Stroom

Ja, en hoe langer je niet schrijft, hoe meer het een ding wordt hè, dat bloggen. Schrijven is toch een spier die je moet trainen. Hoewel die opmerking in dit geval misplaatst is – eerder was ik wat overtraind, misschien.

Ook de schrijver moet af en toe uitrusten. Bijladen. Het brein opschudden. Nieuwe ideeën laten borrelen. Maar goed, daar is het weekend voor – hoewel de zaterdagavond natuurlijk al tijden z’n uitbundigheid mist.

Kijk, zo mooi lag TivoliVredenburg erbij deze week – maar ja, de muziektempel was ‘gewoon’ dicht natuurlijk. Het zou best goed voor me zijn om hier weer eens een nachtje flink te dansen...

Anyway, aan schrijfwerk dus geen gebrek deze dagen.

Wat schreef ik dan allemaal? Om te beginnen natuurlijk een berg teksten bij Einder. Zo werken we voor de Universiteit Twente aan een serie van medewerkers die elkaar interviewen. Ontzettend leuk, want het mogen persoonlijke, inspirerende stukken worden waarin mensen elkaar echt leren kennen.

Zelf maakte ik er tot nu toe vijf:

  • Tukker in hart en nieren is m’n persoonlijke favoriet, al was het maar omdat het zo’n fijn en puur gesprek was tussen Marion en Sterre.
  • Het gesprek tussen Brechje en Albert vond ik ook erg tof, omdat het gaat over klimaatverandering – en wat je daar als universiteit aan kunt doen.
  • René en Karin spraken elkaar over de persoonlijke betrokkenheid van wetenschappers, en over hoe je verder komt als je over je eigen grenzen durft te kijken.
  • It takes a village to raise a child, het verhaal waarin Eric Rita interviewde, was een mooie gelegenheid om m’n Engelstalige schrijfskills weer wat op te krikken.
  • Net als trouwens het interview van Rita met David, dat na het weekend online komt. Extra tof vond ik dat in dit verhaal twee niet-Europeanen aan het woord komen, én dat David uit Cuba komt (hartje Cuba).

Verder waren er allerhande klusjes. Zoals een stukkie over brandveiligheid (best leerzaam, ik wist niet dat je telefoon opladen met nepkabeltjes gevaarlijk is!), een blogpost namens een collega, en (eind)redactie van webteksten en magazines.

Als freelancer was ik gevraagd om weer een verhaal te maken voor DUB, het nieuwsplatform van de Universiteit Utrecht. Ik dook in het experimentele vak Mixed Classroom, dat een van de prijzen van de Hogeronderwijspremie in de wacht sleepte. Wat is er zo bijzonder aan deze cursus? ‘Het voelde alsof mijn brein letterlijk werd opgerekt’.

En alsof dat nog niet genoeg was, schreef ik óók weer een stuk voor Radboud Magazine – zoals je misschien weet, ben ik al vier jaar vaste auteur van dat blad. Dit keer was de opdracht extra leuk (en toegegeven, ook een tikje spannender); ik mocht twee van m’n oud-collega’s bij het Centrum voor Parlementaire Geschiedenis interviewen over de Nederlandse politiek. Eind maart verschijnt het nummer. (Ben je RU-alumnus en krijg je ‘m nog niet? Hier kun je je gratis aanmelden!)

En dan vergeet ik nog het leukste: ik ben de nieuwe eindredacteur van VLOT, een supertof magazine over wonen op het water. Daarover later nog eens uitgebreid meer, maar alvast in het kort: er gaat een wereld voor me open. Ik bedoel, ik wist heus dat ook in Utrecht een hoop woonboten liggen, maar het is net als wanneer je een nieuwe plant of vogelsoort leert: ineens zie je ze overal.

Nou, je snapt het: ik zit niet stil. Misschien maar goed dat ik vorige maand SAN in het leven riep – zo dwing ik mezelf tenminste om elke dag ook een paar persoonlijke woorden te schrijven. Zelfs al zijn het maar drie dingen (of stiekem vier).

