A little bit of everything, all rolled into one

de 10 leukste plekken om lekker te eten in Utrecht

Inmiddels weet ik in Utrecht aardig goed waar je moet zijn om lekker te eten en drinken (en ook: waar je beter kunt wegblijven…). Omdat mensen me regelmatig om tips vragen: hier mijn favoriete plekjes om te eten en drinken in Utrecht!

1. Wijn en bruschetta’s van Verde Marrone

Verde Marrone ontdekte ik per ongeluk toen wijnbar Talud9, dat er tegenover huist, weer eens propvol zat. De eigenaren hadden ook door dat ze meer klanten kregen dan ze aankonden, en openden daarom deze nieuwe tent met eigen concept. Bij Verde Marrone alleen Italiaanse wijnen op de kaart, én een hele reeks verse bruschetta en andere hapjes.

Donkere Gaard 2

2. Taartjes van de Bakkerswinkel

Natuurlijk eet ik ook wel eens op andere plekken in Utrecht een taartje. Maar keer op keer kom ik weer tot de conclusie dat niets kan tippen aan de lekkernijen van de Bakkerswinkel. Voor hun cheesecake met witte chocolade en framboos fiets ik graag een blokje om, en in het weekend haal ik er ook graag een halfje vers desembrood (Van Menno). Althans, háálde, want sinds kort bak ik zelf!

Tip: ‘s avonds kun je bij de Bakkerswinkel ook kaasfonduen. Dit probeerde ik afgelopen week uit en was erg leuk en lekker! Heb je heimwee naar je wintersportvakantie, of zoek je gewoon een knus, romantisch en niet te ingewikkeld restaurant, dan raad ik je dit zeker aan.

Wittevrouwenstraat 2

taart van de Bakkerswinkel
Taartjes van de Bakkerswinkel kun je ook heel goed mee naar huis nemen!

3. Uitgebreid dineren bij Madeleine

Ja oké, ze stonden natuurlijk in de Volkskrant dit jaar en sindsdien is het er standaard zó druk dat dat bijna een beetje afdoet aan de gemoedelijke sfeer. Maar Bistro Madeleine is niet voor niets een van mijn favoriete restaurants geworden dit jaar. Mooie, originele gerechten en smaken, heerlijke (bijpassende) wijnen. Enige minpuntje: voor vegetariërs hebben ze, behalve de groentegerechten (ter grootte van een tussengerecht), wat minder keus.

Madeleine zit trouwens praktisch naast Verde Marrone en Talud9, dus begin je avond zeker met een goed glas daar!

Het Wed 3A

4. Biertjes bij Olivier

Bij Olivier moet je sowieso even naar binnenlopen, ook als je niet van bier houdt. Dit Belgisch biercafé is namelijk gevestigd in een oude kerk – inclusief torenhoog plafond, orgel en fresco’s op de muur. Dat maakt wel dat je op een zaterdagavond knettergek wordt (de akoestiek is, zoals je zult begrijpen, niet geweldig) maar hé, het goede speciaalbier maakt veel goed.

Tip: ga rond de middag naar Olivier, als het lekker rustig is, en bestel een warme wafel met kersen en/of chocomel.

Achter Clarenburg 6A

5. Pizza van O’Panuozzo

Ja, als ik ooit verhuis uit Utrecht, zal ik dit plekje denk ik het meeste missen. De pizza’s van O’Panuozzo zijn beter dan die in (Noord-)Italië, ik beloof het je. Vooruit, er staat dan ook een team rasechte Italianen in de keuken én achter de bar, en ze importeren al hun ingrediënten uit la bella Italia. Originele smaakcombinaties en vooral een HELE. LEKKERE. KORST. Glas bijzonder prima huiswijn erbij (voor 3,75 euro, waar vind je dat nog in Utrecht?!) en je hebt mij gelukkig, hoor.

O, en vergeet zéker ook niet de tiramisu te proeven. Die is namelijk echt heel goed hier.

Mariastraat 35 (er zit ook een vestiging aan de Voorstraat, maar daar schenken ze geen wijn)

pizza O'Panuozzo

6. Indonesisch bij Blauw

Heb je zin in een goeie rijsttafel, dan ga je naar Blauw. Dit restaurant – met knalrood interieur ;-) – is al jaren dé hotspot voor Indonesisch eten. Onlangs gingen B en ik ergens anders rijsttafel eten, en hoewel dat ook prima was hadden we achteraf toch een beetje spijt. Blauw is gewoon het allerbest.

