• Nieuws: meld je aan voor de selectie van Suus!

    Goedemorgen jongens, ik heb wat nieuws: mijn eigen online nieuwsbrief!

    Stiekem werk ik hier al jaren heel af en toe een beetje aan, maar telkens laat ik het dan weer liggen. Ach, denk ik dan, ik heb toch ook dit platform. Waarom dan ook nog een nieuwsbrief maken?

    Toch is het niet helemaal hetzelfde. De laatste tijd merk ik dat het format van bloggen niet altijd past bij de dingen die ik wil vertellen. Tegelijkertijd wil ik iets maken dat minder vluchtig is dan een story op Instagram. Sowieso ben ik liever minder op Insta.

    Ik vind het leuk om in contact te zijn met jullie, mijn lezers. En ik experimenteer graag met de vorm waarin dat gebeurt (zie ook mijn YouTube-avonturen :-)). Bovendien voelt ‘zomaar van alles openbaar delen’ soms té kwetsbaar, zoals Des al mooi opmerkte bij de lancering van haar ‘briefjes van Des’.

    Lang verhaal kort: je kunt je vanaf nu inschrijven voor de selectie van Suus!

    • een door mij gemaakte nieuwsbrief in je mailbox, helemaal gratis
    • vol fijne tips, ideeën, gedachten en inspiratie
    • verschijnt 1x per maand

    Oh ja, en de eerste editie verschijnt aanstaande woensdag (29 juni) al!

    Waar wacht je nog op?
    Schrijf je nu in!

    2+
  • Mijn tuin

    Mijn tuin wordt een wilde tuin. Een groene oase in de wijk, een plek waar je graag bent – zeker als de zon schijnt. Een plaats waar je de bladeren hoort ruisen, waar de bijen zoemen en de wormen, pissebedden en al die andere kriebelbeestjes krioelen in de vruchtbare grond.

    Mijn tuin wordt een pleisterplaats voor vogels en insecten. Omdat er volop bessen en zaden te vinden zijn, omdat er van het vroege voorjaar tot de late herfst bloemen bloeien, en er volop plekjes zijn om je te verstoppen of nestjes te bouwen.

    In mijn tuin komen bomen. Niet per se hele hoge of dikke bomen – zo groot is mijn tuin niet – maar wel bomen die schaduw geven en zo verkoelend werken, die zuurstof leveren, CO2 opslaan. Die mooie appelboom in de voortuin, dat is pas het begin.

    De schutting van mijn tuin is straks bijna niet meer zichtbaar. Nu al klimt de sterjasmijn die ik vorige maand plantte langzaam maar zeker omhoog, en sinds gisteren hebben we een verticale kruidentuin waar ook aardbeienplantjes aan de muur groeien. Ik kan niet wachten om te oogsten.

    Sommige dingen vind je nauwelijks in mijn tuin. Tegels, bijvoorbeeld – alleen het hoognodige, voor een paadje waar je met je fiets overheen kunt om ‘m in het schuurtje te zetten, stapstenen en een terras – 3 bij 3 meter, dat moet een terras minimaal zijn leerde ik – maar veel groter hoeft ook niet, zeker omdat daarnaast het grasveldje begint. En waarom zou je op een stoel zitten als je ook in het gras kunt liggen?

    Dat fietsenschuurtje trouwens, dat hebben we nu nog niet. Maar het wordt geen stenen bouwwerk. Misschien kun je het zelfs nauwelijks een fietsenschuurtje noemen: het wordt een eenvoudige overkapping van vier houten palen met een groendak erop, en als ‘muren’ plaatsen we schermen waar klimplanten overheen groeien. Hoe we dat precies gaan doen, is een project voor deze zomer, maar in mijn hoofd staat-ie er al. Eerst nog even die stomme overkapping verkopen. (Best een mooi ding hoor, topkwaliteit, maar hij past niet op deze plek en in deze tuin.)

    Kunstgras vind je gelukkig ook niet meer in mijn tuin. De mat van 5 bij 2 meter die er lag toen we hier kwamen wonen, heb ik op Marktplaats verkocht. Kun je tot m’n verbazing nog best een paar tientjes voor krijgen.

    Wél vind je in mijn tuin al steeds meer planten. Ik leer dagelijks bij wat dat betreft – verder dan het herkennen van een serie verse kruiden en de magnoliaboom kwam ik tot nu toe niet – en maakte deze week een schriftje waarin ik de namen schreef van alle planten die ik afgelopen maand in de tuin heb gezet.

