingen te verzinnen die goed of fijn waren aan de dag.)

    Bovendien: vaak is een post die ik op het moment van schrijven bestempel als ‘flarden’, achteraf toch best een coherent stukje. Of in elk geval iets wat leuk is om te lezen – tenminste, dat merk ik zelf als ik via m’n related posts toevallig op een oud schrijfsel stuit.

    Uiteindelijk is het toch vooral de optelsom van alle gewone dagen, die samen je leven maken.

    En dan merk ik keer op keer hoe waardevol is dat ik registreer wat ik doe. Dat ik foto’s maak van de dingen die ik meemaak (helaas heb ik die gewoonte de laatste jaren een beetje afgeleerd, best jammer vind ik soms – al scheelt het wel een hoop schijfruimte in m’n iCloud), en dat ik erover schrijf. Vooral de combinatie, eigenlijk. Ik bedoel, teksten teruglezen kan me blij-nostalgisch maken maar met een foto reis ik soms in één klap jaren terug in de tijd, en voel ik me weer helemaal zoals toen.

    Anyway. Het is vrijdagavond, weekend en het was me het weekje wel. Veel goeie dingen hoor, maar ook een dag niet fit en een beetje een emotionele rollercoaster. Ik zit in m’n herfst, dat zal er ongetwijfeld mee te maken hebben. Vanavond zou een vriendin komen eten maar stiekem voelde ik opluchting toen ze ‘s middags appte dat ze niet kon komen (ze bleek contact te hebben gehad met een coronapatiënt).

    Gewoon maar even bijkomen dus.

    Samen maakten B en ik tabouleh bowls uit de Vegan Box (na een paar mindere maaltijden hadden we deze week gelukkig weer lekkere gerechten), na het avondeten besloten we nog een stuk te gaan wandelen en we eindigden op de bank met thee en de chocolade-kersentaart die ik vanmiddag haalde bij Gys. Dat laatste onder het mom van ‘nu kan het nog’, want jongens, over precies twee maanden krijgen we al de sleutel van ons nieuwe huis!

    Morgenochtend ga ik naar yoga. Yep, en dat bedoel ik letterlijk: ik ga naar yoga. Na maanden zoomen in de woonkamer – wat me overigens verrassend prima beviel – is morgen de studio voor het eerst weer open. Dat betekent niet meer om negen uur m’n bed uit rollen voor de les van half tien, maar wél weer profiteren van de fijne rustige sfeer die in de yogaschool hangt.

    Ik geloof dat ik er wel zin in heb. Verder op het programma: de 70e verjaardag van B’s mama vieren met pannenkoeken in het bos, en op zondag een fietstocht samen met een vriendin. De eerste keer dat ik sámen met iemand ga wielrennen; beetje spannend wel, maar vooral heel leuk.

    Wat zijn jouw plannen? Fijn weekend!

    Wat fietsen betreft krijg ik trouwens weer steeds meer de smaak te pakken! Maar daarover later meer. ;-)
    0
  • SEO-tips: zo is je blog beter vindbaar in Google

    Geef toe: als je blogt, wil je graag gelezen worden. Natuurlijk kun je je bekendheid vergroten door links naar je verhalen te delen op sociale media, maar het is ook handig als zoekmachines je blog makkelijk kunnen vinden. Gelukkig zijn daar allerlei trucjes voor: SEO – search engine optimization – heet dat in websitejargon. Op internet zijn overal lijstjes met SEO-tips te vinden; zó veel, dat je soms door de bomen het bos niet meer ziet…

    In mijn werk als communicatieadviseur kom ik de term SEO regelmatig tegen, en ik heb ook eens een webinar gevolgd over het onderwerp. Toch had ik me tot voor kort nooit écht verdiept in de materie. Ja, natuurlijk wist ik dat SEO te maken heeft met zoekwoorden en meta-omschrijvingen, maar mijn kennis op het gebied van zoekmachine-optimalisatie voelde niet echt stevig.

    De laatste tijd heb ik me daarom wat serieuzer verdiept in SEO. Vooral omdat ik achter de schermen bezig ben met een verbeterslag van Suushi. Maak je geen zorgen, ik ben niet van plan om mijn blog voortaan honderd procent SEO in te richten – dat zou ten koste gaan van m’n authenticiteit.