Springweg 64

7. Simpel en gezellig eten bij West

Eetcafé West zit bij mij om de hoek en wat ik hier zo prettig vind, is dat het niet pretentieus is. Bij West vind je prima eten voor schappelijke prijzen. Verwacht geen bijzondere combi’s, maar gewoon, een goede maaltijd zonder poespas. En vooral (!): geen gedoe met shared dining-concepten – dat was vijf jaar geleden leuk voor de verandering, maar inmiddels ben ik er heel erg klaar mee. Negen van de tien keer betekent het vooral “duur en weinig”, en een excuus om alle borden in random volgorde op tafel te kwakken.

Nu moet ik bekennen dat West wél de optie heeft om halve gerechten te bestellen, maar dat is vooral handig als je niet kunt kiezen en verder hoef je je daar ook niets van aan te trekken. ‘De huiskamer van Utrecht’, noemen ze zichzelf – en dat geeft wel een goed beeld van de sfeer.

Vleutenseweg 433

8. Lekker dineren en wijntjes in de zon bij Blij

Eén stapje meer ‘restaurant’ dan West, maar nog steeds lekker no-nonsense én met verrassend goed eten – dat vind je bij Blij. In de zomer kun je heerlijk aan het water zitten (de Vecht stroomt door de achtertuin) en ook binnen is dit een gezellige plek. Ook geschikt voor grotere groepen; de kaart heeft voor elk wat wils, de wijn is lekker en de desserts stellen niet teleur.

Brugstraat 2

eten bij Blij Utrecht

9. Cocktails van Behind Bars

In een zijstraatje van de Oudegracht, op loopafstand van de Dom, zit Behind Bars. Bij deze knusse cocktailbar vind je op het menu niet de ‘standaard’ cocktails, maar allerlei eigen creaties met namen als Antibiotic, Painkiller en Reina’s Heritage (hoewel je ook gewoon een Cosmo kunt bestellen hoor). Naast de ‘vaste’ kaart maken ze ook drankjes op aanvraag, dus ben je in een avontuurlijke bui, laat je dan vooral verrassen!

O ja, en let even goed op de huisregels als je de kaart bestudeert, want je wordt óók nog gerickrolled, haha.

10. Whiskeyproeven bij The Malt Vault

Woon je in Utrecht en heb je nog nooit van deze plek gehoord? Dat kan kloppen. De eigenaar wil namelijk geen zuipende toeristen in z’n whiskeybar, dus The Malt Vault heeft geen uithangbord en je moet met een trappetje naar de werf langs de Oudegracht om er te komen. Alleen te vinden als je weet waar je moet zijn, dus, en dat alleen al maakt deze plek zo leuk.

In een van de werfkelders hebben ze een muur met meer dan 100 flessen whiskey, en de barman bedenkt graag een proeverij die precies past bij jouw smaak. Heb je geen idee wat jouw smaak is? Geen probleem, hij helpt je graag op weg. Voor erbij serveren ze kaas-, worst- en chocoladeplankjes.

Oudegracht aan de werf 54A

0

Nog meer lekker eten in Slovenië: Piran

Begin deze week maakte ik een lijstje met de beste eetplekken die ik aandeed tijdens mijn verblijf in de regio Bled en Bohinj. Vandaag de volgende bestemming van onze reis naar Slovenië: alles over lekker eten in Piran!

We zouden eerst alleen naar de Sloveense bergen gaan, maar nadat ik op verschillende blogs had gelezen dat je dit havenstadje eigenlijk niet mag overslaan, op de cover van de LonelyPlanet een schitterende foto van Piran staat én we ontdekten dat het maar twee uurtjes rijden is vanaf Bohinj, besloten we toch 2 dagen en 2 nachten door te brengen aan de Adriatische kust.

Dat bleek een erg goede keus! Het is er namelijk heerlijk vertoeven – en je kunt er superlekker eten.

Ook in Piran kun je goed eten. Vooral vis, vis, vis, schaal- en schelpdieren en vis. Maar ook andere dingen hoor. Bijvoorbeeld hier:

Cantina Klet

Dit plekje staat op nummer 1 van TripAdvisor én heeft een ster (aanbeveling) in de Lonely Planet. Natuurlijk vanwege het lekkere eten, maar ook – vermoed ik – vanwege het concept en de locatie. Cantina Klet ligt in de hoek van een rustig pleintje in het centrum van Piran. Het terras heeft schaduw van een grote druivenplant; de ober komt je drankjes opnemen en als je iets wilt eten, loop je zelf naar het open luik van de ‘Fritolin’. We aten er mosselen met gesmolten kaas en tomatensaus die de ober ons aanraadde en gebakken zeebaars met polenta. En verder dronken we er een fles Malvazija (Sloveeens witte wijn) en kwamen een beetje bij van de reis. Daar was het een erg prima plek voor.

Prvomajski trg 10, Piran

Pirat

Dit restaurantje aan de rand van het centrum serveert een lunchmenu voor 7 euro. Hoewel dat lekker klonk (gnocchi met tonijnsaus, salade, soep), hadden B en ik allebei meer zin in pasta – en dus gingen we voor black tagliatelle met garnalen en zwaardvis. Was lekker, net als de huiswijn, die ook hier weer voor 1,20 euro per glas voor je wordt ingeschonken.

