Skip to content

Dit las ik in september: van Haro tot Harry (en nog veel meer)

Stephen King stelt in zijn boek On Writing – A Memoir of the Craft dat wie goed wil leren schrijven, twee dingen in elk geval moet doen:

1. Read a lot

2. Write a lot

Geen slecht advies, als je het mij vraagt. Toch ben ik pas ongeveer een jaar geleden voor mijn gevoel weer écht begonnen met lezen. Dat wil zeggen: als kind las ik véél, maar vanaf ongeveer mijn vijftiende kreeg ik andere zaken aan mijn hoofd (en meer onrust vooral, denk ik achteraf). Tijdens mijn studie had ik zo veel studieboeken door te ploegen dat ik als ik eenmaal vrij was, absoluut geen zin meer had in nóg meer lezen.

O, natuurlijk las ik hier en daar wel wat hoor. Sowieso las ik natuurlijk een stapel boeken voor m’n leeslijst (al waren er, zo begreep ik, genoeg klasgenoten die gewoon een samenvatting kopieerden van scholieren.com). En als ik er verder over nadenk, heb ik door de jaren heen toch vast tientallen boeken gelezen, van Eating Animals tot The Kite Runner. Herman Koch, Saksia Noort, Kader Abdolah, van alles eigenlijk. Maar er lag niet, zoals nu, altijd een boek (of twee) op mijn nachtkastje.

Hoe anders is dat nu! Dagelijks twee uur treinen is goed voor de leeshonger. En september was een goede leesmaand. Twee weken vakantie helpen natuurlijk, al las ik toen eigenlijk niets ‘nieuws’: samen besteedden Tom en ik úrenlang aan het elkaar voorlezen van Thea Beckman’s Thule-trilogie. Hij had ze nog nooit gelezen en ik, ach ik vind het geen probleem om mijn favoriete jeugdboeken nog eens te herlezfen.

Dit las ik in september:

Peter van der Meer en Frederike van Oostveen – Wat proef ik? ***(*)

Wijn is zo veel lekkerder als je er meer van weet, luidt de ondertitel van dit handzame boekje. En wie meer wíl weten over wijn, doet er goed aan het te lezen. Wijnstreken, druivenrassen, keurmerken, etiketten lezen; alles wordt aangestipt, genoeg om wat kennis om te doen maar niet té veel, zodat je het als beginnend wijnliefhebber ook daadwerkelijk onthoudt. Een belangrijk deel is – uiteraard – gewijd aan het leren proeven van wijn. Het hoofdstuk waarin stap-voor-stap wordt uitgelegd hoe je dat precies moet aanpakken én hoe je er goede notities van maakt, is voor mij al een reden om dit bieb-boek zelf aan te schaffen.

Voor de kenner zal Wat proef ik weinig nieuwe inzichten verschaffen, maar het is des te meer geschreven voor wie graag op een laagdrempelige manier iets leert over dat lekkere drankje in zijn glas.

Thea Beckman – de Thule-trilogie (Kinderen van Moeder Aarde, Het Helse Paradijs, Het Gulden Vlies van Thule****

Zoals gezegd: mijn favoriete jeugdboeken (oké, op Harry Potter na dan). Tom had ze nog nooit gelezen en ik vond dat ie dat écht moest doen – en dus lazen we elkaar onderweg in de auto naar Zuid-Frankrijk om beurten voor. De tijd vloog ;)

J.K. Rowling, John Tiffany and Jack Thorne – Harry Potter and the Cursed Child ***

Zei iemand daar HARRY? Yep, van Judith kreeg ik voor mijn verjaardag de prachtige gebonden editie van het nieuwste “Harry Potter-boek” (dat eigenlijk natuurlijk een toneelscript is). Hoewel ik eerst dacht “ik wacht wel op de Nederlandse versie”, besloot ik dat tóch niet te doen en zo ging Harry last-minute mee in mijn vakantietas.

En daar kreeg ik geen spijt van. Het is namelijk helemaal geen ingewikkeld Engels en het leest zó weg.

Eigenlijk bereidde Annemerel mij nog het best voor op dit boek. Verwacht geen Harry Potterboek, schreef zij, en dan is het nog steeds een leuk verhaal waar je als vanouds door wordt meegesleept.