    In de tuin staat ook ‘mijn’ lelie: een stuk van de plant die begon te bloeien op de dag dat ik in 1991 werd geboren, en die m’n moeder al bijna 31 jaar telkens mee-verhuist. De moederplant staat inmiddels in haar tuin in Zweden.

    Terwijl ik mijn tuin verken, loop ik op blote voeten of op de klompen van mijn oma – ik kreeg ze nadat zij in november overleed, ze zijn precies mijn maat. Mijn oma hield ook van tuinieren, allebei mijn oma’s trouwens. Graaf ik een gat voor een nieuwe plant, dan gebruik ik daarvoor oma Janna’s groene schepje.

    Er past nog veel meer in mijn tuin. ‘Kom maar een keer langs’, zei de collega bij wie ik laatst ging eten en die zo’n geweldige grote mooie wilde tuin heeft op het platteland. ‘Dan steken we wat planten uit, en knippen we wat stekjes voor je af. Het groeit hier toch harder dan ik bij kan houden.’

    Ik appte vrienden-met-een-tuin met de vraag of zij nog stekjes hebben. Honderden, schreven ze terug. Een ding weet ik wel, ik hoef vanaf nu niets meer te kopen bij de Intratuin. Sowieso wil ik in de toekomst niet meer naar de Intratuin maar naar een goede biologische kweker, zoals de Hessenhof in Ede. Zodat ik weet dat de plantjes die ik koop gifvrij zijn, dat het soorten zijn die daadwerkelijk nog stuifmeel/nectar voortbrengen voor de insecten (blijkbaar zijn er ontzettend veel ‘doorgekweekte’ bloemen op de markt die schitterend bloeien, maar waar de insecten helemaal geen klap aan hebben – twijfel je, gebruik dan je neus: als je niets ruikt zit er waarschijnlijk weinig in).

    Volgende week wordt hier voor de deur 1 m3 biologische compost geleverd. Turfvrij, da’s lang niet overal te krijgen in Nederland maar Bio-Kultura heeft het gelukkig. En je wilt turfvrij, weet ik tegenwoordig, want compost/tuinaarde met turf is mega-slecht voor het klimaat én je tuin.

    We kochten ook een tuinkast, eentje die precies past in het ‘loze’ hoekje naast de linker achterdeur. Volgend weekend gaan we gras inzaaien en binnenkort installeren we ook een regenton. Nu al voelt het hartstikke zonde om kraanwater te gebruiken om de planten te besproeien, maar ja, je kunt nu eenmaal niet alles tegelijk. Om die reden kocht ik de afgelopen tijd tóch ook alvast een paar zakken compost en tuinaarde bij Intratuin. Wel biologisch maar ja, met turf, niet ideaal maar je kunt nu eenmaal niet alles perfect doen.

    En met tuinieren werkt het zoals met veel dingen in het leven: soms moet je gewoon beginnen.

    De tuin vorig jaar in juni, ruim een maand voordat wij er gingen wonen. Rechts een stukje van de mat kunstgras.
    De tuin vandaag: nog deels een zandbak en overal growth in progress, maar het mooie van de natuur is dat je soms alleen maar een zetje hoeft te geven en daarna is een portie geduld voldoende. :-) Rechts zie je de blauwe waterschaal – badje voor de vogels – die mijn moeder maakte (check haar keramiek-webshop).
    En die grote klaproos (en een heleboel andere planten) kwamen spontaan op. Da’s zo leuk aan een wilde tuin: altijd een verrassing wat er gaat gebeuren!
    1+
  • Over Best Kept Secret

    Het is maandagmiddag, de tassen zijn uitgepakt en opgeborgen, de was zit in de machine (dankjewel B) en het huis is gestofzuigd. We zijn weer thuis. En ik heb een week vakantie.

    Dit weekend waren we op Best Kept Secret Festival. Mijn derde editie was het, de laatste keer was in 2018. In 2019 gingen we naar Down The Rabbit Hole (DRTH) en de afgelopen twee jaar waren er door de pandemie natuurlijk geen festivals.

    Oké, allereerst: het festival was weer top geregeld. Het terrein heeft een nieuwe indeling gekregen, met nu (nog) veel meer leuke en verrassende hoekjes – beetje à la DTRH – met bijvoorbeeld hangmatten, mini-podia waar naast muziek ook talks werden gegeven en zelfs hot tubs en een sauna. De muziek was over het algemeen goed, af en toe ronduit slecht en een paar keer briljant, en ook qua eettentjes hadden we weinig te klagen, behalve de prijzen ervan, maar ja inflatie.