Župančičeva ulica 26, 6330 Piran

Koffie bij Caffe Neptun

Piran is helemaal niet super-crowded, maar als je de (relatieve) drukte dan toch wilt ontvluchten, ga dan lekker op het terras zitten bij Neptun. Dit chille koffiezaakje aan het water serveert hele goeie ‘cold brew’. Wij kwamen hier elke dag wel even voor een drankje en een spelletje; niet te lawaaiig, mooi uitzicht op de helderblauwe zee. Ze hebben er ook cocktails.

Dantejeva ulica, 6330 Piran

Pizzeria Petica

Bij Petica haal je naar verluidt de beste pizza’s van Piran, en dat kan ik me goed voorstellen. De pizza rucola die B en ik er deelden, smaakte érg goed als late night snack (we hadden nogal eh, stevig geluncht bij Cantina Klet – zie hierboven). Ik heb er helaas geen foto van, dus neem maar van me aan dat ‘ie er ook goed uitzag. ;)

Župančičeva ulica 6, 6330 Piran

Ontbijten op het plein bij Mestna Kavarn

Eén van de vuistregels die ik aanhoud bij het kiezen van eettentjes op reis, is: vermijd de grote pleinen. Je betaalt deels voor de locatie en de meeste gasten komen eenmalig, dus zo’n restaurant doet doorgaans weinig moeite om de kwaliteit hoog te houden. Resultaat: overpriced, matig toeristenvoedsel. Ik was dan ook wat sceptisch toen Mestna Kavarna op TripAdvisor werd genoemd als supergoed ontbijtplekje.

Maar goed, het was onze laatste ochtend, B en ik hadden honger en we waren tot dan toe weinig (lees: geen) goede ontbijtlocaties tegengekomen in Piran. En nou, mijn scepsis was onterecht, want we hebben lekker gegeten hier op het Tartini-plein! Voor ruim zes euro heb je scrambled eggs of een ‘mixed breakfast’ met croissant, broodjes, beleg en rauwkost. Sandwiches kosten rond de 5 euro.  Een koningsontbijt zou ik het niet noemen, maar naar Sloveense maatstaven (waar men niet echt veel ontbijt) is het prima.

Tartinijev trg 3, 6330 Piran

0

Lekker eten in Slovenië: de beste tips

Hoi! B en ik zijn net terug van een heerlijke week in Slovenië. Even hoor: wat een prachtig land!

Goed, first things first: ik deel graag mijn tips voor goed en lekker eten in Slovenië met jullie. Zoals je misschien weet, haal ik er voorafgaand én tijdens mijn reizen veel plezier uit om de beste, leukste, tofste en interessantste eet- en drinkplekjes te vinden. Dat is, al zeg ik het zelf, ook dit keer prima gelukt. Met dank aan de Lonely Planet, TripAdvisor, Reisgenie en anderen – en hier en daar ook gewoon met dank aan gelukkig toeval. :)

Tijdens onze vakantie bezochten we 4 plekken: de meren Bled en Bohinj, het schilderachtige en ontzettend pittoreske kustplaatsje Piran, en hoofdstad Ljubljana. Dat zag er – héél in het kort – zo uit:

Het meer van Bled. Nee, deze foto is niet bewerkt – het meer is écht zo blauw.

Wandelen in de vallei van Bohinj. (En deze foto is inderdaad ook niet bewerkt.)

Hiken naar de top van berg Sija (1880m).

Piran, havenstadje dat zo op een schilderij past.

Piran.

Ljubljana.

Meer Ljubljana. Je snapt waarom deze stad in 2016 ‘Green Capital’ was (net als Nijmegen dit jaar). Ik ben verliefd!

Goed, op naar dat voedsel. En omdat dat nogal een lang verhaal is, vandaag deel 1: Bled en Bohinj. Ga je naar deze regio’s op vakantie, dan kun je hier lekker eten:

Dineren met spectaculair uitzicht: restaurant bij kasteel Bled
Om maar meteen met het állervetste te beginnen: je kunt eten in het kasteel van Bled. En dat wil je. Bled is namelijk het mooiste, blauwste, meest sprookjesachtige meer dat ik ooit heb gezien. Op een berg rondom dat meer ligt het middeleeuwse kasteel van Bled. En op de vroegere binnenplaats van het kasteel ligt nu een schitterend terras, van een goed restaurant.

