Vrijdag

Zo. Wat vloog deze week zeg! M’n werkagenda zat bomvol – net als vorige week. Gistermiddag sloot ik de week af met een SOEP-expertmeeting over polarisatie en verbinding, die ik gaf samen met mijn collega. Het was volle bak (we zaten met 15 man om de grote lunchtafel van Einder) en tot m’n eigen verbazing was ik stukken minder zenuwachtig dan ik van tevoren had verwacht.

Sterker nog: ik genoot. We oefenden met empathie, gingen op zoek naar polariserende taal in de krant en onderzochten welke (onbewuste) rituelen er zijn in ons werk en leven. Als ik nadenk over hoe ik, nog maar een half jaar geleden, voor het eerst deze workshop gaf en hoe ik er nu – de tweede keer – bij zat, ben ik best een beetje trots op mezelf. Ja, het blijkt steeds maar weer he; dingen die je eng vindt, moet je gewoon DOEN DOEN DOEN, net zo lang tot ze ‘gewoon’ zijn geworden en je je nauwelijks meer kunt voorstellen dat je hier nou zo bang voor was.

Natuurlijk is het wel belangrijk – ik zou zeggen cruciaal – om jezelf voor en na zulke inspanningen extra veel rust, ruimte en liefde te geven. Over je grenzen stappen kost bergen energie. (Ik merk dat bijvoorbeeld doordat ik na zo’n workshop, of een spannend gesprek bij een klant, hoofdpijn heb.) Dat is een groot verschil met hoe ik ‘eerst’ leefde en ‘nu’; zou ik voorheen na zo’n hyper-week zijn doorgeracet het weekend in (jeej, wijntjes en gezelligheid en hardlopen en de stad in en dansjes en op pad en…), nu staat vandaag, mijn vrije vrijdag, grotendeels in het teken van De Rust Terugvinden.

Vooruit, er ‘moeten’ ook een paar dingen: nog wat werk afmaken dat er deze week bij in schoot, wasjes draaien, beetje opruimen. Maar verder probeer ik vooral een beetje terug in het voelen te raken, uit het denken. Makkelijker gezegd dan gedaan, want na drie Facebookloze maanden ben ik afgelopen dagen weer erg geneigd tot feed-scrollen. En er wacht nog een hele berg appjes op mijn telefoon op een reactie.

Then again: die berichtjes kunnen heus nog een beetje langer wachten.

Verder: wat is het mooi weer vandaag!! Hebben jullie ook het gevoel dat de lente nu echt is begonnen? Ik rende vanmorgen een interval-rondje door de zonnige stad, ging toen ook nog naar een les yin yoga – dit klinkt nu weer ontzettend “wat moet je veel van jezelf”, maar yin is juist enorm in je lijf zakken, ademen, bijkomen, zonder veel fysieke inspanning, en dat was precies waar ik zin in had.

Nu ga ik verder in mijn boek lezen. En dan misschien wel chocoladetaart bakken.

Retraite

Dus ik ging een weekend op retraite in Drenthe, tussen de velden. Hoe was dat?

Nou, als ik één woord moet noemen: bijzonder – al is dat natuurlijk ook vrij nietszeggend. Wat ik deed? Het was een mindfulness-en-compassieretraite, en het programma zag er per dag ongeveer zo uit:

Gewekt worden (7.15 uur) met gezang en een klankschaal
Naar de grote zendo voor ochtendmeditatie
Ontbijt
Wat tijd voor jezelf
Bewegingsoefeningen (yin yoga, tai chi)
Meditatie
Loopmeditatie/wandeling
Lunch: lekkere broodjes met soep, allemaal biologisch en supersmaakvol
Wat tijd voor jezelf
Meditatie
Meer meditatie
Diner, met heerlijke taart als toetje
Wat tijd voor jezelf
Avondmeditatie (één avond afgesloten met het reciteren van een mantra)
Naar bed; edele stilte tot na het ontbijt de volgende dag

Tja, dat klinkt allemaal misschien niet zo indrukwekkend. Ik bedoel: toen ik het schema voor het eerst op de deur zag hangen, dacht ik: ‘is dit niet heel veel herhaling en veel van hetzelfde?’ Maar nee, allesbehalve. Elke meditatie had een ander thema, en sowieso: elk moment voelde het weer anders.

Soms was er veel strijd in mij. Soms zat of lag ik heerlijk op mijn bankje/kussen/matje, me focussend op mijn ademhaling of de geluiden om me heen of wat er verder in en bij mij gebeurde.

Soms schoten mijn gedachten alle kanten op. Soms was ik redelijk kalm en rustig. Soms had ik veel oordelen naar mezelf. Soms had ik m’n beide handen op mijn hart, zond er in gedachten compassie heen en voelde mijn eigen warmte.

Ja, bijzonder, dat is toch zeker wel het goede woord. We waren met veertien vrouwen – inclusief de twee trainers – en wat me misschien nog wel het meest bijblijft, is hoezeer je een band kunt opbouwen met mensen terwijl je gewoon stil bent. Samen stil. Samen bij jezelf.