    Dit blogje is dan ook geen review van BKS. Ik hou van BKS. Maar ik merkte ook dat ik het véél vond, dit keer. Dat ik regelmatig aan het zoeken was naar hoe ik dat nou eigenlijk wil doen, festivallen. In vier jaar kan er veel veranderen. Niet alleen de wereld maar ook jijzelf en je behoeften.

    BKS in 2018 en in 2022 – rechterfoto op de laatste dag toen ik besloot zonder make-up naar het festival te gaan (dit is in mijn hoofd best een beetje een ding, maar ik. mag. er. zijn.)

    Om te beginnen begon ik aardig moe aan het weekend, want ik heb afgelopen maand knetterhard gewerkt om een grote klus rond te krijgen. Daarnaast dronk ik dit keer bewust geen alcohol – terwijl ik de vorige edities toch regelmatig dansjes deed met een beker cider in m’n hand, soms deelden nog een jointje met de groep of een microdosering van iets. Maar ik voel hoe alcohol me wegdrijft van mezelf en ik wilde in verbinding blijven. Hier zijn.

    Niet dat dat makkelijk was. ;-) Want als je HIER knetterveel rugpijn hebt en dus eigenlijk niet urenlang wilt staan bij concerten, of je bent eigenlijk zo moe dat je het liefst een dutje wilt doen in de tent, of je bent gewoon overweldigd en beseft dat je helemaal niet in een drukke tent wil staan.. Kortom, als je het ineens allemaal voelt, onverdoofd. Tja, wat dan?

    Nou: dan ga je toch gewoon zitten bij dat concert. Op een heuveltje naast de tent kun je het ook best prima horen. En dan dóé je toch dat dagelijkse dutje, boeiend, en jammer dan dat je concerten mist die volgens de verhalen behoorlijk briljant waren. Het is jouw weekend, niemand zegt dat je de hele tijd AAN moet staan, of dat er een bepaalde manier is om ‘festivallen’ goed te doen.

    Het klinkt zo simpel hè. En achteraf voelt het ook zo – simpel – want ik deed het: luisteren naar mijn lijf, gehoor geven aan m’n behoeften. Al was dat in mijn hoofd een stuk minder eenvoudig. Eerst had ik überhaupt niet door dat ik die gevoelens (moe, rugpijn, overprikkeld) aan het ontkennen en wegduwen was. Daarna was er natuurlijk oordeel, veel oordeel: kom op Suus, stel je niet aan, de rest doet toch ook…. En er was angst voor afwijzing: wat vindt de rest van me als ik sjaak afhaak ben (weer zo’n oordeel)? En wat vind ik van mezelf? Krijg ik achteraf geen spijt?

    Wat ontzettend hielp, is dat ik met drie superchille mannen was die het allemaal wel best vonden. Die zelf ook graag hun gang gingen, ook als dat regelmatig betekende dat we alle vier los van elkaar over het festivalterrein zwierven. We kwamen elkaar toch wel regelmatig weer tegen. Er was genoeg tijd samen.

    Er waren momenten dat ik dacht: misschien is dit wel m’n laatste festival. Maar er waren óók momenten dat ik genoot van gewoon met de dudes rondstruinen, van alcoholvrije cider drinken (die was er gelukkig ook! Nou ja, 0,5% maar daar doe ik het voor), en van de muziek.

    En toen ik op zondagavond tot m’n eigen verrassing INTENS aan het genieten was van Nick Cave, wist ik: alleen al dit optreden maakte het hele weekend het helemaal waard.

    Lijstje top-artiesten:

    1. Nick Cave and the Bad Seeds. In één woord WOW. Mogelijk het beste optreden dat ik ooit heb gezien. Betoverend gewoon. Ik begon chillend op een heuveltje maar ging op een gegeven moment tóch maar dichterbij staan, ondanks die vermoeide rug en voetjes – dat zegt wat, in 2018 vond ik The National ook prima vanaf het heuveltje.
    2. Froukje. Ik kende haar niet, maar wát een fijne chick en een heerlijk concert. Maakte me vrolijk en hoopvol. Als dit Gen-Z is, komt het misschien toch nog goed met de wereld. ;-)
    3. Jehnny Beth. Gaaf was dat.
    4. Giant Rooks. (Ik vind de recensie van 3voor12 te negatief, het was gewoon een fijn concertje.)
    5. Novastar. Precies wat je wilt op zondagmiddag terwijl je ligt te luisteren aan het water.
    6. WIES. Wat zijn ze leuk!
    7. The Vices. Zag ik op zo’n piepklein podium tijdens een jamsessie. Fijn.
    Jamsessie van The Vices