Hier kun je lunchen of dineren; ‘s avonds ben je verplicht het tasting menu te kiezen (4 gangen met steeds 2 keuzes per gang, plus amuse en een glas bubbels als aperitief) voor 50 euro per persoon. Wijnen zijn tussen de 3 en 5 euro per glas – en o boy, die zijn goed. Zo goed zelfs, dat B en ik na een lange discussie ‘steen, papier schaar’ hebben gedaan om te bepalen wie naar huis zou moeten rijden (ik verloor).

Het eten is goed (niet briljant, als je hoge standaarden hebt, maar prima) en het uitzicht fenomenaal. Reserveer ruim op tijd, zodat je een tafeltje ‘with a view’ kunt boeken. Wij belden een dag van tevoren en er was helaas geen view-tafeltje meer (binnen), maar toen hadden we het enórme geluk dat het weer veel beter was dan verwacht, waardoor we op het terras konden zitten aan het allermooiste tafeltje in de avondzon. <3

Bled Castle Restaurant, Grajska cesta 61, Bled

Goeie pizza
Die scoor je bij pizzeria Pr’Kosnik, een kilometer buiten Ribcev Laz, het dorpje aan het meer van Bohinj. Lekker, genoeg, goedkoop (7-8 euro voor een enorme pizza)..wat wil je nog meer? Prima slobberwijn voor 1,20 per glas misschien? Hebben ze ook. Superlekkere chocolademousse toe? Yep. Tip: kies voor een halve euro extra de ‘grote’ pizza en neem de restjes mee als lunch voor de volgende dag. Nog een tip: laat de restanten daarvan vervolgens niet vier dagen achterin je auto liggen.

Lunch aan het meer
Geen zin om uitgebreid te dineren, maar wel behoefte aan een mooie pitstop – bijvoorbeeld tijdens je wandeling rondom het meer van Bohinj? Ga dan naar Kramar. Dit lunchtentje serveert eenvoudige gerechten en snacks. Volgens B is de hamburger (6 euro) niet enorm de moeite waard, maar ik at er voor 10 euro echt fantastische forel van de grill met aardappeltjes en gebakken groenten.

Restavracija Kramar, Stara Fužina 3, 4265 Bohinjsko jezero

Misschien nog wel betere forel
Op onze laatste dag in de regio Bled/Bohinj maakten we een stevige wandeling, naar de top van de berg Sija (1880m; we liepen vanaf 1535 m ;-)). Daarna hadden we natuurlijk HONGER! En dat kwam goed uit, want bij Pri Hrvatu – overigens alweer zo’n prachtig pekje: overdekt terras met uitzicht op de rivier en omgeving – serveren ze gebakken forel in wittewijnsaus. Forel is een lokale specialiteit in Bohinj, zeker in de zomer, dus ik ben niet een heel goeie vegetariër geweest afgelopen week… o man, wat was dat goed. En dan heb ik het nog niet eens gehad over de wijn! Bij dit restaurantje serveren ze een prijswinnende witte wijn – Rebula Bagueri Superior 2013 – die echt de perfecte balans heeft tussen licht en complex, tussen fruit en mineraal/kruiden. Ja. Geef me er daar nog maar ééntje van.

Gostilna pri Hrvatu, Srednja vas v Bohinju 76, 4267

Ziet er niet slecht uit, toch? Binnenkort vertel ik je alles over de lekkerste eetplekjes van Piran!

0

Maleisië: al mijn tips om lekker te eten, te slapen en toffe dingen te doen

Ga je binnenkort toevallig naar Maleisië? Nou, da’s handig, want ik kom er net vandaan. En ik testte een boel leuke plekken uit om te eten en te slapen. En wat leuke dingen om te doen.

Hier m’n aanraders:

Kuala Lumpur

  • SLAPEN: heb je na een lange vlucht zin om je even in een superluxe kingsize bed te laten vallen, onder de regendouche te staan of te genieten van de stad vanuit een infinity pool? (JA, dat heb je.) En dat alles zonder de – westerse – hoofdprijs te betalen? Ga dan naar Fraser Place. Dit ‘hotel’ met studio’s en appartementen was een heerlijke plek om van de jetlag af te komen. Voor 80 euro per nacht (incl. uitgebreid ontbijt) hadden B en ik zo’n beetje de meest luxe kamer waar we ooit in hebben geslapen.
  • ETEN: heerlijke sushi haal je bij Senya, dat – niet geheel toevallig – om de hoek zit van Fraser Place. Je bestelt op een tablet en kunt je voor 15-20 euro helemaal volvreten (afhankelijk van hoeveel honger je hebt). Ook leuk om te zitten, want je zit half buiten op een soort overdekt terras, met de levendigheid van KL om je heen.
  • COCKTAILS: voor een supergave ervaring ga je naar de Heli Lounge Bar, een cocktailbar op de 34e verdieping van een wolkenkrabber, mét helikopterplatform waar je van je Cosmopolitan kunt nippen. Helaas heb ik dat laatste niet gedaan – toen wij er waren, was het platform nog dicht – maar ook binnen is het gaaf om te genieten van het uitzicht. Cocktails wel duurder dan op andere plekken (6-7 euro) maar is de ervaring waard.
  • DOEN: vergeet die Petronas Towers, ga naar de KL Tower. Deze is net wat minder hoog en shiny, maar heeft beter uitzicht op de stad (én op de Petronas Towers, natuurlijk). En ze hebben een skybox waar je in kunt gaan staan – een glazen vloer op 300 meter hoogte, holy shit.