Zondagochtend, na weer een half uur mediteren, werd ons gevraagd om, als we dat wilden, iets te delen in de groep. Hoe we er nu bij zaten. Of waar we aan dachten. Het zweet brak me meteen uit (IETS ZEGGEN IN DEZE GROTE KRING? WAT DAN? IEDEREEN DIE NAAR MIJ KIJKT? HOE DAN?), m’n hart begon te bonken en ik voelde me duizend kwetsbaar.

Terwijl ik niet eens iets hoefde te zeggen. Want voor alles dit weekend gold: doe wat goed voelt voor jou. Niets doen is ook oké, net zo oké.

Toen ik, nadat een paar andere deelnemers iets hadden gedeeld, toch het woord nam, verstikte de emotie bijna meteen mijn stem. Toch voelde het op de een of andere manier goed en fijn om iets bij te dragen, ongeacht wat. ‘Ik vind dit best eng om te doen’, zei ik maar gewoon, ‘niet omdat er niets te zeggen valt, want er is van alles te zeggen, maar…’

De uitnodiging was om niet op elkaars woorden te reageren, maar gewoon te blijven luisteren, de uitspraken er te laten zijn. “Dat vond ik zo moeilijk”, zei een van die andere mooie vrouwen achteraf. “Als ik zie dat iemand tranen in haar ogen geeft wil ik haar gewoon even vasthouden, zo van, kom hier!”, en ze gaf me een knuffel.

Ik vond het heel fijn dat ze dat deed – het schiep meteen een band. En tegelijkertijd dacht ik: weet je, op dat moment hoefde ik niet per se een knuffel. Het was juist prettig dat mijn woorden er gewoon mochten zijn, dat ze niet meteen werden toegedekt, er geen label op werd geplakt (ook geen ‘o jee wat naar voor je’).

Iets om te onthouden.

Zo waren er nog meer dingen, veel meer. Zoals de compassie-oefening waarbij je in gedachten steeds liefde zond naar de mensen in je leven: eerst degene het dichtst bij je, dan de mensen met wie je woont, met wie je werkt, die je tegenkomt in de supermarkt. En ten slotte: liefde en compassie zenden naar iemand met wie je ruzie hebt, met wie het wringt, die boos op je is of die jou pijn heeft gedaan.

Ja jeetje zeg, dat is toch wel heel goed om vaker te gaan doen.

Ook niet te vergeten: hoe lekker het eten was – liefdevol bereid door Wim en Ida van de Maanhoeve, de plek waar we waren -, hoe warm, open en inspirerend Marlie en Mabeth, de twee trainers. Is het gek om te zeggen dat ik hen een beetje mis?

De laatste twee oefeningen van het weekend waren misschien wel de allermooiste. Eerst vroegen Marlie en Mabeth ons om een woord, of een paar woorden, of een zin te delen over het weekend. Samen, zeiden mensen, liefde en gelukdankbaarheid, verbonden zijn, dat dit alles er gewoon mag zijn.

Voor mij, zei ik, blijven twee dingen van dit weekend me zeker bij: ten eerste, dat ik me zo ontzettend geaccepteerd voel in een groep mensen die ik twee dagen geleden nog niet kende. (Interessant overigens, besef ik nu, in hoeverre dat te maken heeft met of mensen zich echt anders naar mij gedroegen dan ‘normaal’, of dat ik zélf een stuk milder was, mezelf ruimte gaf, minder oordelen had, minder gepieker over hoe anderen me zouden zien.)

Ten tweede: het besef dat ik eigenlijk best heel erg goed alleen met mezelf kan zijn. Dat ik kan thuiskomen bij mezelf, in de liefdevolle vriendelijkheid die we dit weekend samen oefenden. Dat ik dat veel beter kan dan ik soms denk – en dat het veel minder eng is dan ik lang dacht. Of, in de woorden van één van de andere deelnemers: I am my own best friend.

En toen, voordat het écht tijd was om weer naar huis te gaan, plaatsten we zeven stoelen in een kleine kring. De helft van ons ging erop zitten, de andere helft ging elk achter één stoel staan. ‘Bedenk eens’, zei Marlie tegen de staande mensen, ‘wat jij op dit moment het allerliefst van iemand zou horen, welke woorden jij nu het meest nodig hebt?’

We sloten onze ogen een paar minuten, dachten na. ‘En’, zei Marlie, ‘fluister datgene dat je net bedacht hebt in het oor van degene voor je. Draai daarna door naar de volgende stoel, totdat we allemaal de hele cirkel rond zijn.’

Daarna wisselden de staande en zittende mensen, zodat we uiteindelijk allemaal zeven verschillende – en ergens toch ook zo vergelijkbare! – liefdevolle wensen in ons oor gefluisterd hadden gekregen. Nou, ik kan je zeggen, dat maakt indruk hoor.

Wat mijn woorden waren?
Ik zeg ze ook graag tegen jou (doe maar even alsof ik naast je sta):

Je mag er gewoon zijn. Ik ben blij dat je er bent.