    Kortom: een heel leerzaam weekend al met al. Wat ik meeneem, is een les die ik sowieso de laatste tijd steeds meer begin te voelen: je kunt veranderen in je leven. Wat je vroeger leuk vond, is dat misschien nu niet meer. Je interesses verschuiven. Je smaak verandert. Je overtuigingen wankelen of ontwikkelen zich in een andere richting.

    En dat is oké. Houd de verandering niet tegen, zelfs al ben je zo bang voor de reacties van anderen. Ja, misschien zullen er mensen zijn die hun beeld van je even moeten aanpassen. Maar dat is aan hen. Jij mag jouw pad bewandelen.

    Of ik volgend jaar weer naar BKS ga, weet ik nog niet. Misschien wel, misschien niet. Misschien een dagje, of misschien boeken we dit keer wel een glamping-tent. En misschien sla ik een jaartje (of meer) over. We gaan het wel zien. Ik hoef het niet nu te bedenken. En net zoals dat ik nu deze twijfels beleef, mag het morgen ook weer helemaal anders zijn.

    Ik vind de hele tijd dat ik het moet ‘weten’, datgene ‘waar ik van ben’. Misschien is dat ook een reden dat ik moeite heb met hier schrijven. Het voelt alsof elke letter die ik typ, me gaat definiëren. Want dan schrijf ik veel over veganisme en heb het gevoel dat ik me moet verantwoorden als ik een keer kibbeling eet (zoals dit weekend). Of ik heb een wijncursus gedaan en mensen zien me als ‘iemand die veel van wijn weet’, terwijl ik het afgelopen jaar nauwelijks nog bezig ben geweest met wijn. Of ik stop met sociale media, schrijf over wat dat me brengt, en het voelt hypocriet om vervolgens weer op Instagram te zitten. Of ik verdiep me in spiritualiteit en heb het gevoel dat dat niet ongegeneerd kan omdat ik wetenschappelijk ben opgeleid en samenwerk met universiteiten.

    Ik wil nou juist zo graag dat het allemaal open mag liggen.
    En dat het mag veranderen.

    Na dit weekend besef ik dat ik vooral zelf degene ben die dat tegenhoudt. Mensen bewegen wel mee – of niet, en dan is dat misschien moeilijk of pijnlijk, maar uiteindelijk ook oké.

    Wat dat betreft was het zo’n verademing om mensen als Froukje, Jehnny Beth en ook Merol te zien rocken op het podium. Jemig, Froukje is EENENTWINTIG en staat daar mooi haar ding te doen, op haar manier, en dat mag en kan gewoon.

    Er zijn vast mensen die er wat van vinden. Maar dat houdt hen niet tegen om te doen wat zij op dat moment willen. En als ze het morgen helemaal anders willen doen? Dan doen ze dat toch lekker.

    Kijk maar, leken die powervrouwen me te zeggen. Doe het maar gewoon, en je zult ervan versteld raken wat er dan allemaal kan.

    Jehnny Beth die zich halverwege een nummer vol vertrouwen op haar publiek stort.
    3+
  • Wat ik leerde

    Zomaar wat dingen die ik de afgelopen tijd heb geleerd:

    • Dat als je een tuin inricht, je niet alleen planten aan de randen moet plaatsen maar juist ook in het midden. Volume, hoogte en doorkijkjes doen je tuin groter lijken en maken ‘m interessanter. En wees niet bang om bomen te planten. (Sowieso is de workshop tuinontwerp van de Tuinen van Appeltern een tip!)
    • Dat Eefje de Visser live heel goed is.
    • Hoe je een verwaarloosde ligusterhaag moet snoeien. En dat de liguster heel snel groeit (wat in ons geval heel fijn is, want je kunt ‘m flink terugsnoeien en hij loopt dan gewoon weer uit).
    • Dat ze bij de Intratuin handige bakjes hebben om een verticale tuin tegen je schutting te maken.
    • Dat als je niet weet wat voor planten er in je tuin groeien, daar handige apps voor zijn: PlantSnap en PlantNet bijvoorbeeld. Je maakt gewoon een foto van de betreffende plant en de app vertelt je wat het (waarschijnlijk) is.
    • Dat bijna alle soorten tuinaarde – in elk geval die bij het tuincentrum – turf bevatten, wat superslecht is voor het milieu. Tuinaarde en compost van Bio-Kultura bevat geen turf.
    • Een lekker recept voor vegan abrikozentaart.
    • Hoe je iemand kunt smudgen (reinigen met witte salie).
    • Heel veel dingen over strategisch omgevingsmanagement. (Ik doe deze maand een serie interviews met mensen voor wie dat hun werk is.)
    • Dat golden milk (ofwel kurkuma latte) lekker is en goed voor je.
    • Dat mijn blog-zin gewoon verdwijnt als ik voor m’n werk al zo veel bezig ben met schrijven. Dat ik dit jammer vind.
    • Dat je om te voelen eigenlijk niets hoeft te doen. Alleen maar, ja, voelen wat er gebeurt in je lijf.
    • Dat energiewerk geen zweverige onzin is, maar echt en helend.
    • Dat je een verstopte douchegoot heel goed kunt ontstoppen met een combinatie van baking soda, schoonmaakazijn en flink in de weer met de plopper in de wasbak ernaast.
    • Dat katten hebben supergezellig is, maar ook betekent: overal haren. Heel veel haren.
    • Dat dit, plus de vogeltjes, voor B en mij misschien een reden is om geen eigen katten te nemen. (Logeerkatten zijn er nog tot juli, we houden ze nu meer binnen vanwege het broedseizoen – makkelijker gezegd dan gedaan, ze staan de halve dag te miauwen bij de achterdeur, zucht.)
    • Dat 8 zonnepanelen ruim genoeg is voor ons jaarlijkse energieverbruik. Over een aantal weken worden ze op het dak gelegd, jippie!
    • Dat als je een warmtepomp neemt en die ook op eigen stroom wilt laten draaien, je nog ongeveer 2 keer zo veel zonnepanelen nodig hebt.
    • Dat tuineren op harde kleigrond best een uitdaging is. Je krijgt er in elk geval spierballen van. ;-) En een scherpe spade is ook best handig.
    • Dat op blote voeten lopen maakt dat ik meer in verbinding blijf met mijn lichaam en de aarde. Note to self: vaker op blote voeten lopen, ja ook gewoon buiten. Maakte laatst een ommetje naar de ijssalon, mensen keken niet eens heel raar.
    • Dat ik me nog zo vaak tegen laat houden omdat ik bang ben dat mensen me raar vinden.
    • Dat Instagram in die zin helemaal niet goed voor mij is. Maar dat het tegelijkertijd ook dingen brengt, zo dubbel blijft het.
    • Dat veel vrouwen zittend mediteren moeilijk vinden, dat een vrouwenlijf vaak meer beweging nodig heeft. Dat je ook heen en weer kunt wiegen tijdens het mediteren (of je bovenlijf rond te cirkelen als een spiraal), en dat dansen ook een vorm van meditatie kan zijn.
    • Dat mijn werk maakt dat ik meer in mijn hoofd kruip. Niet gek ook, ik ben de hele dag mijn hoofd aan het trainen. Voelt wel dubbel, als ik tegelijkertijd voel hoe nodig en waardevol het is om meer vanuit mijn lichaam te leven.
    • Dat we, als de situatie rondom corona zo blijft als nu, in oktober weer naar Italië kunnen! Ik heb m’n boosterprik niet gehad dus mijn Green Pass is daar niet meer geldig, maar je kunt ook met een test het land in en daarna zijn er geen checks meer.
    • Dat Het jaar van Fortuyn een goede serie is.
    • En Everything Everywhere All At Once een héle goede film.
    • Dat sociale situaties op het moment veel onzekerheid triggeren. (Of was die onzekerheid er altijd al, en overschreeuw ik ‘m nu minder?)
    • Dat ik volgens human design een ‘projector’ ben. Ik weet nog niet zo goed wat dat betekent, maar het is iets met zien wat bij anderen leeft, observeren en het grotere geheel zien. “Omdat in de maatschappij de norm is dat je assertief en initiatiefrijk moet zijn, zullen projectors geneigd zijn dat ook te doen; maar daarmee plegen ze roofbouw op zichzelf, want zo komen ze niet op de juiste manier met de juiste mensen in contact.” En: “Een projector kan door het delen van zijn inzichten een gids zijn voor anderen. (…) Je bent anders dan zo’n 70% van de samenleving. Daarom ben je ook niet gemaakt om al die andere mensen bij te houden. Je bent dus ook niet gemaakt om lange dagen te werken. Het betekent niet dat je niet kan werken, maar wel dat je heel anders werkt dan anderen. Jij mag afstappen van de ‘work hard, play hard’-hype en meer gaan leven volgens je eigen natural flow.
    • Dat ik nog steeds de neiging heb om mijn agenda veel te vol te plannen. Yep, ik ben weer op dat punt beland. (Al helpt het een beetje om te weten dat mijn ADHD hier een rol in speelt – het maakt dat ik er minder verwijtend over ben naar mezelf.)
    • Dat ik doe wat volgens mij bijna elke ondernemer in z’n eerste jaar doet: veel te veel werken. Tot je beseft dat je dit nog jaren kunt blijven doen – maar dat je ook als zzp’er zélf kiest welke plek werk in je leven heeft.
    • Dat Vinted nog steeds een top-plek is om milieubewust én voor weinig geld kleding te shoppen.
    • Dat ik in mijn werk in een soort modus schiet waarin ik m’n eigen gevoel heel ver weg duw. Het gaat vanzelf. Intussen verwacht ik wel dat ik leer vertrouwen op mijn eigen oordeel in werksituaties, en voel ik me rot als dit niet lukt. Maar laatst in een opstelling leerde ik dat de sleutel is: hart hebben voor mijn gevoel.
    • Hoe fijn het is om in de buurt te wonen bij mensen die je goed kent. Spontaan langsgaan, even een terrasje pakken of samen eten, het kan gewoon. Ik voel me dankbaar.
    • Dat een regenton hebben echt heel veel water bespaart als je een tuin hebt – en dus veel beter is voor de wereld. We hebben nog geen regenton, sinds we planten hebben staat het wel hoog op m’n prio-lijst.
    • Dat af en toe een weekend geen verplichtingen zó goed voor me is.
    2+
  • Met de trein naar Zweden: ja het kan, én het is leuk!

