Skip to content

Grenzen van het toelaatbare

Hoe doen al die bloggers met duizenden lezers dat: schrijven over zo veel en zulke ‘persoonlijke’ dingen, terwijl ze weten wie er allemaal meeleest? (En wie er mee kán lezen?)

Ik pieker daar wel over, hoor. Het is nu een maand of vijf geleden dat ik Suushi weer opengooide voor publiek. En hoewel het fijn is om een plekje te hebben om te kunnen schrijven – en deze stukjes alweer tot leuke gesprekken hebben geleid – denk ik nog wel na over wát ik hier precies wil schrijven. En waaróm eigenlijk.

Het waarom is eigenlijk nog de makkelijkste vraag. Ten eerste natuurlijk: oefenen. Hoe meer ik schrijf, hoe beter, en bovendien is bloggen een goede manier om te leren mijn gedachten te verwoorden. (En al schrijvende ook weer een hoop over mezelf te leren.)

Maar dan het wát. Want terwijl ik typ, ben ik in mijn hoofd vaak bezig met: wie leest dit? En kan diegene aanstoot nemen aan mijn woorden? Gisteren bijvoorbeeld twijfelde ik best even of ik wel zou schrijven over mijn feestje. Want ja, met alle feestjes heb je ook die groep mensen die je, bewust of onbewust, níet uitnodigt. En in dit geval zat er totaal geen plan achter wel-of-niet-vragen om taart te komen eten, maar ja, zoiets kan altijd weer anders opgevat worden dan je het bedoelt.

Tja. Ik vind eigenlijk dat ik me daar niet zo druk om hoef te maken, maar het zou niet de eerste keer zijn dat de dingen die ik schrijf gedoe opleveren. (Dat hoeft overigens niet persé slecht te zijn, maar leuk is het evenmin.)

Nu denk ik nog méér na over het hoe-en-waarom van Suushi sinds het verspreidingsgebied van m’n blogjes is uitgebreid. Deze stukjes komen altijd op Facebook, omdat dat een makkelijke manier is om ze te verspreiden. Ik zou dat natuurlijk kunnen laten, maar zelf gebruik ik Facebook vaak als news feed; ik klik vooral op blogs die toevallig voorbij komen. En volgens mij vinden jullie het ook best handig.

Nu was er een tijd dat mijn Facebook-vrienden ook echt alleen vrienden waren, of althans, vrienden, kennissen en familie. ‘Collega’s en anderen die ik op mijn werk ontmoet voeg ik wel toe op Twitter’, was een beetje mijn (losse) regel op sociale media. Sinds ongeveer een jaar is dat veranderd. Want ja, als een paar gezellige collega’s je toevoegen op Facebook, is het wel zo aardig om ze te accepteren. Best leuk ook eigenlijk, dus toen Facebook vervolgens suggereerde dat ik die-en-die ook kende, had ik voor ik het wist zélf wat vriendschapsverzoeken verzonden.

En ja, als je báás je toevoegt op Facebook, kun je dat natuurlijk niet negeren.

Bovendien merk ik dat het best fijn is om collega’s wat beter te kennen – dus ook wat van ze mee te krijgen in de persoonlijke sfeer. En hé, waarom dan niet ook gewoon af en toe een blogje op Twitter delen?

Zo vervagen grenzen.

Nog zoiets: bezoekersaantallen. Toen ik een tijdje terug in het kader van m’n 10-jarig blogbestaan dagelijks een REBLOG postte, torenden de cijfers hoog boven het gemiddelde uit. Ineens had ik in een maand ruim 2.000 unieke bezoekers, in plaats van 600. Gaaf, maar ook verleidelijk om dat zo te willen houden.

En hoe ver ga je dan? Een blogje over mijn ‘dieet’ werd honderden keren gelezen. En ik vermoed dat foto’s van SUUS IN BIKINI het ook vrij goed zouden doen. Maar ja hè, ik wil niet schrijven over dingen, alleen omdat ze goed gelezen zouden worden. En halfnaakt op internet staan is ook niet zo mijn ding. (Al moet iedereen dat natuurlijk zelf weten.)

Bij de verkoopcijfers van kranten en andere media werkt het natuurlijk precies zo: hoe ver ga je om geld te verdienen? Wat doe je voor exposure? (Ik moet in dat kader ook meteen denken aan Q-Music-dj Mattie.)

En dat is misschien het verschil tussen dit blog en die grote bloggers met (tien)duizenden bezoekers per maand: Suushi is niet mijn werk. Ik hoef hier niet van te leven. Ik hoef potentiële opdrachtgevers dus geen Google Analytics-cijfers onder de neus te schuiven. Ja, natuurlijk heb ik wel eens gedacht aan manieren om in elk geval de jaarlijke kosten van Suushi eruit te halen door ‘samenwerkingen’ aan te gaan, wie niet?

Maar het is eigenlijk ook fijn dat het (nu) niet hoeft. En dat alles dat in m’n hoofd zit, eruit kan hier. En dat dag mag, in deze vrije wereld. Zélfs al moet ik soms twee keer nadenken voor ik op Publish druk.

 

2 reacties

  1. Ken de gedachte. Mijn Blog is er puur voor mijzelf en voor mensen die de moeite willen nemen me iets beter te snappen. Ik deel het niet op fb, en ik voel geen druk om te schrijven. Ik vind dat prima zo, het is toch meestal te zwaar spul. Misschien kan je meer over je idealen schrijven? Gewoon hard en eerlijk?

  2. Heel herkenbaar! Een worsteling waar volgens mij veel meer hobbyschrijvers mee zitten. Ik in elk geval wel! ;-)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.