Dinsdag

Ik heb het idee dat ik de laatste tijd niet zo scherp ben. Dat ik de vinger niet precies kan leggen op de dingen die in me gebeuren; dat ik ze beter, nauwkeuriger wil opschrijven hier. Misschien ben ik (weer eens) te hard voor mezelf, hoor, en misschien gebeuren er onder de oppervlakte in m’n hoofd juist allerlei dingen – verschuivingen, inzichten, genezingen, groei – en moet het gewoon allemaal nog een beetje landen.

Want intussen zit ik totaal niet stil. Werk is druk, leuk en (soms net iets te) vol dingen die nét wat uit m’n comfort zone zijn. Leerzaam, dus. Verder lees ik boeken, zie ik vrienden, ga ik naar yoga, loop ik hard… kortom, het is nog vaak lastig om aan m’n prioriteit “zachtheid en ruimte maken, leegte laten” te voldoen.

Goed, in het kader van ‘scherpte terugvinden’, hier zomaar wat dingen die ik de laatste tijd denk en doe:

  • B is deze week op wintersport met z’n vrienden, dus ik heb de stad voor mezelf ;) en dat is best interessant om eens mee te maken, maar ook een beetje leeg.
  • Nog steeds erg blij met m’n wekelijkse therapie-uurtje. Laatste nuttige inzicht: ik heb een soort cirkeltje van grip willen hebben op dingen > hoge eisen stellen aan mezelf (want dat voelt lekker veilig en absoluut) > agenda volplannen (sociaal/sport/werk/klusjes) > daar (over)vermoeid van raken > grip verliezen > meer grip nodig > meer eisen stellen.
  • Ik kan dat cirkeltje doorbreken door meer liefde en zachtheid te tonen naar mezelf. Hoe? Simpelweg door ruimte te maken. Mezelf ruimte te gunnen er gewoon te zijn. (Onder dat cirkeltje zit overigens een basis-overtuiging, ‘het is nooit goed‘, waar ik natuurlijk ook mee aan de slag moet.)
  • Wat liefde betreft, ik las onlangs (in Levenslessen van Elisabeth Kubler-Ross, sowieso een aanrader, geschreven na decennia aan psychologisch onderzoek en interviews met mensen aan het eind van hun leven) over wat liefde dan precies is. Dit bleef hangen: liefde is er zijn. De auteur schrijft over iemand die vaak de denkfout maakte dat ‘ie een ander gelukkig moet maken om liefde te tonen. (Ehm ja en dat is zacht uitgedrukt herkenbaar.) Maar wat vraag je van iemand, als je liefde wilt? Soms wil je helemaal niet iemand die jou blij of gelukkig maakt. Je wilt gewoon iemand die er is – die bij je is en blijft, een arm om je heen slaat. “Hier ben ik.”
    Dat vertaalde ik door naar: liefde voor jezelf hebben is ook tegen jezelf zeggen “hier ben ik”. Er zijn voor jezelf. Ik hoef mezelf niet altijd blij te maken, om liefde te tonen. Gewoon er zijn is genoeg.
  • Iets heel anders: wijnclub is zo leuk! Zaterdag deden we alweer de 14e editie, thema Nieuw-Zeeland dit keer. Ik organiseerde (samen met S),
  • Over wijn gesproken, grappig detail: een jaar geleden – toen ik regelmatig pogingen deed om geen alcohol meer te drinken, met wisselend succes – kon ik me niet voorstellen dat die ééns-in-de-zes-weken-wijnclub vrijwel het enige moment zou zijn waarop ik meer dan 1 glas drink (en sowieso: de enige avond in de week). Nu gaat dat compleet vanzelf, en zelfs zonder dat ik veel moeite moest doen om op dit punt te komen.
  • O ja en ik lees zo veel boeken en dat is zo lekker. Momenteel bezig in het hartverscheurende Tonio (A.F.Th. Van der Heijden) dat, hoewel goed geschreven, soms ook best worstelen is. Niettemin de moeite waard – ergens denk ik ook juist, die worsteling, die eindeloosheid, daarmee roept de auteur juist een vleugje van het gevoel op dat hij zelf ook moet hebben doorgemaakt in die eerste maanden na het overlijden van zijn zoon…
  • Het is niet zo’n goed idee om een boek te lezen over een verongelukte jongen in de week dat je vriendje op wintersport gaat – en dan tot ver in de volgende ochtend niets laat horen over z’n aankomst na een lange autorit door de Franse Alpen. (Note to self: blijkbaar is er nog niet overal in Europa goed internet of mobiel bereik. Don’t panic.)
  • Op De Correspondent deze week een interessant stuk over ambitie van vrouwen en wat dat betekent voor relaties. Het is in feite de start van een onderzoek, met lezersoproep, maar het eerste artikel (Van Tamar Stelling) is al de moeite waard. Leestip – alleen al voor die geweldige grafiek “Alle vrouwen winnen nipt van Peter”.