Melaka

  • SLAPEN: waar je moet gaan slapen weet ik niet, maar het Discovery Hostel kan ik afraden. Oké, het is goedkoop (17 euro met z’n tweetjes voor 2 nachten) maar we sliepen op een slecht bed met nauwelijks dekens, brullende airco en veel licht in de kamer. Nee, dat was jammer.
  • ETEN #1: Oh em gee, de double cheese garlic naan bij Pak Putra was echt fantastisch. Net als de kip tandoori (nee, ik was niet altijd een brave vega in Maleisië, maar sommige dingen moet je gewoon proberen in het leven).
  • ETEN #2: Heb je het even gehad met dat Aziatische voedsel, bestel dan een lekker broodje/tosti/taartje/sapje/yoghurt-met-fruit-bak bij Limau-Limau Café. Fijn goed gezond comfort food.

Cameron Highlands

  • SLAPEN: het Father’s Guesthouse (in Tanah Rata) is heerlijk! Aardige mensen, schone kamers, prima bedden en goed geprijsd (ca. 20 euro per nacht voor een privékamer met eigen badkamer). Je kunt er ook scooters huren en ze hebben tips voor jungle trails die je kunt hiken.
  • ETEN #1: bij Barracks Café hebben ze goeie curry’s – die als je dat wilt zelfs in een bol brood worden geserveerd – en dito lassi en carrot cake.
  • ETEN #2: zin in Japans slash Koreaans, ga dan naar KouGen. Dit tentje wordt gerund door een echtpaar en is echt zo typisch Aziatisch. In de zin dat de opzet ervan nooit door onze voedsel- en warenautoriteit zou worden toegestaan, én in de zin dat je fantastisch eten krijgt voor een zeer schappelijke prijs.
  • DOEN: ben je niet in je eentje en houd je wel van een stevige wandeling door de jungle, loop dan vanaf Tanah Rata Trail 10 naar de top van een van de bergen in de omgeving, en pak dan Trail 6 naar beneden het dal in, de Cameron Valley. Adembenemende theeplantages en een gave onderneming. Je kunt vanaf het theehuis in Cameron Valley een taxi terug nemen.

George Town

  • SLAPEN: het Eton Hotel zou ik je niet perse aanraden (best een stuk lopen uit het centrum), maar het was er wel schoon en ze hadden prima king size bedden en een badkamer met regendouche voor 35 euro per nacht.
  • ETEN #1: zei ik al iets over goede kip tandoori? Nou, bij The Captain hebben ze echt de allerbeste kip tandoori – voor ongeveer 3 euro heb je een knalrood en smakelijk exemplaar mét garlic naan. Ook lekkere bloemkoolcurry (die kreeg ik toen ik vroeg welk groente-gerecht het lekkerst was).
  • ETEN #2: tja, George Town is niet voor niets de food capital van Maleisië… bij het food court Red Garden heb je ruime keus uit voedsel uit elke hoek van Azië. Bij het Thaise tentje waren de pad thai en de papaya-salade heerlijk.
  • ETEN #3: blijkbaar had een of andere Chinees zin om Duits brood te gaan maken. George Town heeft dus zelfs een heuse ‘zuurdesembakkerij’ waar je erg goed westers kunt ontbijten en zelfs volkorenbrood kunt scoren (een zeldzaamheid in Azië). Zoek naar Yin’s Sourdough Bakery.
  • DOEN: Street art bekijken. De stad zit er vol mee. Is leuk. (Tip: zoek de street art op via offlinekaarten-app MAPS.ME – die app is sowieso dé must-have voor elke reiziger.)

