Skip to content

Suushi. Posts

Maandag

De zomer loopt ten einde, en ik ben weer verslaafd aan mijn telefoon. Misschien verklaart dat deels de gaarheid die me nu alweer een paar dagen in z’n greep houdt. Of nee, wacht, dat is niet het enige. Na tweeënhalve week vakantie in Frankrijk en Zweden was de overgang naar het werkende leven nogal heftig. Dat ook. Ik had niet echt weekend, afgelopen dagen, want vandaag wachtte een deadline voor Radboud Magazine op me.

Die deadline heb ik gehaald – althans, als de geïnterviewde en mijn chef het stuk vanmiddag goedkeuren. Dat hoop ik maar, want hoewel ik wel vaker niet enorm blij ben met de stukken die ik schrijf (en ja, da’s grotendeels een gevalletje ‘te kritisch’), vind ik het nu allemaal wat slordig, gehaast opgetekend. Vooruit, de inhoud staat, maar ik had graag meer rust en ruimte gehad om er een mooi verhaal van te maken. Ach, zo gaat het soms. En wat B zei, moet ik ook in mijn oren knopen: “Jouw schrijfstandaard ligt zo hoog, dat het sowieso een prima artikel is.”

Maar ja, over die telefoonverslaving he. Of eigenlijk: sociale-mediaverslaving. Waarom blijft dat toch zo ingewikkeld? Ik vind het enorm leuk om verhalen te delen op Instagram, om in contact te komen met mensen in de online wereld, en om me te laten inspireren door artikelen die gedeeld worden op Twitter en Facebook. Tegelijkertijd – altijd hetzelfde liedje – gaat m’n concentratievermogen er een beetje aan, als ik uren per dag zit te scrollen.

Wat ik gemist heb, afgelopen tijd: pianospelen. Ik moet er echt weer ‘in’ komen, merk ik, de prestatiedruk die ik mezelf opleg ligt erg op de loer. Speel maar, Susie, probeer ik tegen mezelf te zeggen. Uren maken is op lange termijn effectiever dan elk uur alleen maar het nog sneller en nog beter willen doen – want dan gaat de lol eraf en speel je minder. Hetzelfde geldt voor lezen. Deze week las ik in de Volkskrant een artikel waar schrijver Özcan Akyol aan het woord komt. Hij pleit voor dagelijks een half uur een boek lezen. Doe het nou, zei hij, maak die tijd. Het is net als met chips eten en bankhangen versus fruit en naar de sportschool – vaak kost het wat moeite, maar achteraf ben je er blij om. Het verrijkt je. Je bouwt aan jezelf.

Zo is het met lezen, ja. En met schrijven misschien ook wel. Ik merkte tijdens het schrijven van dat Radboud Magazine-artikel dat m’n routine er een beetje uit ligt. Dat is misschien niet gek – het was alweer een half jaar geleden dat ik een verhaal van 1800 woorden maakte! – maar wel verontrustend. Ik wil de routine terug. Mijn schrijven is mijn alles, dat wil ik niet kwijt.

Wat wil ik komende maanden doen, nu het najaar wordt en – ik loop maar vast wat vooruit op de zaken – de dagen korter worden? Ik heb behoefte aan input, inspiratie, dingen om blije kriebels van te krijgen. En ik worstel een beetje met de neiging om nu lijstjes te gaan maken met hoe ik dat voor elkaar ga krijgen – het worden al zo snel weer eisen en ik ben nou juist aan het leren de dingen op z’n beloop te laten.

Maar soms is het toch ook fijn, om je wensen en verlangens over het leven uit te spreken? Zonder direct een verhaal op te hangen over de Law of Attraction, ik denk in elk geval dat ik daardoor altijd erg gefocust kon zijn op de dingen die ik wilde. Omdat ik wist waar ik heen wilde. Waar wil ik nu heen, wat zijn mijn dromen? Iets om over na te denken.

Een tijdje geleden nam ik me voor hier twee keer in de week een stukje te schrijven. Gewoon, even dit blogvenster openen – voor 200 woorden of 800, dat maakt niet uit. Wat ik verder graag wil (blijven) doen:

pianospelen,
boeken lezen,
hardlopen.

Zie, zo veeleisend ben ik nou ook weer niet. ;-)

1 reactie

Wat nou

Dat Ljubljana-blogje komt nog hoor, maar eerst even wat anders.

Want het is nu 23:12 uur en ik lig in bed en ik denk ineens: wat nou, hè. Wat nou als ik me gewoon nooit meer tegen laat houden door al die angsten, twijfels en doemscenario’s van mij.

Ik doe maar even gek – en probeer het me daadwerkelijk voor te stellen. Wat nou als ik die oordelen-waarvan-ik-denk-dat-anderen-ze-over-mij-hebben eens MUTE in m’n hoofd. Als ik niet meer twijfel of ik het wel kan, als ik weer eens ga praten bij een nieuwe klant. Als ik er zelfs op ga vertrouwen dat ik ook heus een presentatie kan geven, of een workshop. Als ik eens ophoud met dat ge-‘je bent zo goed als je laatste artikel’ en er vanuit ga dat sommige dingen gewoon in mij zitten. Wat nou als het gewoon oké is dat niet elk stuk dat ik schrijf het scherpste ooit is – wat nou als het dan nog steeds goed genoeg is. Wat nou als ik echt, werkelijk, standaard uitga van het goede in mij, in plaats van dat ik doe alsof mijn tekortkomingen datgene zijn dat anderen als eerste aan mij zien.

