Skip to content

Moed/t

Na bijna twee weken vakantie in Zweden vlieg ik morgen naar huis. Het was de eerste keer sinds de zomer van 2013 dat ik langer dan een week weg ging & niets te doen had. En o, wat was dat een goed idee. (Duh.)

Nu moet ik zeggen, het duurde even hoor. Om los te komen. Los van de zorgen over mijn ‘toekomst’, los van piekeren over wat ik nu eigenlijk wil doen de komende tijd. Los van eindeloos nadenken over alles. Stoppen met twijfelen. (Ik weet niet of ik er echt ‘los’ van ben nu, maar ik kijk er in elk geval een stuk relaxter tegenaan.)

Eigenlijk niet gek ook, dat het even duurde. Op 4 maart 2014 stak een wervelwind op die pas op 21 maart 2016 (even) ging liggen. Vanuit het niets was ik ineens een poppetje in de landelijke journalistiek. 22 jaar, stagiaire. Toen 23 jaar, verslaggeefster. Het weekend van mijn 24e verjaardag vloog ik voor het eerst naar het buitenland voor de krant. Toen een paar intense maanden Den Haag. En nu, een kleine drie maanden voordat ik 25 word, is het plotseling even stil.

Vaak moet ik  denken aan het blog dat Lindsey ruim twee jaar geleden schreefI am not my job. Ook zij had na jarenlang altijd bezig te zijn geweest ineens (relatieve) ruimte in haar agenda.

Ik ben best wel gewend dat alles in het leven gaat zoals ik dat wil. (…) Ik maak een plan en ik voer het uit. Toen ik net afgestudeerd was liep ik ontzettend tegen een muur op. 

(..)

Iedereen is druk druk druk. En ik houd er van om druk te zijn. Druk bezig zijn associëren we met succesvol. (…)  Ik deed het vorig jaar en ontleende een groot deel van mijn identiteit hieraan. Nu een deel van dit wegviel (studeren) kwam er logischerwijs ook een deel vrije tijd. En voelde ik me een kneus vanwege al die vrije tijd. Maar langzaam komt het besef.

I am not my job. En met dat besef komt er ook een soort rust. Natuurlijk hoop ik voor het einde van het jaar mijn droombaan te vinden – maar ik wil mezelf in de tussentijd ook leuk vinden. Ook de moeite waard vinden met wat meer vrije tijd dan gebruikelijk in mijn agenda. En langzaam kom ik tot dat punt. Ik ben nog steeds mezelf. Ik heb nog steeds dezelfde ambities. (..) Ik mag na 2 jaar keihard werken aan mijn master even wat adempauze nemen.

Het is precies dat. Sinds een paar dagen daalt die rust over me heen. Eigenlijk heb ik sinds mijn bachelorscriptie (bijna) altijd doorgewerkt. Goed, af en toe was ik best een weekje of twee vrij, maar er was altijd meteen een volgend plan. Pre-master. Master. Stage. Scriptie. Bijbaan op de universiteit. Publicatie. En zo rolde ik van de ene op de andere dag het werkende leven in. (Bijna) alles ging zoals ik dat wilde, hoopte, verlangde.

Het was allemaal verschrikkelijk gaaf en bijzonder. Ik doe graag veel, leg de lat hoog. En ik houd enorm van het proces – van de knagende onrust voor je begint (HOE GAAT DIT ME IN GODSNAAM OOIT LUKKEN?) tot de adrenalinekick en daaropvolgende tevredenheid als het dan tóch weer is volbracht. Binnen één dag een paginagroot interview tikken? Let’s do it. In krap twee uur tijd en met harde deadline een heftige 800w-reportage in elkaar schrijven? Natuurlijk. Zelf een wetenschappelijk artikel publiceren? Waarom niet. Mijn zegje doen over de krant ten overstaan van 25 ervaren collega’s, waaronder de voltallige hoofdredactie? Goed dan. O, kom maar op met die heuveltraining.

Nu ik aan al die dingen terugdenk, gaat m’n hart alweer sneller kloppen. Groeien, groeien. Wanneer mag ik weer? Maar soms vergt het meer moed om de leegte er even te laten zijn. Zoals op een uitgeput stuk landbouwgrond niets meer groeit, zo moet je denk ik ook in je leven soms even ruimte maken om dingen op hun beloop te laten. Zodat er iets nieuws kan ontspruiten.

En wat die stilte betreft: het is zo stil als ik het maak, natuurlijk. Niet alsof, nu ik niet aan één krant tegelijk gebonden ben, mijn zzp-onderneming ineens ophoudt. Integendeel. Dat freelancen is zo gek nog niet – ik snap ineens wat al die zelfstandigen bedoelen met ‘vrijheid’.* Tekstschrijven vanaf een tropisch eiland, anyone? ;)

En dan nog dit. Ik weet nu: ook zonder volle agenda vind ik nog steeds dezelfde dingen leuk (hardlopen, lekker eten, boeken lezen, goede gesprekken voeren). En zoals het er nu naar uitziet vindt niet iedereen mij ineens stom of waardeloos. Misschien sta ik zelfs niet eens zo ‘stil’ als ik zelf steeds vind. Groei is niet altijd tastbaar of uit te drukken in cijfers.

Dit mag dan zweverig klinken, maar: ergens wist ik altijd al dat deze tijd van ‘bezinning’ er even moest zijn nu. En joh, het is ook allemaal maar zo groot als je het zelf maakt. Komende week schrijf ik weer een rubriek voor de krant en ik heb er ontzettend veel zin in.

*Vrijheid is ook: lekker tikken hier op Suushi & minder bang zijn wat anderen daarvan denken. Joh, iedereen doet maar wat. En/of houdt zichzelf voor de gek.

2 reacties

  1. Goed gesproken, eh geschreven :). En zo herkenbaar. Toen ik jaren geleden aan de zijlijn van de werkende maatschappij kwam te staan, overviel mij ook dit gevoel, en het was zo moeilijk om dit maar te moeten “accepteren”. Toch heeft het me veel gebracht, hoe zwaar en moeilijk het vaak nog is. Maar ik weet één ding zeker: you rock girl!

  2. Mooi hoe je steeds wel durft. Maar ook hoe je twijfelt. Dat vind ik misschien nog wel mooier. Hou je taai!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.