    Want dat vind ik wel: SEO-schrijven betekent in zekere zin een verarming van de online taal en een vermindering van je creativiteit als schrijver. Je ‘moet’ immers bepaalde woorden, termen en koppen gebruiken om goed gevonden te worden. Een post met de titel hoe ik leerde mijn verdriet te omarmen doet het qua vindbaarheid beter dan een vage blogtitel als ‘Monster‘. En schrijf je een blog van 600 woorden, dan is het voor de SEO beter als je keywords – termen die aangeven waar het stukje over gaat – daar minstens vijf keer in terugkomen.

    Maar ja, dat betekent ook dat je vindbaarheid boven inhoud stelt. Uniformiteit boven creativiteit. En dat weiger ik.

    Tegelijkertijd is het te makkelijk om te zeggen dat ik ‘dus’ niets doe aan SEO. Je kunt namelijk een heleboel dingen doen die aan de voorkant van je blog niet of nauwelijks zichtbaar zijn, terwijl ze er wél voor zorgen dat je online beter gevonden wordt.

    En die SEO-tips deel ik graag met jou!

    SEO-tips schrijven met een laptop aan de keukentafel

    1. SEO 101: installeer de Yoast-plugin

    Gebruik je WordPress voor je blog? Yoast is je beste SEO-vriend. Wat leer ik veel van deze plugin. Eigenlijk leerde Yoast mij de SEO-tips die ik in theorie al kende, toe te passen in de praktijk, bij elke post weer.

    Yoast laat je in de berichteneditor zien hoe jouw post scoort op leesbaarheid en SEO (rood, oranje of groen). Ook laat de tool precies zien waar de problemen zitten en hoe je die kunt oplossen. Bovendien kun je voor elke blog makkelijk een keyphrase en meta-omschrijving invullen.

    De meta-omschrijving is het stukje tekst dat Google laat zien als jouw post wordt getoond in de zoekresultaten. Je kunt het zien als een ‘advertentie’ voor je artikel. Let maar op als je zelf iets zoekt op Google: vaak bepalen deze twee regels of je op een zoekresultaat klikt. Belangrijk is dat je als lezer het idee krijgt dat de post relevant voor je is.

    2. Zorg voor een pakkende titel

    Tja, daar heb je het al. ;-) Zelf maak ik bewust de afweging om hier niet altijd aan te voldoen. Ik snap ook heus dat een blog als ‘donderdag, vrijdag & zaterdag‘ met als inhoud zes losse puntjes niet héél hoog scoort in Google. Maar ik wil die dagboekstukjes nu eenmaal maken en ze niet steeds inleiden met een heel verhaal.

    Prima dus om dat zo te houden, is mijn afweging. Zolang een aantal posts maar wél makkelijk te traceren zijn – zodat nieuwe lezers hun weg kunnen vinden naar Suushi.

    En dat gebeurt, gelukkig. Zo doet mijn blog met de beste alcoholvrije drankjes als het feest is het nog altijd opvallend goed – overigens ook al vóórdat ik me verdiepte in SEO. Ook m’n recente verhaal over hoe het voor mij was om corona te hebben blijkt populair.

    3. Gebruik tussenkopjes

    Online lezers zijn lui. Zeker lezers die op zoek zijn naar één specifiek stukje informatie, scannen liever een lap tekst dan dat ze elke letter lezen. Bovendien, zeg nou zelf: een wall of text van meer dan duizend woorden leest niet erg prettig.

    Help je lezer dus op weg met tussenkopjes. Belangrijk: maak ze ook op als kop (H1, H2 etc.) en niet ‘gewoon’ als paragraafkopje. Zorg er als het even kan voor dat je keyphrase in de subkopjes terugkomt – dat vinden zoekmachines leuk.

    Persoonlijk kies ik ervoor om dit niet bij elke blogpost te doen (columns hebben nu eenmaal vaak geen tussenkopjes). Maar ik had bijvoorbeeld een aantal blogs met tip-lijstjes waarvan het kopje nog als paragraaf stond opgemaakt.

    Dus dan was dit het kopje
    En begon hier de alineatekst.

    Kleine moeite om de opmaak aan te passen:

    Nu is dit de kop

    En volgt daaronder de tekst. Leest ook meteen prettiger, doordat er meer ‘lucht’ (witruimte) komt op de pagina.

    Op deze manier paste ik bijvoorbeeld m’n blogs met tips om lekker te eten in Slovenië, tips om minder geld uit te geven en het lijstje met 10 boeiende podcasts aan.

    4. Voeg linkjes toe

    Lees je post na het schrijven nog eens goed na. Kun je linken naar andere berichten op je blog, of naar andere websites? Zorg bij voorkeur dat elke blog in elk geval één interne link (naar een andere pagina van jezelf) en een externe link (naar een andere site) heeft.