Maar tegen de tijd dat ik dan uitgewerkt ben,
en
heb gewandeld
gekookt
gegeten
gekletst
geyogaad

is het wel zo’n beetje klaar.

Of toch niet? Misschien moet ik ook niet zo moeilijk doen. Weet je, de stukjes hier op Suushi voelen soms half als portfoliowerk (wie leest dit en wat betekent dat voor hoe mensen kijken naar mijn schrijven?) maar tegelijkertijd is het natuurlijk wat ik er zelf van maak. Dit is een plek om te schetsen. En in een schetsboek geldt: flarden mogen ook.

“Being free of the dark hold empowers us to take up cour cause. This means being free to act and affirm the intuitive feelings we have by following up on them. (…) It means writing even though you have no conscious idea of what you are writing, even as the words are streaming forth upon the page before your rather curious eyes. And, it means speaking about your work – never hiding it away.”*

(*Aldus de kaart die ik vandaag trok uit het deck van Alana Fairchild. Ik klapte meteen m’n laptop open en maakte deze post.)

1+

Lijstje

Ja, hartstikke leuk natuurlijk, zo’n nieuw dagboekblog, maar waarom is het dan híer vervolgens stil? Geen zorgen, alles gaat goed – ik ben alleen ontzettend veel aan het schrijven voor m’n werk. Ook ‘s avonds. Dus ja, dan blijft er weinig tijd (en schrijf-energie) over.

Om jullie toch een update te geven, dacht ik: ik maak weer eens een ouderwets Lijstje met Random Dingen.

  • Lockdown is nog steeds…tja, lockdown. Toch houd ik me verrassend goed. Ik ga nog altijd elke ochtend vóór werktijd naar buiten voor een ommetje – meestal een kwartier tot twintig minuten – en ik heb het idee dat dat heel veel impact heeft op hoe ik me de rest van de dag voel.
  • Soms mis ik de uitbundigheid. Tot laat dansen, eindeloos tafelen met een fles wijn (of twee). Door het land crossen, heel veel meemaken. Maar minstens zo vaak geniet ik van de stilte – van het feit dat ik nooit meer katers heb en veel minder avonden gaar en overprikkeld ben.
  • For the record: die uitbundigheid mag wel weer terugkomen, straks. In andere dosering dan voorheen misschien, maar onder deze kluizenaar-Suusie schuilt nog steeds een overenthousiaste stuiterbal. Dat moet ik niet vergeten – ze mogen er allebei zijn.
  • Door al dat werkgerelateerde schrijf- en redactiewerk ben ik veel met m’n (vak)ontwikkeling bezig. Dat is superleuk en maakt me blij. Ik maak weer stappen, er zit beweging in. En er komen allemaal nieuwe kansen op m’n pad waar ik energie van krijg.
  • Vanmorgen trok ik voor de vijfde dag een kaart uit mijn nieuwe deck, en het was alwéér Every journey starts with a single step. De derde keer al. Misschien wil het leven me wat vertellen. “You are on a journey. (…) Your journey has started on the inside but its destination will be the physical expression of an internal healing. (…) You may be surprised at exactly how much can be left behind without you feeling concerned or anxious. (…) you are ready to leave behind what once was and embrace what is more appropriate for you at this time.”
  • Hoe steviger ik in mezelf verankerd raak, hoe prettiger ik het ook vind als anderen dat zijn. Anders gezegd: waar ik het voorheen in vriendschappen fijn vond als mensen impliciet rekening met me hielden – en geïntimideerd kon raken als ze dat niet leken te doen – merk ik steeds vaker hoe prettig het juist is als iemand wél ruimte inneemt. Voor zichzelf opkomt. Zegt wat-ie wil. Kortom, als je erop kan vertrouwen dat iemand emotioneel voor zichzelf zorgt – zodat je niet steeds hoeft op te passen dat je over z’n grenzen gaat.
  • Grappig, want ik heb me jarenlang gedragen alsof het innemen van ruimte in andermans leven een offer is voor die ander (en eerlijk is eerlijk, die neiging heb ik nog steeds). Nu besef ik dat het omgekeerde ook het geval kan zijn. Het kan voor de mensen om je heen ook vermoeiend zijn als je géén ruimte inneemt. Omdat je dan onbewust van die ander vraagt dat hij of zij ruimte voor jou creëert.
  • Het is een heerlijk en bevrijdend gevoel om zelf steeds meer voor mezelf te durven gaan staan. Me te durven uitspreken. En ja, natuurlijk is het op sommige momenten ook nog eng. Zoals wanneer ik hier ineens over mijn menstruatiecyclus schrijf, of begin te citeren uit spirituele kaartendecks. ;-)
  • Spirit Island is het nieuwe favoriete bordspel hier in huis. Als je van complexe(re) coöperatieve spellen houdt met eindeloos veel mogelijkheden, is dit een grote aanrader.
  • Vorig weekend bakte ik appeltaart met A en omdat die in no-time op was, deed ik het vandaag gewoon nog eens. Jammie.
  • Ik ben al langer groot fan van collega-tekstschrijver Leonie, en haar laatste online nieuwsbrief was weer fantastisch. Wat, een online nieuwsbrief léuk? Ja, geloof me. Leonie kan dat. Lees maar.
0