Langkawi

  • SLAPEN: wil je je eigen bungalow pal aan het tropische strand, maar heb je geen zin om daarvoor de hoofdprijs te betalen? En kun je ermee leven dat je kamer dan niet super-ultra-luxe is? Dan is het Malibest Resort de plek voor jou. Vijf ochtenden lang kon ik wakker worden en met een blik uit het raam het witte strand, de turkooisblauwe zee en de knalgroene palmbomen zien. Wat een luxe! En dat voor omgerekend 17,50 euro per nacht (wij hadden de ‘deluxe brick cabin’ – verwacht geen grote luxe, dan ben je prima tevreden – het is schoon, het bed is comfortabel genoeg en je hebt een eigen koelkastje in je kamer).
  • ETEN #1: bij het Koreaanse Haroo – net buiten Pantai Tengah – hadden B en ik de avond van ons leven. Dat kwam vooral door de te gekke ober, maar ook door het heerlijke voedsel en de relaxte, rustige sfeer, een beetje weg van alle drukke toeristen-ellende. Jammie en fijn.
  • ETEN #2: zin in een romantisch diner aan zee? Bij The Cliff kan het. Half in de open lucht, golven op de achtergrond, jazzy muziekje erbij, cocktail in je hand, goed voedsel…vooruit, je betaalt wat meer (80 euro, maar ja dat ben je bij een “gewone” avond uit eten in Utrecht ook in no-time kwijt) maar wat een gave ervaring. Tip: ga voor de chef specials en neem een glas Japanse whiskey als dessert.
  • ETEN #3: The Kasbah is een geweldige hippie-plek net buiten Pantai Cenang. Loop de zandweg helemaal af (geef niet op!) en je komt bij deze grote ‘boerderij’ half in de open lucht. Incl. plateau met kussens om op te zitten, metalen/bamboe-rietjes (want geen plastic), mensen op blote voeten en een rasta-dude achter de bar.
  • DOEN: huur een scooter. Kost je 7 euro per dag en geeft zó veel vrijheid. Op je scootertje over het eiland crossen was echt een van de fijnste dingen om te doen op Langkawi. Bovendien kun je dan naar het schitterende strand van Pantai Kok, waar nauwelijks een kip te bekennen is en dat nog 100 keer zo mooi is als de (ook al erg mooie) stranden van Pantai Cenang en -Tengah.
  • OOK ZEKER DOEN: de waterval bij Telaga Tujuh! Echt, als je één ding doet op Langkawi… schitterende waterval met heerlijke plekjes om te dobberen in het water (perfecte temperatuur) en uren te chillen. Bij één van de tentjes beneden bij de ingang verkopen ze heerlijke gekoelde verse kokosnoten.
  • ABSOLUUT NIET DOEN: een snorkeltrip maken. Tenzij je het leuk vindt om 5 uur lang zeeziek in een propvolle ferry/bus door te brengen samen met 200 Chinezen. Je te bezeren aan vrijwel afgestorven koraal, waar hier en daar een paar vissen zwemmen. Nauwelijks te eten behalve wat lauwe frietjes en rijst. En daar 70 euro per persoon voor te betalen.
  • MAAR WEL ECHT DOEN: de SkyCab, een mega-hoge kabelbaan die je helemaal nat de top van een berg brengt. Heb ik helaas niet gedaan, snik snik, vanwege tijdgebrek…eeuwig jammer want volgens mij heb je echt schitterend uitzicht over het eiland. EN ER IS EEN SKY BRIDGE. Sjit, ik moet dus gewoon terug naar Langkawi.
0

4 dagen in Málaga

Nog nagenietend van Cuba boekte ik begin februari een vliegticket naar Málaga. Meer Spaans, tapas, zon en avontuur, daar had ik wel zin in.

Vier dagen dus in Zuid-Spanje. Alleen, zonder plan. Ik boekte een hostel, schafte een reisgids aan – tot zover m’n voorbereiding, want tot op het laatste moment was ik druk met allerlei andere dingen.

23 maart was het zover! Donderdagochtend stapte ik in de trein naar Eindhoven en ruim op tijd was ik op de luchthaven. Mijn enige zorgenpuntje, namelijk of mijn medium-sized backpack zou voldoen aan de strenge bagage-eisen van Ryanair, bleek ongegrond. Zonder al te veel gedoe kwam ik door de veiligheidsscans heen. Ruim drie uur later landde ik in Málaga.

OKE, DACHT IK. EN NU?

M’n reisgids leerde me dat ik voor 1,80 euro met de trein in het stadscentrum kon komen. Eenmaal daar bedacht ik dat het slim was om eerst m’n hostel te vinden, zeker omdat mijn telefoon bijna leeg was en ik het adres nergens had uitgeprint. Zonder verdwalen vond ik het Lights Out Hostel -leve MAPS.ME!

MAPS.ME is de offline kaartenapp die in Cuba al een aantal keer mijn leven redde ;) Ditmaal downloadde ik van tevoren de kaart van Málaga en dat bleek een slimme zet. Niet alleen wijst de gps-functie je prima de weg, ook staan op de kaarten een boel restaurantjes, winkels en andere nuttige plaatsen.

En wow, wat een hostel! Wie naar Málaga gaat, raad ik van harte aan om hier te overnachten. Voor 15 euro per nacht slaap je in een comfortabel bed, in een frisse en schone kamer met je eigen stopcontact. De badkamers hebben een regendouche, de toiletten zijn schoon (da’s in hostels soms wel anders) en alle kamers worden dagelijks grondig gelucht en gereinigd (da’s ook wel eens anders). Onder de bedden zijn grote lades die je met een (zelf meegebracht) slotje kunt afsluiten. Als je – zoals ik – met niet te veel bagage reist, past alles daar makkelijk in.

