Het is rond

‘Dit’, zei B terwijl de makelaar de voordeur achter ons dicht deed, ‘was het mooiste huis dat we hebben gezien.’ We waren weer eens op huizenjacht – het was die ene week waarin we maar liefst twee bezichtigingen hadden en uiteindelijk ook twee keer zouden gaan bieden.

Met huizen weet je het eigenlijk altijd vrij snel, is mijn ervaring. Bijna zodra je ergens binnenloopt, voel je of het ja of nee is. En bij woningen geldt zéker de stelregel ‘bij twijfel: niet doen’.

Nou, dit was overduidelijk een JA.

We liepen nog een ommetje door de wijk. Het was een prachtige lentedag, de vogeltjes floten en in het park om de hoek schitterde alles in twintig tinten lentegroen. En ik dacht alleen maar: hier wil ik wonen.

Sowieso stond dit dorp in de regio Arnhem-Nijmegen hoog op ons lijstje. Grappig genoeg was dat niet altijd zo geweest: helemaal aan het begin van de zoektocht hadden we uitgerekend déze plek afgeschreven. Precies tussen twee steden in, was toen onze conclusie, dat is eigenlijk nét niks.

Maar toen ontdekten we het levendige centrum. De uitstekende treinverbinding naar beide steden. De gezellige terrasjes. De levendige sfeer – zelfs in lockdowntijden. De relatief (ik herhaal: relatief) gunstige huizenprijzen. En ik had zelfs al een mooie yogastudio gespot.

En toen was er dus ineens dat mooie huis. Een ruime, lichte hoekwoning, helemaal instapklaar. Ruime, nieuwe keuken met kastjes in mijn lievelingskleur (wie m’n vlogs wel eens heeft gezien: de kleur van de kastdeurtjes in onze woonkamer), een badkamer met hoekbad (!), drie slaapkamers plus een geweldig ruime lichte zolder die gewoon vráágt om wekelijkse yogasessies.

O ja, en een ruime tuin op het westen.

Duidelijk: dit wilden we. Wat alleen mentaal een tikje ingewikkeld was, is dat we diezelfde week dus bij nóg een leuk huis waren gaan kijken. Ander dorp, ook een hoekwoning met een mooie zonnige tuin en verder zo’n beetje het tegenovergestelde qua onderhoud – een echte fixer upper. Maar ook zeker een huis met mogelijkheden.

Tja, en wat doe je dan? Twee keer bieden, op hoop van zegen. ‘Straks krijgen we ze allebei nog’, grapte B in een van onze vele telefoongesprekken met de aankoopmakelaar. Die moest hartelijk lachen. ‘Stel je daar maar niet op in.’

Mijn brein ontplofte zowat die dagen, want man, ZO VEEL GEDACHTEN EN EMOTIES. Maar goed, we boden (best flink) bij het klushuis, werden het niet, waren stiekem een tikje opgelucht, en boden precies 24 uur later op het Mooie Huis.

Op donderdagmiddag kregen we om half vier een telefoontje van de makelaar. ‘Ditmaal heb ik goed nieuws voor jullie: ons bod is geaccepteerd!’

Ik geloof dat ik me even moest vasthouden aan de tafel, terwijl ik half-ongelovig naar B staarde. Wacht, hebben we nou een huis??!!

Yes, we hebben een huis!
Hyperheid all over the place natuurlijk, mensen bellen en samen door de kamer springen. (En toen moest B naar z’n nachtdienst, beetje anticlimax, maar ja het grotemensenleven hè.)

Toen ik de volgende dag over de markt liep, werd ik alweer gebeld door de aankoopmakelaar. ‘Dit ga je niet geloven’, zei hij, ‘ik heb nóg een huis voor jullie.’ Wat bleek: de hoogste bieders van dat klushuis hadden blijkbaar toch afgezien van de koop. Dus of we alsnog interesse hadden. Ha, grapjassen! Na een minuutje overleg bedankten we vriendelijk – ons lievelingshuis hadden we al.

Ik kan je vertellen: die blijdschap duurt ongeveer twee weken. De eerste week was ik tussen de bedrijven door tig dingen aan het regelen: taxatie, bouwtechnische keuring, alle 3024284 documenten voor de hypotheek verzamelen en natuurlijk het voorlopig koopcontract tekenen. Na een week dienden we de hypotheekaanvraag in, en toen was het wachten.

Een weekje wachten, da’s wel te doen.
Na twee weken begon ik íets onrustiger te slapen.
En aan het begin van week drie besloten we voorzichtig te informeren bij onze hypotheekadviseur – we hadden immers vier weken voorbehoud van financiering afgesproken, en de deadline kwam steeds dichterbij.

Nou, en toen was er lastminute nog een bak stress (iets met gedoe rond de overlijdensrisicoverzekering), maar gelúkkig kwam alles goed en toen kregen we afgelopen donderdag – exact vier weken nadat ons bod was geaccepteerd – het verlossende telefoontje. De hypotheek is rond!

Ja, jeetje.
En nu is het dus echt, nu mag het van de daken: we gaan verhuizen. Holy crap, de stad uit, naar een koopwoning. +250 burgerpunten. Maar vooral natuurlijk +400 blijdschap en +1000 comfort. ;-)

Ik vind het spannend jongens.

Ik bedoel: ik wéét dat ik dit wil, dat we er klaar voor zijn, en het is een giga-opluchting dat het allemaal gelukt is. Ik kan niet wachten om m’n eerste downward facing dog te doen op die prachtige zolder, heb al grootste plannen met de tuin en fantaseer over de inrichting van m’n nieuwe keuken (zoveel ruimte!). En man, straks hoef ik gewoon nooit meer naar een hotel als ik in bad wil, maar draai ik gewoon thuis de kraan open voor een ontspanningsuurtje in warm water.

En tegelijkertijd is het ook gewoon eng. Je weet wel, het grote onbekende. Ik ga verhuizen naar een plek waar ik nauwelijks de weg weet (waar ik gelukkig wél een paar mensen ken, scheelt best een beetje). Maar wat als we het er niet leuk vinden? Het lijkt me heerlijk, die rust en ruimte, maar misschien ga ik me wel gruwelijk vervelen?

Dan kijk ik nog maar eens het filmpje op Funda. Scroll door de foto’s, laat Google Maps voor de achtste keer uitrekenen hoe lang het duurt om te fietsen naar de supermarkt (3 minuten), de yogastudio (4 minuten) of het treinstation (7 minuten).

En dan ben ik vooral weer heel benieuwd hoe het is. Hoe dat Mooie Huis er straks uitziet als wij erin wonen. Nog een kleine 100 dagen – aftellen maar.


1+
close

Kom je hier vaker?

En wil je graag 1x per maand een lijstje met nieuwe Suushi-blogs in je mailbox? Meld je aan voor m'n kersverse maandoverzicht. Leuk!

7 Comments

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.