Doe het

Corona leert me een hele berg lessen, maar dit is misschien wel een van de belangrijkste: als je iets graag wilt doen, doe het dan.

Wacht niet, stel niet uit. Doe het nu. Je denkt misschien dat er een beter moment komt, en oké, natuurlijk moet je niet álles tegelijk willen. Maar de wereld verandert de hele tijd en jij draait nu eenmaal niet aan de knoppen.

Ik had al een aantal jaar het vage idee om nog een keer naar de westkust van Amerika te gaan. Mijn grootouders die daar wonen weer eens zien, op bezoek bij Eva in San Francisco. En op 1 januari 2019 dacht ik ineens: waarom niet dit voorjaar.

Ja, waarom niet?
Nou, B wilde bijvoorbeeld niet mee, dus ging ik dan helemaal in mijn eentje?! Zou ik dat nou wel doen? Misschien was 2020 wel een geschikter jaar, dan kon ik ook nog even sparen…

Ik ging toch – en achteraf gezien ben ik daar maar wát maar blij om. Zoals we allemaal weten was reizen in 2020 geen optie (in 2021 trouwens ook niet) en sowieso wil ik liever niet meer in een vliegtuig stappen.

Ook zo’n dingetje: die wijncursus. Stond al jaren op m’n lijstje en ineens dacht ik: waarom niet nu. Ik woon in een stad waar het wemelt van de mogelijkheden – dat kan over een paar jaar best eens anders zijn. En verrek, opnieuw bleek de timing perfect. Zelfs al verliep de cursus wat anders door de coronacrisis, hij ging wél door (ik begreep dat inmiddels de meeste programma’s tot nader order zijn geschrapt).

Bovendien drink ik nauwelijks nog alcohol sinds ik medicatie slik. Nu heb ik tenminste wél die wijnkennis en dat papiertje op zak.

En zo kan ik talloze voorbeelden bedenken. Dat m’n nichtje en ik in het voorjaar vaak bij oma in Drenthe gingen logeren; ook zoiets dat vorig jaar ineens niet door kon gaan (en dit voorjaar waarschijnlijk ook niet). Ben ik blij dat ik er de jaren hiervoor wél tijd voor heb gemaakt.

Maar ook de kleine dingen. Mediteren in de trein, een dag in m’n uppie naar de sauna, dansen in Tivoli. En de dingen die nu wél kunnen: spontaan naar een vriendin fietsen omdat je in dezelfde stad woont. Taartjes halen bij je favoriete bakker. Uitwaaien langs het water.