Het hostel heeft ook een keuken waar je je eigen maaltijden kunt koken, een koelkast waar je eten in kunt bewaren, een gezamenlijke ruimte én dakterras met cocktailbar.

En o ja, had ik al gezegd dat de locatie perfect is? Direct naast de Mercado Atarazanasde grote en enorm leuke markthal waar je o.a. stapels vers fruit en verse sapjes kunt halen, en dichtbij alles. Ik ben fan!

WIJN EN CHURROS

Goed, eenmaal gesettled & spullen gedropt besloot ik op ontdekkingstocht te gaan in de stad. Bovendien had ik inmiddels behoorlijk honger gekregen – het was al bijna 4 uur en ik had sinds m’n ontbijt niets meer gegeten.

Na wat omzwervingen belandde ik op het terras van een tentje op de hoek van een levendig plein. Ik bestelde een salade met brood en een glas witte wijn. Vakantiemodus AAN!

De rest van de middag struinde ik verder rond in de stad. Ik zat een tijdje in de zon op het Plaza de la Constitución, at churros bij Casa Aranda (volgens m’n reisgids de beste van Málaga), las een boek en keek wat rond. Stiekem wachtte ik een beetje op de avond; in het hostel kon je voor vijf euro een maaltijd eten mét gratis sangria erbij en ik hoopte dat dat een goede gelegenheid zou zijn om andere reizigers te ontmoeten.

EN DAT WAS HET!

Dat vind ik nou het leuke van alleen-reizen: in een mum van tijd heb je gesprekken met mensen van over de hele wereld. Andere soloreizigers zijn net zo goed op zoek naar gezelschap, dus je vindt altijd wel iemand om drankjes/hapjes mee te doen of samen dingen mee te ondernemen. Fijn, ook omdat je zo spreekt met mensen aan wie je anders voorbij zou zijn gelopen – omdat ze jonger, ouder of gewoon anders zijn dan jij. Als je reist, waardeer je iedereen veel sneller zoals ‘ie is, is mijn ervaring. Iedereen heeft zijn verhaal.

Lang verhaal kort: ik besloot mee te doen met de pub crawl die dagelijks werd georganiseerd en de avond eindigde urenlang dansend in The Gallery, één van de clubs in Málaga. Ik vond deze club zelf trouwens niet heel geweldig, maar het was lekker om te dansen, in het bijzonder doordat de muziek erg leek op wat in Cuba werd gedraaid. Om half vijf kroop ik moe maar voldaan in bed. ;)

Nee, ik besloot me niet te wagen aan tequila. Maar de tinto de verano smaakte ook prima ;)

BEETJE  CULTUUR SNUIVEN

De volgende ochtend bleef ik lekker lang in bed liggen. ;) Eenmaal wakker en opgefrist sprak ik met Maike, het Duitse meisje dat ik een avond eerder had leren kennen, af om samen de stad te verkennen. We streken neer op een terrasje aan het Plaza de la Constitución en genoten een tijdje van de zon.

Daarna wandelden we naar het Alcazaba, het ‘Alhambra’ van Málaga. Dit Moorse fort ligt op een heuvel die uitkijkt over de stad. Gaaf om te zien en doorheen te lopen.

Toen we trek kregen, sleepte Maike me mee naar een superleuk vega-eettentje. We aten er heerlijke fajita’s en zaten uren te kletsen over van alles en nog wat.

Na een pitstop van een paar uurtjes in het hostel sleepte ik Maike en Adrien, een Parijzenaar die we ook in het hostel ontmoetten, mee naar een wijnbar/proeflokaal dat om de hoek van het hostel bleek te zitten. Verwacht in Antigua Casa de Guardia geen chique gedoe, maar gewoon een lange toog met daarachter enorme tonnen wijn waar direct uit wordt getapt in kleine glaasjes. Ze schenken er voornamelijk zoete witte wijn uit de streek (o.a. Moscatel). Leuke ervaring!

‘s Avonds at ik weer in het hostel en daarna was ik zo gesloopt, dat ik (enigszins) op tijd naar bed ging.

Met een krijtje schrijft de barman het totaalbedrag op de bar. Deze 4,60 betaalden we voor drie glaasjes wijn – niet slecht, toch?

Dakterras van het hostel.

RENNEN IN DE ZON

Zaterdagochtend besloot ik voor het ontbijt een stuk te gaan hardlopen! Ik vind hardlopen op reis altijd heel leuk, omdat je vaak veel meer van de omgeving opneemt dan wanneer je ‘gewoon’ een stadswandeling maakt of met de bus gaat.