Zou de wereld er veel slechter van worden, als ik dat zou doen? Zou ik er slechter van worden?

Ik heb het gevoel dat ik op de goede weg zit. Dat ik veel van de dingen hierboven al doe, steeds vaker. En dat, als ik vandaag vergelijk met met een jaar geleden, ik zo veel meer doorleef. Enerzijds zacht voor mezelf ben, anderzijds ruimte maak voor de harde kanten van het leven. Ik raak niet meer steeds in paniek als ik verdriet of gemis voel. En ook als het nog niet lukt om de boosheid naar mezelf direct te temperen (bijvoorbeeld toen ik van de week een boete plus aanmaning van de Belastingdienst op de mat vond, kaching, bye bye 113 euro), ik zie in elk geval die boosheid en begin te beseffen dat ik ook anders kan reageren.

Dat ik ook kan denken: ach lieverd, wat naar dat dit nu gebeurt. Dat is balen. Wil je een knuffel?

Ja. Ik word vrienden met mezelf. En wat nou als ik hiermee doorga. Waar sta ik dan, over een jaar?

 

 

2 reacties

Nog meer lekker eten in Slovenië: Piran

Begin deze week maakte ik een lijstje met de beste eetplekken die ik aandeed tijdens mijn verblijf in de regio Bled en Bohinj. Vandaag de volgende bestemming van onze reis naar Slovenië: Piran!

We zouden eerst alleen naar de Sloveense bergen gaan, maar nadat ik op verschillende blogs had gelezen dat je dit havenstadje eigenlijk niet mag overslaan, op de cover van de LonelyPlanet een schitterende foto van Piran staat én we ontdekten dat het maar twee uurtjes rijden is vanaf Bohinj, besloten we toch 2 dagen en 2 nachten door te brengen aan de Adriatische kust. Dat bleek een erg goede keus!

Ook in Piran kun je goed eten. Vooral vis, vis, vis, schaal- en schelpdieren en vis. Maar ook andere dingen hoor. Bijvoorbeeld hier:

Cantina Klet
Dit plekje staat op nummer 1 van TripAdvisor én heeft een ster (aanbeveling) in de Lonely Planet. Natuurlijk vanwege het lekkere eten, maar ook – vermoed ik – vanwege het concept en de locatie. Cantina Klet ligt in de hoek van een rustig pleintje in het centrum van Piran. Het terras heeft schaduw van een grote druivenplant; de ober komt je drankjes opnemen en als je iets wilt eten, loop je zelf naar het open luik van de ‘Fritolin’. We aten er mosselen met gesmolten kaas en tomatensaus die de ober ons aanraadde en gebakken zeebaars met polenta. En verder dronken we er een fles Malvazija (Sloveeens witte wijn) en kwamen een beetje bij van de reis. Daar was het een erg prima plek voor.

Prvomajski trg 10, Piran

Pirat
Dit restaurantje aan de rand van het centrum serveert een lunchmenu voor 7 euro. Hoewel dat lekker klonk (gnocchi met tonijnsaus, salade, soep), hadden B en ik allebei meer zin in pasta – en dus gingen we voor black tagliatelle met garnalen en zwaardvis. Was lekker, net als de huiswijn, die ook hier weer voor 1,20 euro per glas voor je wordt ingeschonken.

Župančičeva ulica 26, 6330 Piran

Koffie bij Caffe Neptun

Piran is helemaal niet super-crowded, maar als je de (relatieve) drukte dan toch wilt ontvluchten, ga dan lekker op het terras zitten bij Neptun. Dit chille koffiezaakje aan het water serveert hele goeie ‘cold brew’. Wij kwamen hier elke dag wel even voor een drankje en een spelletje; niet te lawaaiig, mooi uitzicht op de helderblauwe zee. Ze hebben er ook cocktails.

Dantejeva ulica, 6330 Piran

Pizzeria Petica
Hier haal je naar verluidt de beste pizza’s van Piran, en dat kan ik me goed voorstellen. De pizza rucola die B en ik er deelden, smaakte érg goed als late night snack (we hadden nogal eh, stevig geluncht bij Cantina Klet – zie hierboven). Ik heb er helaas geen foto van, dus neem maar van me aan dat ‘ie er ook goed uitzag. ;)

Župančičeva ulica 6, 6330 Piran

Ontbijten op het plein bij Mestna Kavarn
Eén van de vuistregels die ik aanhoud bij het kiezen van eettentjes op reis, is: vermijd de grote pleinen. Je betaalt deels voor de locatie en de meeste gasten komen eenmalig, dus zo’n restaurant doet doorgaans weinig moeite om de kwaliteit hoog te houden. Resultaat: overpriced, matig toeristenvoedsel. Ik was dan ook wat sceptisch toen Mestna Kavarna op TripAdvisor werd genoemd als supergoed ontbijtplekje.

Maar goed, het was onze laatste ochtend, B en ik hadden honger en we waren tot dan toe weinig (lees: geen) goede ontbijtlocaties tegengekomen in Piran. En nou, mijn scepsis was onterecht, want we hebben lekker gegeten hier op het Tartini-plein! Voor ruim zes euro heb je scrambled eggs of een ‘mixed breakfast’ met croissant, broodjes, beleg en rauwkost. Sandwiches kosten rond de 5 euro.  Een koningsontbijt zou ik het niet noemen, maar naar Sloveense maatstaven (waar men niet echt veel ontbijt) is het prima.

Tartinijev trg 3, 6330 Piran

Laat een reactie achter