Je denkt dat je nog jaren hebt om te doen wat je wilt, maar de waarheid is: dat wéét je niet. Misschien verhuis je, verhuizen je vrienden, gaat de bakker failliet. Of veranderen je behoeften, waardoor je ineens geen zin meer hebt om elke week tot vier uur uit te gaan.*

Doe het nu. Doe wat (je) kan.
En geniet ervan.
Zodat je straks niet denkt: hád ik maar.



*Hoewel ik de laatste jaren inderdaad steeds minder uitging, snak ik zo onderhand wel naar een feestje zeg. Wanneer mogen we weer?!

2+

San

Weet je, ik zat al een tijdje in m’n maag met die drie dagelijkse dingen hier op Suushi. Vorig jaar tijdens de eerste lockdown begon ik ermee: elke dag drie leuke dingen opschrijven van die dag, kleine en grote ervaringen die de dag de moeite waard maken. In eerste instantie om weer aan het schrijven te raken (daarvoor was het vrij uitgestorven hier), en al snel ook om de monotone thuiswerkdagen kleur te geven.

Ik ontdekte: door elke dag even stil te staan bij wat die dag heeft gebracht, blijven de leuke gebeurtenissen in m’n leven veel beter hangen. De dagen worden minder een blur en misschien wel het belangrijkste directe gevolg: ik zit een stuk beter in mijn vel.

De dagelijkse oefening om terug te blikken op het goede zit inmiddels in m’n systeem. Maar er zat me dus wat dwars: door al die drie-dingen-posts sneeuwden de “echte” blogs wat onder, hier op Suushi. Een tijdje probeerde ik de berichten te bundelen, maar dat was het toch ook niet helemaal.

En ja, natuurlijk kan ik die lijstjes ook offline maken, gewoon voor mezelf. Heb ik geprobeerd – maar de ervaring leert dat ik dit niet volhoud. Juist het delen vind ik leuk, het jullie meenemen in m’n dag en misschien zo nog eens iemand op ideeën brengen. Bovendien draagt het delen van fijne gebeurtenissen bij aan een léuk internet – er is online al genoeg drek te vinden.

Daarom presenteer ik je graag: SAN.

Op deze nieuwe plek (een subdomein van Suushi; san is Chinees/Japans voor drie en er zit natuurlijk ook een stukje van m’n naam in) deel ik voortaan de drie dagelijkse dingen.

Je bent van harte welkom om mee te lezen.

2+

Warme trui

Vandaag, zo herinnerde de krant me eraan, is het Warmetruiendag. Elk jaar op 5 februari zetten duizenden mensen én bedrijven de verwarming een graadje lager als actie voor het klimaat. ‘Verwarm jezelf, niet de wereld’, da’s het idee.

Ik kende Warmetruiendag al langer, maar de eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat ik tot nu toe nooit veel aandacht had geschonken aan het initiatief. Dit jaar is dat anders: vandaag staat de kachel hier op 18 graden.

18?! Ja, want 19 is hier in huis al zo’n beetje het nieuwe normaal. Nog niet zo lang trouwens; rond de jaarwisseling raakte ik geïnspireerd om mijn lichaam weer meer te laten wennen aan koelere temperaturen.

Ik had het namelijk nogal vaak koud. Ook al stond de kachel hier standaard op 20 graden – en soms zelfs 20,5 –, ik zat regelmatig te rillen. Koude voetjes, verkleumde handen, brr. Koud koud koud en ik kreeg het maar niet warm.

Maar toen ging ik in de kerstvakantie logeren bij E en J. Mijn vriendin E is van nature een stuk warmbloediger dan ik (als we vroeger samen gingen hardlopen had ik al twee laagjes thermokleding aan terwijl zij nog in korte broek liep), en bij haar thuis staat de verwarming een stuk lager dan bij mij – graadje of 17, zeg maar. Was natuurlijk even wennen voor me, maar ondanks haar herhaaldelijke aanbod om de kachel wat hoger te zetten als ik het koud had, vond ik dat niet nodig. Ik had een lekker dekentje om mijn benen, kruikje onder m’n voeten én natuurlijk een warme trui aan. Prima zo.