Jammer vond ik toch wel dat je aan de snelheid waarin de gebeurtenissen zich voltrokken, kunt merken dat het een toneelstuk is. Dat gaat ten koste van de geloofwaadigheid; iets dat op de planken denk ik niet erg is, maar misschien toch een béétje afdoet aan de HP-saga. Op een gegeven moment zit je in zó’n wervelwind van opeenvolgende situaties, dat ik het bijna niet meer kon volgen.

Maar hé, wat zeur ik eigenlijk? MEER HARRY, altijd meer Harry.

Haro Kraak – Lekhoofd ****

Amper dertig jaar, succesvol journalist en dan ook nog debuteren met een geweldig boek – mijn oud-collega van de Volkskrant Haro Kraak deed het (ja jongens, ik zat ooit nog een paar maanden naast hem, ghehe #meeliftenopsucces #grapjehoor). Want ja, wow, wat een debuut! Terecht werd al op de éérste verkoopdag bekend dat er een tweede druk komt.

Goed, Lekhoofd gaat dus over een puberjongen die woorden ruikt en kleuren ziet. Synesthesie heet dat, dat bestaat echt en het lijkt blijkbaar leuker dan het is. Maar eigenlijk gaat Lekhoofd natuurlijk gewoon over een jongen die opgroeit en alle dingen die daarbij horen – en o, wat een mooie woorden, wat een zinnen, wat een prachtpassages.

Hoewel het een aantal bladzijden duurde voordat ik “in” het verhaal zat, kon ik Lekhoofd op een gegeven moment bijna niet meer wegleggen. Maar goed ook, want in de bibliotheek van Utrecht is het boek al een ‘sprinter’, wat betekent dat je hem maar een week mag lenen.

Een beetje jaloersmakend wel, hoor. Op een goede manier. ;) Well done, Haro. Wanneer komt je tweede boek uit?

Richard Sennett – Samen. Pleidooi voor samenwerken en solidariteit ****

Dit boek las ik deze maand eigenlijk voor mijn werk, maar ik vind hem toch ook hier het vermelden waard. Sennett is een gevierd Amerikaans socioloog die zijn leven wijdt aan de vraag hoe mensen zouden moeten samenleven. Samen (de recente Nederlandse vertaling van zijn in 2013 verschenen boek Together) is een pareltje voor wie houdt van nadenken over mens, maatschappij, politiek, geschiedenis, filosofie en aanverwante zaken. Voor heel veel mensen dus. ;)

Hoewel ik een “moeilijk” boek had verwacht, las Samen verrassend makkelijk weg (al is het natuurlijk geen pageturner à la Harry P., althans niet voor mij). Nu moet ik wel zeggen dat er veel namen en theorieen uit de doeken werden gedaan die ik me nog enigszins kon herinneren van mijn studietijd – en die herkennig maakte het leuk.

Nou ja, stof tot nadenken dus. Góeie stof.

Griet Op de Beeck – Kom hier dat ik u kus ***** (eigenlijk gewoon duizend hartjes)

O, Griet, wat ben je toch een schrijfster zeg. En wat ben je prachtig. Nadat ik Vele hemels boven de zevende uit had, zei iedereen: “Kom hier dat ik u kus is nóg mooier”.

Of dat zo is, weet ik nog steeds niet – ik vond Vele hemels ook adembenemend. Maar lieve mensen, als je uit deze hele lijst één boek leest, laat het dan alsjeblieft dit boek zijn.

Beklemmend, rauw, indrukwekkend..ja jeetje, eigenlijk zijn er geen andere woorden aan te geven dan die van Griet zelf. In elk geval gaat Kom hier dat ik u kus (voor mij) over kinderen en ouders, over opgroeien op een plek die niet zo fijn is, over liefde en hoe we daar allemaal naar verlangen. Maar dan een stuk minder kazig opgeschreven dan in dit stukje ;)

PS. En lees na het lezen van Kom hier dat ik u kus vooral ook het interview met Griet Op de Beeck in Volkskrant Magazine terug (feb ’16).

2 reacties

  1. Ten eerste: elkaar voorlezen vind ik heel cool, jeugdboeken nog iets meer zelfs.
    Ten tweede is het trilogie :)

  2. Ik heb echt heel hard moeten huilen bij ‘Kom hier dat ik kus’ en dat doe ik bijna nooit bij een boek. Heeeel goed geschreven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.