Skip to content

Categorie: een beetje van alles

Cali en meer

‘Ik lees je stukjes altijd graag’, zei een van onze samenwerkingspartners onlangs op het Einderfeest, waar we het 21-jarig bestaan van ons bedrijf vierden. Dat ze Suushi kende had ik natuurlijk kunnen weten, we hebben elkaar ook op Facebook, en toch verraste ze me want zij is zelf ook schrijver en een goede ook.

En toen bedacht ik dat ik echt al tijden geen stukje heb geschreven, hier. Dus hoe staat het eigenlijk, in het leven van de Suser? Nou, best goed. Er waren behoorlijk wat feestjes de laatste weken – dat Einderfeest dat ik samen met een paar collega’s op poten zette, een bruiloft van twee vrienden, een cocktailavond in de nieuwe woontoren naast CS met fenomenaal uitzicht op de stad.

En laat ik vooral Californië niet vergeten, want da’s ook nog maar twee weken geleden ook al lijkt het al minstens een maand. In m’n eentje vloog ik de grote plas over en na een vlucht van 11 uur én een douane-rij van 3,5 uur (!!!, thanks Trump) was ik in San Francisco. Daar zocht ik vriendinnetje E en haar man B op. En dat was chill.

We kletsten bij in Dolores Park, struinden door The Mission. Reden een dagje naar de wijngaarden van Napa Valley, waar we ondanks autopech-die-uiteindelijk-geen-pech bleek best een prima tijd hadden (wat wil je ook, met wijnproeverijen om 11 uur ’s morgens). Van de oogst ga ik nog wel een avondje lol hebben – althans dat hoop ik, want ik geloof niet dat ik ooit bijna 90 euro uitgaf aan twee flessen wijn. Ja, pfoe, aan de prijzen moeten ze echt wat doen daar, maar dat terzijde.

Terwijl E en B doordeweeks gewoon aan het werk waren, verkende ik in m’n uppie de stad. En ik had het misschien nog nooit zo goed met mezelf. Hoogtepunt – letterlijk en figuurlijk – was de fietstocht over de Golden Gate Bridge, naar het dorpje Sausolito en nog een stukje verder. Verder bezocht ik het MOMA, at een goddelijk bord hummus met biet en geitenkaas, zocht me een ongeluk naar lekkere taartjes en werd uiteindelijk helemaal niet blij van de aanblik van de stikdrukke, toeristische, overpriced Cheesecake Factory.

Donderdag vertrokken E en ik samen naar Yosemite National Park, en terwijl er vier dagen regen en onweer was voorspeld, hadden we vrijwel alleen maar heerlijk weer. Ach, die nieuwe regenjas die ik in alle haast nog had aangeschaft, komt hier in Nederland vast ook nog van pas. Yosemite was overigens schitterend, ik heb prachtige foto’s maar eigenlijk vertellen die maar half hoe mooi het was in de valleien. En ik heb ook weer een behoorlijke portie ‘rijden door hoge bergweggetjes zonder vangrail’ gehad – E mocht niet rijden in de VS dus zij was dj/navigator/watervoorziener/kletsbuddy, terwijl ik de kilometers wegtikte.

Na vier dagen Yosemite (ga je daar ooit heen en zoek je goeie accommodatie; ik kan Yosemite Bug enorm aanraden! – betaalbare tent cabins en heerlijk eten) tuften we alweer terug naar SF. Ik was graag nog een week in de natuur gebleven, maar het voornaamste doel van deze Amerikareis was ‘mensen opzoeken’ en dus stapte ik de volgende ochtend in het vliegtuig naar LA. Daar spendeerde ik nog vier dagen met m’n Amerikaanse familie, wat enorm leuk en bijzonder was. Het was immers de eerste keer dat ik ‘alleen’ met de ouders van m’n stiefvader op pad was, en zoals ik weet van de logeerpartijen bij m’n Nederlandse oma; daarvan krijg je andere gesprekken, dieper contact.

Ruim twee weken na vertrek was ik óók heel blij om weer in Nederland te zijn, want jongens wat hebben we toch eigenlijk een prima en móói landje hier. Ja, heel vet natuurlijk allemaal, die Amerikaanse megasteden, maar ook een béétje onhandig dat je overal een auto voor nodig hebt, en jammer dat in de aankleding van die steden commercie doorgaans voor schoonheid gaat. Laten we hier alsjeblieft niet te veel die kant op gaan.

Intussen is het leven hier dus weer op volle kracht. Het zijn de langste dagen van het jaar en dat maakt het vooral moeilijk om op tijd in bed te liggen, terwijl dat wél nodig is, gezien de werkweken die ik komende maand draai. Gelukkig betekent lange dagen doorgaans ook veel energie, én zin in alles wat eraan komt. Fijne week jongens!

1 reactie

Genoeg

Zelfcompassie. Lief zijn voor de Suusie. Ja, jeetje, het blijft een proces van vallen en opstaan. Dat is oké natuurlijk, maar ook ingewikkeld. Vanavond, terwijl ik in een pan soep stond te roeren en de neiging had steeds naar boven te rennen – want daar lag mijn telefoon en dan kon ik weer even scrollen – drong tot me door: ik wil weg uit het hier en nu, want hier en nu ben ik zelf en die zelf is de laatste tijd weer een harde, medogenloze Suzer voor wie het allemaal nooit genoeg is.