En toen kwam ik na ruim een halve week weer thuis en ineens vond ik die 20,5 graden bij ons verstikkend warm. Ugh, bijna benáuwd zelfs. Het zette me aan het denken: kun je je lichaam trainen op kou? Ja, natuurlijk kan dat: zie ‘iceman’ Wim Hof, zie inwoners van Siberië, zie liefhebbers van natuurzwemmen in de winter.

En zie Suus die in een kleine maand tijd haar lijf leerde te wennen aan een kamertemperatuur van 18,5 graden.

Opvallend genoeg heb ik het nu mínder vaak koud dan toen de thermostaat nog twee graden hoger stond. En het kan placebo zijn, maar ik voel me ook een stuk wakkerder en frisser in m’n hoofd – minder gaar en traag – nu ik koelere lucht inadem.

Hoe doe je dat, wennen aan kou?

  • Doe het stap voor stap. Je lichaam moet zich aanpassen (letterlijk, het heeft geloof ik iets te maken met de verdeling van bruin vet in je lijf) en dat kost tijd. Ga dus niet in één keer van 20,5 naar 18 graden, dan geef je het waarschijnlijk na twee dagen op. En het effect van jarenlang een halve graden minder stoken is veel groter dan twee dagen twee graden omlaag ;-)
  • Kleed je warm aan. Ja ja, die warme trui is helemaal niet zo’n gek idee. We zijn eraan gewend geraakt om ook in de winter in dunne t-shirtjes rond te lopen; trek wat dikkers aan. Ik realiseer me nu dat ik tot voor kort nauwelijks echt warme truien hád. Investeer in kwaliteit. Draag er langemouwenshirts onder en daaronder nog een hemdje. Laagjes werken top!
  • Houd je voeten goed warm. Als ik koude voetjes heb, voel ik me vrij snel verkleumd en ellendig. En dus kocht ik een goed paar stevige sloffen (op Marktplaats; Warmbat Polarfox, gevoerd met wol). Ik draag binnen ook vaak een paar dikke sokken over mijn ‘gewone’ sokken. En houd ik toch koude voeten, dan maak ik een lekkere kruik en leg mijn voeten daarop – bijvoorbeeld als ik uren stilzit doordat ik aan het werk ben.
  • Douche elke ochtend koud af. Of lauw, als de stap van warm naar ijskoud te groot is. Hoeft niet láng; begin met maximaal 15 seconden. Of adem drie keer rustig in en uit. En heel belangrijk: adem diep en ontspan. (Zie ook volgende punt)
  • Toch koud? Ontspan bewust je spieren. Adem diep in door je neus en langzaam uit door je mond. Opvallend vaak zit kou in je hoofd; het is een angstreactie van je lijf en doordat je lichaam zich aanspant, stopt je energie met stromen en krijg je het júist koud. Ik doe dit nu ook vaak als ik merk dat ik tijdens het wandelen loop te rillen.
  • Stook je interne kachel op: beweeg! Soms heb ik na een werkdag enorm koude handen, omdat ik uren heb zitten typen in een koele kamer. Loop ik dan even tien minuten een blokje om of doe ik mijn fysio-workout van een kwartiertje, dan gloei ik weer helemaal vanbinnen.
  • Heb geduld. Ik herinner me dat de eerste week waarop ik de kachel hier op 19,5 graden zette, best even wennen was. En de eerste week was dat koud afdouchen ook echt niet altijd een pretje (hoewel eigenlijk alleen het moment van temperatuurwisseling vervelend was; achteraf voel je je juist heerlijk opgefrist!). Accepteer dat het wat tijd kost om te wennen aan je nieuwe omgevingstemperatuur. En heel belangrijk: maak er geen strenge bootcamp van. Wees zacht en lief voor jezelf – alleen dan vind je de ontspanning, en vanuit ontspanning komt warmte.

0