Ik liep onder andere een stuk langs het strand en legde in totaal 7 kilometer af. Meestal ben ik niet zo goed in rennen vóór ik iets gegeten heb, maar dit ging eigenlijk best lekker.

Terug in het hostel had ik weer met Maike afgesproken om samen op pad te gaan. We haalden een heerlijk sapje bij de overdekte markthal tegenover ons hostel, de geweldige Mercado Ataranzas. Sowieso heel leuk om een tijdje over deze markt te struinen: superveel fruit, noten, olijven, groenten (vlees, vis) – alles ziet er even heerlijk uit.

Ja, dat zijn aardbeien (!) daar vooraan. Gigantische én smaakvolle dingen voor 1 euro per kilo…

Dit sapje met biet, appel, citroen en gember kwam als geroepen…

Daarna gingen we naar La Recova, een typisch Andalusisch ontbijt-restaurantje dat verstopt zit achter een winkeltje vol broccante kitsch. Ik denk dat dit tentje inmiddels de weg naar de LonelyPlanet heeft gevonden, want het was er behoorlijk druk (hij stond ook in mijn Nederlandse reisgids).

Niettemin het wachten waard: verse toast met allerlei smeersels, olijfolie, tomaten, koffie, thee en sap… En dat alles voor 2,50 euro per persoon. Nice!

BEETJE HIER, BEETJE DAAR

Zaterdag slenterden we verder wat door de stad, dronken koffie/chocomel, aten nog wat hier en daar en gingen tenslotte naar het Picasso Museum. De beroemde schilder is geboren in Málaga en daar zijn ze in deze stad natuurlijk maar wat trots op. De moeite waard, dit museum! Informatief, afwisselend en precies ‘groot’ genoeg als je het mij vraagt.

Plaza de la Merced.

De ‘cola cao’ (warme choco) en carrot cake bij Noviembre waren érg lekker.

Selfie in de winkelstraat ;)

SEQUENCE

‘s Avonds was het weer tijd om uit te gaan! Zaterdagavond, leuke stad, fijne mensen…wat heb je nog meer nodig? Ditmaal besloot ik niet mee te gaan met de pubcrawl, maar m’n eigen plan gemaakt. In de afgelopen 2,5 dag had ik immers genoeg leuke barretjes voorbij zien komen tijdens m’n ontdekkingstochten.

Maar niet voordat we nog een potje Sequence speelden op het dakterras. De Saudische Mohammed had dat spel bij zich – ik kende het nog niet, maar het was zeker voor herhaling vatbaar (en niet alleen omdat hij en ik wonnen ;)).

De avond bestond verder uit dansjes en drankjes. Om kwart over drie ‘s nachts bedacht ik me pas dat de zomertijd was ingegaan – nou ja, de volgende dag kon ik toch weer uitslapen.

Blacklight etc..

En toen was het alweer zondag! Tijd voor een fietstocht – want ik had gehoord dat dat ook heel leuk was om te doen in Málaga. Na een ochtend chillen in de zon op het dakterras (het was eindelijk echt goed warm en windstil!) gingen Maike, ik en Annika – een ander Duits meisje dat bij ons was aangesloten – op zoek naar een plek om fietsen te huren. De ‘gewone’ fietsen waren helaas allemaal uitverkocht, dus toen huurden we maar e-bikes. Dat bleek, toch wel een beetje tegen mijn verwachting in, een prima ervaring.

We fietsten een heel stuk langs de kustlijn (gaat lekker zo, op 25 kilometer per uur!) en streken tussendoor ergens neer voor goeie lunch.

Juist ja… lunch ;)

Deze salade met zalm, avocado, feta, broccoli en olijfolie was echt to die for. (Ja, er zat wat vis in… ik ben een travelling omnivore, zo is besloten tijdens deze reis ;)).

& HET LAATSTE AVONDMAAL

Rozig en tevreden van de zon en het fietsen keerden we tegen de avond weer terug in de stad. In mijn beste Spaans boekte ik telefonisch een tafeltje bij Vineria Cervantes, een populaire wijn- & tapasbar waar we twee dagen eerder al tevergeefs hadden geprobeerd een tafeltje te krijgen.

Wat een goed idee bleek dat! De tapas waren fantastisch, de wijn zo mogelijk nog beter en het was leuk om met vijf verschillende mensen aan tafel te zitten en zo een heerlijke laatste avond te hebben.

Na middernacht dook ik m’n bed in – stiekem alsnog te laat, want om 04:45 uur zou de wekker gaan… in alle vroegte (6:25 uur) zat ik weer in het vliegtuig naar huis.

Wat een heerlijk weekend zo, zeg. Málaga is een fijne stad en zo even een paar dagen op avontuur, dat ga ik vaker doen!

0