    Ik wilde dus al een tijdje met de trein naar m’n familie in Zweden. Al in 2019 ontstond dat plan, maar ja toen kwam de pandemie. Vervolgens boekte ik twee keer tickets maar er kwam steeds wat tussendoor, waardoor ik niet weg kon.

    Maar nu dan toch! En wat was het een fijne reis.
    Ik vertel je er graag alles over.

    Hoe ga je met de trein naar Zweden?

    Als je met de trein naar Zweden wilt, heb je minstens twee goede opties:

    • Eerst naar Hamburg en dan met de nachttrein naar Malmö of Stockholm.
    • Met de trein naar Kiel (Noord-Duitsland) en dan overstappen op de nachtboot naar Göteborg.

    De nachttrein boek je via aanbieder Snälltåget. Op dit moment (voorjaar 2022) rijdt de trein van begin april t/m eind september. Op de website van Snälltåget lees ik dat de vertrektijden voor de winter van 2022/23 later dit jaar worden gepubliceerd. De trend is dat er steeds meer nachttreinen gaan rijden. Dus wie weet!

    Ga je met de nachtboot, dan boek je via twee aanbieders. Je neemt eerst een trein vanaf je bestemming in Nederland naar Kiel; dat kan bij Deutsche Bahn. En je boekt de nachtboot van Kiel naar Göteborg bij Stena Line.

    Zelf reisde ik dit voorjaar met de nachttrein, dus daar ga ik in dit artikel het meeste op in. Maar ik ben ook wel eens met de nachtboot geweest (met de auto weliswaar), dus reageer vooral onder deze post als je daar vragen over hebt!

    De nachttrein van Snälltaget, vlak voor vertrek uit Hamburg.

    Hoe lang doe je erover?

    Tussen de 12 en 24 uur, afhankelijk van je bestemming, aansluitingen en overstaptijden. Let wel: een flink deel van de reis ben je lekker aan het slapen. De reis voelt dus een stuk minder lang!

    In mijn geval: ik stapte op maandag om 17.37 uur vanaf Arnhem in de trein naar Hamburg. Rond middernacht kroop ik in m’n trein-bedje en rond 7 uur ‘s morgens kwam ik aan in Malmö.

    Daar stapte ik over op een luxe intercity van SJ, de Zweedse nationale spoorwegmaatschappij. Rond het middaguur was ik in Göteborg en om 15.45 uur kwam ik aan in Karlstad, provincie Värmland (midden-Zweden).