Je werkt niet hard genoeg.
Je bent niet mooi genoeg.
Je doet niet genoeg je best.
Je bent geen goede vriendin voor mensen.
Je bent niet fit genoeg.
Je kleding is niet leuk genoeg.
Je vergeet te veel.
Je let niet genoeg op je geld.
Je eet niet gezond genoeg.
Je bent geen leuke huisgenote.
Je beweegt niet genoeg.
Je gedraagt je niet sociaal genoeg.

Allemaal niet genoeg.

Au, best pijnlijk om al die dingen zo eens onder elkaar op te schrijven. En geen wonder eigenlijk, dat ik graag weg wil bij mezelf. Begrijpelijk – het is daar helemaal niet leuk met die gemene criticus die me continu de grond in stampt. Logisch dat ik continu afleiding zoek, onrustig ben. Me naar voel.

En met dat besef komt ineens de zachtheid terug. Mededogen.

Goed om op te merken dat het belangrijk is om ook in dit proces weer zacht voor mezelf zijn: het geeft niet Susie, kan gebeuren dat je het even kwijt was, kom nu maar weer terug, het is veilig. En je bent genoeg.

Nu probeer ik het weer om te keren. Het goed te maken met mezelf. Dus kocht ik afgelopen weekend een kleurige bos lentebloemen voor op mijn kamer. Mocht ik van mezelf m’n AH-mandje helemaal vol gooien met alle lekkere boodschappen waar ik maar zin in had: gerookte forel, Tony’s donkere melk, bosbessen, aardbeien, witte bakkersbollen, dure honingtomaatjes, pure hagelslag. Het is feest vandaag Susie, feest de hele week, je mag alles, je verdient dat.

Wat ook helpt is te visualiseren welke keus ik zou maken als het om een goede vriendin zou gaan. Kamer opruimen? Geen zin in, zegt mijn hoofd dan, ik ben moe, laat maar joh. Maar nee, als hier een vriendin kwam chillen zou ik wél even stofzuigen en de afwas naar beneden brengen – dus nu ook voor mijzelf. Kwam iemand anders bankhangen, dan zette ik een gezellig muziekje aan en maakte ik een lekkere kop thee – dus nu ook voor mij alleen. Klinkt zo logisch he, maar al die kleine dingen gaan bij mij dus niet vanzelf. Het kost energie, werkelijk zorgzaam te zijn voor de Susie. Maar het is mijn taak.

Vandaag voelde ik me fysiek niet lekker; keel- en hoofdpijn, zeer lijf. Na een dag thuiswerken ging ik aan het eind van de dag in een warm bad. Olie erin, boekje erbij, en naderhand mezelf helemaal insmeren met lekker geurende bodylotion (die ik ook dit weekend kocht in het kader van ‘liever zijn voor mijn lijf, haar koesteren’). En nu, nu lig ik op de bank met mijn boek en voel dat ik eindelijk weer een beetje land. Hier en nu.

2 reacties

Terugkomen

Ja, nog even over dat wegraken bij mezelf. Dat gebeurt weer, het gebeurde weer, ik besefte het toen ik vrijdag de hele dag alleen thuis was en me enorm rusteloos voelde. Almaar die smartphone pakken. Scrollen, checken, refreshen. Niet meer de aandachtspanne om een artikel te lezen, laat staan een boek.

O, en natuurlijk zijn er fases in het leven, ik hoef niet altijd dikke trilogieën te verslinden. Maar wat ik merk als ik zo veel online ben, zo veel op sociale media: mijn focus ligt zo veel bij anderen dat ik mezelf een beetje verlies. Niet dat ik me nu per se bewust loop te vergelijken met hoe anderen hun leven leiden (al doet het vast heus wat, al die meningen); het is subtieler. Ruis is het. Gebabbel, gedoe, afleiding. In principe niets mis mee maar ineens merk ik dat ik

slechter slaap
moeilijker alleen kan zijn
minder focus heb op werk
geen piano speel

en nee, dat is het me niet waard. Toch ingewikkeld, want dit schrijven brengt ook veel goeds. ‘Wat vind je het leukste aan dat bloggen’, vroeg een huisgenootje dat overweegt een blog te starten me zondagavond. Ik dacht even na en concludeerde dat dat toch de verbinding is, het offline contact dat ik krijg door dit online schrijven.

Een collega die m’n stukje leest en er een gesprekje over begint op werk. Een vage kennis met wie ik op een feestje direct een klik voel doordat ‘ie open tegen me durft te zijn – dat ben ik voor zijn gevoel immers ook al geweest, hier. Een goede vriendin die zomaar appt naar aanleiding van iets dat ik schrijf. Mijn vader, met wie ik relatief weinig bespreek maar die op Facebook vaak als eerste m’n stukjes liket.

En ja, natuurlijk is het leuk om afgelopen weken op Facebook allerlei comments te krijgen onder m’n stukjes – om de een of andere reden gebeurt dat daar veel meer dan hier. Maar ik heb nog geen manier gevonden om daar wél te posten (en die reacties te lezen) en mezelf toch te wapenen tegen het meegezogen-worden in die afleidingmachine.

Het enige dat ik kan doen is weer hallo tegen mezelf zeggen. Terugkomen. Voelen, ook al voelt (haha) dat in-mijn-hoofd-zitten alweer zo vertrouwd. Dus vrijdag gooide ik halverwege de middag alle social-apps weer van mijn telefoon. Uit de kast pakte ik een blaadje, lichtgeel, daar scheurde ik een strook vanaf en ik schreef op: verankeren in het moment.

Want weet je, eigenlijk is hier alles dat ik nodig heb.

1 reactie