Scheppen

Dit gaat misschien zweverig klinken, maar ik kan de laatste tijd dus zó’n diepe vervulling voelen door m’n werk.

In mijn hele lijf voel ik dan even dat dit is wat ik moet doen. Schrijven. Mensen spreken en hun verhalen op papier zetten.

Neem nou vandaag weer. Ik zette de puntjes op de i van m’n nieuwe bijdrage aan Radboud Magazine, een artikel dat me al een week lang in z’n greep houdt – op een goede manier. Het interview dat ik had met een bekende sterrenkundige bleef me naderhand nog dagen bij. Sterker nog: ik leende direct z’n onlangs verschenen boek bij de bieb en ben dat nu aan het verslinden.

En man, dan mag ik zo’n verhaal maken waar ik zelf ontzettend veel van leer. Op fundamenteel niveau zelfs in dit geval – want over de wereld, het universum en zelfs het bestaan van (een) God. Ik weet niet wat het was, maar iets aan de woorden van die man deed me anders naar geloof kijken dan ik ooit deed.

Misschien wel hierom: als zo’n natuurwetenschapper, iemand met zoveel kennis over het heelal en de grenzen van het mogelijke, een rotsvast geloof koestert in een schepper van het universum… Misschien is dat dan niet eens een gekke gedachte?

Enfin, dat artikel dus. Het was niet bepaald een mákkelijk stuk om te maken; behoorlijk abstract en filosofisch immers, en ja, het blijft natuurlijk mijn taak om de lezer mee te nemen. Schrijven is altijd worstelen – soms een beetje, soms heel veel.

Maar de bevalling die het soms is, maakt dit werk tegelijkertijd zo leuk. Telkens proberen het beeld in m’n hoofd nog scherper te krijgen: wat is de kern, waar gaat het om, wat bedoelt iemand precies? En hoe schrijf ik dat zo precies én pakkend mogelijk op? Uiteindelijk lukt het bijna altijd – en dan is de voldoening groot.

Ja, dat schaven, schaven, graven. Soms voelt het als een diep-intuitïef proces; als het resultaat op papier staat, zou ik je niet meer kunnen vertellen waarom nou precies dát begin, die volgorde. (Hoewel, als ik er echt over na ga denken blijkt het toch ook behoorlijk beargumenteerd te zijn.)

Eind van de middag stuurde ik het verhaal op naar de wetenschapper. Dat blijft altijd een tikje spannend (stukken minder dan vroeger hoor, ik vertrouw er inmiddels op dat ik kan schrijven – maar je hoopt toch dat iemand blij is en zich herkent in de impressie die je van ‘m schetst) en zeker in dit geval had ik eerlijk gezegd pas over een paar dagen reactie verwacht.

Ik bedoel: vrijdagavond, Pinksterweekend, hoogleraar met ongetwijfeld een volle agenda.

Nou, klap ik net nog even m’n laptop open en wat denk je: nu al mail. Een warme, oprechte reactie. Ik heb ervan genoten. Maar wacht, het ging me serieus even niet om die lovende woorden. In die mail van 2 kilobyte zond hij me vooral verbinding en blijdschap. Contact.

Kijk, in mijn mailtje had ik me dus laten ontvallen hoe ik had genoten van het gesprek. Hoezeer hij me had weten te inspireren. Even twijfelde of ik dat wel zou sturen (iets met professionaliteit, ik wilde niet als een halve fangirl overkomen ;-)) maar uiteindelijk dacht ik: we mogen onszelf op de werkvloer ook heus meer laten zien.

Om maar alvast een stukje uit het interview te citeren (wow, unieke preview!):

“Als arts moet je patiënten soms pijn doen om hen beter te maken. Om iets goeds te bereiken, mag je geen medelijden hebben. Maar tegelijkertijd ben je júist een goede arts als je met iemand kunt meevoelen. De kunst is om te weten wanneer je afstand moet nemen, en wanneer je juist dichtbij moet komen. Zo is het precies voor een wetenschapper. Soms moet je sceptisch en kritisch kijken naar de feiten. En soms is het tijd om gewoon mens te zijn, je verwonderen en je af te vragen wat alles betekent.”

Mens-zijn dus.
Ik ben blij dat ik dat deed.

1+
close

Kom je hier vaker?

En wil je graag 1x per maand een lijstje met nieuwe Suushi-blogs in je mailbox? Meld je aan voor m'n kersverse maandoverzicht. Leuk!

2 Comments

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.