    Reis je naar Stockholm, dan zit je vanaf Hamburg in dezelfde trein. Om 14.15 uur kom je aan in de Zweedse hoofdstad; check de precieze treintijden hier.

    Wat kost het?

    Ook dat hangt af van je wensen, keuzes, het seizoen en de economie. Maar ik snap dat je aan dat antwoord niet zo veel hebt. ;-)

    Dus om je een idee te geven: ik betaalde 225 euro voor het traject Hamburg-Karlstad (in één keer geboekt via Snälltåget; ook de treinen van SJ kun je meeboeken – handig, want zo heb je meer rechten bij vertraging). Daar kwam nog ongeveer 80 euro bij voor Arnhem-Hamburg. In totaal dus iets meer dan 300 euro.

    In het hoogseizoen is dat misschien iets duurder. En als je een goede aanbieding scoort, misschien wat goedkoper.

    De nachtboot lijkt duurder, concludeer ik op basis van steekproeven. In je eentje betaal je zo’n 200-350 euro voor de overtocht Kiel-Göteborg (retour) – met z’n tweeën is wat voordeliger omdat je een hut kunt delen.

    Daar komen nog treintickets bij van Nederland naar Kiel, en eventueel tickets naar je bestemming in Zweden. Tenzij je in Göteborg blijft, wat overigens helemaal geen slecht idee is. ;-)

    Zeg dat je van deur tot deur zo’n 300 tot 400 euro per persoon kwijt bent als je met de nachtboot reist. Disclaimer: dit zijn schattingen op basis van wat zoekrondjes. Als je slim boekt en flexibel bent, kan het misschien goedkoper!

    Overstappen in Duitsland.

    Trein of boot naar Zweden? De voor- en nadelen op een rij

    Voordelen van de nachttrein:

    • Het is vaak goedkoper.
    • Lekker in slaap gewiegd worden – veel mensen zeggen dat ze heerlijk kunnen slapen in de trein, alsof je een baby’tje bent dat in slaap wordt gewiegd. Ik ben 1 van die mensen. ;-)
    • Je reist met 1 vervoersmiddel, lekker overzichtelijk.
    • Je blijft gewoon aan land (vind ik persoonlijk een voordeel, ik vind de cadans van een trein prettiger dan dat van een boot – hoewel je op de nachtboot niet snel zeeziek wordt hoor!)
    • Overdag ontspannen uit het raam staren, of natuurlijk gewoon werken, films kijken of een boek lezen. Toegegeven, die laatste dingen kunnen ook op de boot.
    • ‘s Morgens reis je over de Oresundbrug, de brug tussen Denemarken en Zweden. Gaaf uitzicht!

    Voordelen van de combinatie trein + nachtboot:

    • Meer luxe en comfort. In de trein slaap je in een eenvoudige couchette die je deelt met andere reizigers – tenzij je geld hebt voor een privéruimte met luxe bed natuurlijk, want dat kan ook! Op de nachtboot heb je altijd je eigen hut, met ‘normale’ bedden, een badkamer en televisie. Het is eigenlijk een soort hotelkamer.
    • Je kunt ‘s morgens douchen.
    • Je nacht duurt langer; je bent op de boot van 17.30 uur tot ongeveer 9.00 uur de volgende ochtend. De trein vertrekt om 23.59 uur uit Hamburg en komt 7.30 aan in Malmö.


    ‘s Morgens voor de kust van Denemarken.

    Slapen in de nachttrein van Snälltåget … Hoe werkt dat?

    Laten we inzoomen op het moment dat je in Hamburg bent en de trein het perron binnenrijdt. Je kijkt dan op je ticket in welk treinstel je zit. De nummers staan aangegeven op de deur van elk treinstel.

    Je stapt in en zoekt jouw slaapcoupé (de nummers staan op de deur van elke coupé). Heb je weinig geld, dan kun je er overigens ook voor kiezen om een stoel te boeken in plaats van een couchette – scheelt zo’n 50-60 euro!

    Je zegt hallo tegen je eventuele medereizigers. Ik reisde in een coupé met 3 andere vrouwen. In de coupé is plek voor 6 mensen, maar ik heb tot nu toe in nachttreinen maximaal 3 medereizigers gehad. Soms maak je een kort babbeltje, verder doet iedereen z’n eigen ding. Prima en rustig volk, in mijn ervaring.