    Als er veel links naar een bepaalde post leiden, is dat voor Google een indicatie dat dit een belangrijk bericht is.

    Als er veel links naar een bepaalde post leiden, is dat voor Google een indicatie dat dit een belangrijk bericht is. Het beste is natuurlijk als die links niet alleen van jouzelf afkomstig zijn, maar als anderen ook naar je linken.

    5. Geef je afbeeldingen een herkenbare naam

    Geef afbeeldingen een passende, herkenbare bestandsnaam voordat je ze uploadt. Dus niet IMG3204.jpg, maar bijvoorbeeld vers_desembrood.jpg. Daarmee maak je het makkelijker voor Google Images om jouw foto’s te vinden. Voeg bovendien een ‘alt-tekst‘ toe – ook dat kan met Yoast. Dat helpt zoekmachines te begrijpen waar jouw afbeeldingen over gaat.

    kattenplaatjes doen het ook altijd goed
    Kattenplaatjes doen het altijd goed natuurlijk. Ook als ze totaal niets met het onderwerp te maken hebben ;-)

    6. Gebruik tags en categorieën

    Ik snap niet helemaal waarom, maar de meest bekeken pagina van Suushi – naast de homepage – is /tag/crodino. In de eerdergenoemde post over alcoholvrije drankjes heb ik het over Crodino, een bitterzoet aperitief. Om de een of andere reden weten bezoekers deze pagina te vinden (misschien mensen die zoeken naar informatie over cordino?). Ik vermoed dat dat ermee te maken heeft dat de ‘alcoholvrij’-blog goed is getagd. Voeg dus altijd tags toe – eigenlijk op dezelfde manier als je hashtags gebruikt op Instagram.

    Ook categorieën hebben meerwaarde. Door je berichten ordenen in categorieën – zoals Persoonlijk, Minder op je smartphone en Zelfcompassie – kun je ervoor zorgen dat lezers langer blijven hangen. Ze komen toevallig binnen bij één bericht en kunnen makkelijk doorklikken naar andere content die relevant voor hen is.

    Gebruik dus tags en categorieën om je posts te rangschikken – ook daarmee help je de lezer én zoekmachines op weg.

    7. Check je Google Analytics en kijk wat je al in huis hebt

    Het kan geen kwaad om je Google Analytics-statistieken er eens bij te pakken om te zien hoe jouw verschillende pagina’s nu al scoren. Welke posts doen het goed? Hoe lang blijven lezers gemiddeld hangen? En via welke kanalen vinden jouw bezoekers hun weg naar je blog?

    Zeker als je langer blogt, heb je ongetwijfeld een schat aan goede content in je archief – je enige taak is om die informatie beter te ontsluiten.

    Deze informatie kan je helpen om bijvoorbeeld oude berichten op te frissen. Je hoeft namelijk niet pas vanaf nú je berichten beter in te richten. Zeker als je langer blogt, heb je ongetwijfeld een schat aan goede content in je archief – je enige taak is om die informatie beter te ontsluiten. Voeg keyphrases, meta-omschrijvingen, categorieën en tags toe, label afbeeldingen en kijk of je tussenkopjes kunt gebruiken (of bestaande paragraafkopjes kunt vervangen door koppen in alineastijlen). Mooie zomerklus, dacht ik zo. ;-)

    8. Tot slot: zorg voor goede, inhoudelijke en relevante content

    Dit is uiteindelijk misschien wel de belangrijkste tip. Want hoeveel linkjes, tags, en gelabelde foto’s je ook hebt – uiteindelijk gaat het om de inhoud.

    Google beoordeelt je website onder andere op hoe lang bezoekers er blijven hangen. Dat heet het ‘bouncepercentage‘: hoeveel procent van je bezoekers kijkt alleen op de pagina waar ze binnenkomen, en is daar binnen een paar tellen weer weg?

    Een website is in die zin net een restaurant: als je je na twee stappen binnen alweer omdraait, is het vast geen leuke of interessante plek.

    Alle andere SEO-tips kun je zien als hulpmiddelen om jouw bezoeker zo snel en goed mogelijk naar je content te leiden. Maar rammelt de content, dan stort je SEO-bouwwerk als een kaartenhuis in elkaar.

    Kortom: wil je beter gevonden worden in Google, houd dan deze SEO-tips en -trucjes in je achterhoofd. Maar maak het niet te technisch of ingewikkeld voor jezelf; blijf bovenal lekker schrijven vanuit je hart.

    1+