    Je bergt je tas op (daar is plek voor in de coupé) en maakt je bed op. Op elk bed ligt een schoon setje beddengoed: hoeslaken, deken, dekbedovertrek, kussen met sloop.

    Een van de bovenste bedden van de coupé (couchette).

    In een couchette kunnen de bedden overdag worden opgeklapt zodat het bankjes zijn. Dus eventueel klap je ze eerst nog naar ‘bed-stand’. Een conducteur kan je hier ook mee helpen.

    Vlak na vertrek komt de conducteur sowieso langs om je vervoersbewijs te controleren. Hij of zij meldt ook dat er paspoortcontrole is bij de Deense grens; slim dus om je paspoort vast in de buurt te houden. Dan hoef je ‘s nachts niet te zoeken in het donker.

    Je kleedt je om, poetst je tanden bij het wc-hokje in de gang en kruipt lekker in bed. Nog even de wekker zetten (tenzij je er pas in Stockholm uit hoeft) en dan lekker slapen!

    ‘s Morgens kun je ontbijt halen in de restauratiewagon. Of neem gewoon zelf broodjes mee. :-) Je stapt uit en vervolgt je reis. Easy as that!

    Station Malmö.

    Wat wil ik nog meer weten voordat ik boek/vertrek?

    Een paar pro-tips:

    • Boek je treinen op tijd! Nachttreinen zijn hartstikke populair, en ze raken dan ook vaak uitverkocht.
    • Boek je overstap niet te krap. Mijn (heen)reis met de nachttrein verliep precies volgens schema, maar eerder heb ik weleens vertraging gehad met nachttreinen. En ook Deutsche Bahn is niet altijd zo pünktlich als je zou verwachten. Liever een uurtje overbruggen in Hamburg, dan de nachttrein missen!
    • Bij je boeking kun je aangeven of je boven- of onderin wilt slapen, of in het midden. Voordeel van onderin: je zit vaak naast een stopcontact en je kunt er ‘s nachts makkelijker uit. Voordeel van bovenin: je hebt meer privacy en meer plek voor je bagage (er is daar een aparte uitsparing voor tassen).
    • Essentials voor in je koffer/backpack: oordoppen, een slaapmasker, genoeg drinkwater (je kunt het kopen maar dat is duur), washand om je gezicht op te frissen en evt. een klein (reis)handdoekje, powerbank om je mobiel op te laden – hoewel de intercity’s van Deutsche Bahn en SJ overal stopcontacten hebben. Verder natuurlijk een pyjama, tandenborstel en de andere dingen die je ook mee zou nemen als je ergens anders overnacht.
    • Doe de bagage die je onderweg nodig hebt, bovenin je tas! De coupé is niet erg ruim, en eindeloos door je spullen graven terwijl je medereizigers op je staan te wachten, is minder ideaal. ;-) Ik doe in mijn grote backpack een kleiner tasje met alle spullen die ik onderweg nodig heb.

    Cruisen door Duitsland in de ICE. Soms gaan ze meer dan 200 km per uur!

    Overdag in Zweden met de trein: ruimte, luxe en comfort

    Tot zover de nachttrein. Ook de ‘gewone’ treinen in Zweden verdienen aandacht. De intercity’s van SJ zijn namelijk supercomfortabel. Ze zijn doorgaans nieuw en luxe, met lekkere stoelen (altijd een eigen tafeltje), stopcontacten en veel beenruimte. De WiFi is vaak prima.

    Kortom, in die treinen kan ik als freelance tekstschrijver heerlijk werken. Op sommige trajecten kon ik zelfs probleemloos een serie streamen op NPO Start!

    Vergelijk dat eens met de stress van vliegreizen: half uitgekleed en met al je spullen door de detectiepoortjes, vaak in de rij staan, wachten bij de gate (meestal een zielloze, grauwe plek – op het station zit je bij mooi weer lekker te wachten in de zon!), alweer in de rij om te boarden, krappe stoelen met weinig beenruimte, te weinig plek voor je bagage, nauwelijks personal space …

    Nee, doe mij die trein maar. ;-)

    De intercity van Malmö naar Göteborg.

    Nog meer vragen?

    Stel ze gerust! Ik ben groot fan van treinreizen door Zweden – en andere landen in Europa, zoals Italië! En ik help jou ook graag op weg. Plaats een comment onder deze post of mail me (suushi 91 at gmail punt com).

    En deel vooral ook je eigen ervaringen!

    1+