Dan nog even

..over wat leuke en praktische in-het-leven-dingen van de laatste tijd. Mijn natuurwinkel-voornemen, Project 333, m’n hardlooptrainingen, OneFit; hoe gaat het daar allemaal mee?

  • Om te beginnen: ik heb het gedaan, dat Odin-lidmaatschap! Ja ja, en ik ben nu dus de trotse bezitter van een heuse hippie-pas, waarmee ik korting krijg bij twee biowinkels hier in de buurt (best chill: een halve kilo belegen kaas voor 6,60 in plaats van bijna 8 euro). Goed, ik legde dus 100 euro in bij de coöperatie – die ik terugkrijg als ik opzeg – en betaal nu maandelijks 16 euro. Als het goed is haal ik dat bedrag er weer uit, doordat ik genoeg boodschappen doe (die allemaal met korting zijn dankzij dat lidmaatschap). O ja, en toen ik lid werd kreeg ik ook nog gratis een hele grote tas vol boodschappen. Nice! Die actie is er trouwens nog steeds. ;-)
  • Conclusies na de eerste maand “vaker naar de biowinkel”: van de 24 keer dat ik in april geld uitgaf aan boodschappen, kocht ik 12 keer bij de natuurwinkel. Precies de helft dus. Opvallend: qua geld gaf ik er zelfs minder dan de helft uit. Met andere woorden, ik gaf per bezoekje gemiddeld meer geld uit bij Appie dan bij Odin. Hoezo “biologisch eten is duur”? (Voor wie het leuk vindt om te weten: in totaal gaf ik in april 211 euro uit aan boodschappen, waarvan 101 euro bij natuurwinkels en de 110 euro bij AH/Jumbo/Plus).
  • Over financiële investeringen gesproken: ik heb maandag mijn eerste pianoles! Al een tijdje ben ik zelf wat aan het oefenen op B zijn piano. Eerst dacht ik: misschien neem ik ooit eens les, als ik weer een mooi fijn huis heb waar een piano in past… En net toen ik besloot: ‘waarom zou ik eigenlijk wachten, leef nu!’, kondigde vriendinnetje E aan dat ze op pianoles ging. Mijn DATWILIKOOK-gevoel was zo sterk dat ik meteen een paar docenten in de buurt mailde. Die hadden eerst allemaal geen plek, maar een paar weken geleden kreeg ik ineens bericht dat een docente ruimte vrij heeft. Tot half juli – de rest van het semester – krijg ik wekelijks op zaterdag een uur duo-les met een andere beginnende leerlinge. Ik ben heel benieuwd, een klein beetje zenuwachtig maar heb er vooral veel zin in.
  • En ja, ik ben dus ook hard op zoek naar een piano.. eentje die op mijn zestien vierkante meter past, welteverstaan. Dat wordt dus sowieso een digitaal exemplaar; ik heb al een paar mooie op het oog, maar zo’n ding is natuurlijk best een investering. Gelukkig hoorde ik dat in Nieuwegein een pianowinkel zit (Clavis) waar je je instrument eerst 3 maanden gratis op proef kan krijgen. Dus daar ga ik dit weekend maar eens kijken.
  • Wat Project 333 betreft: officieel ‘eindigt’ mijn eerste 3-maanden-cyclus op 9 mei. Maar ja, toen werd het half april zo ontzettend heet en kreeg ik zo veel zin in de zomerjurkjes die in dozen achterin m’n kast zaten, dat ik besloot het een beetje anders te doen. Het principe van ‘elke 3 maanden 33 kledingstukken uitzoeken en het daar dan mee doen’ spreekt me erg aan; het weerhoudt me van zinloze shopsessies, het maakt dat ik zorgvuldiger met mijn kleding omga en het zorgt ervoor dat ik beter ga nadenken over wat ik wel/niet nodig heb en waar dat vandaan komt (op zoek naar duurzaam geproduceerde kleding, bijvoorbeeld). Maar ik maak het wel een beetje minder spartaans, want ik merkte dat 33 items inclusief jassen, schoenen en sieraden voor mij net wat weinig is. Als ik dan een weekend niet thuis ben, moet ik meteen doordeweeks in de avonden proberen te wassen omdat ik anders geen kleding meer heb. En ik kom ook al vrij snel in de problemen als ik eens een paar shirtjes bij B thuis heb liggen. Nee, da’s niet handig. Dus wat nu? Ik koos opnieuw 33 items uit, maar dan alleen kleding-die-ik-naar-werk-kan-dragen en schoenen (en: spaghetti-hemdjes niet meegerekend, want da’s in feite gewoon ondergoed). Met deze set doe ik tot 1 juli, daarna kijk ik opnieuw of ik een nieuwe set wil tot 1 september. Wat meer mee met de seizoenen dus. En ook hier: wat meer ruimte.
  • OneFit geeft me op dit moment meer stress dan vrijheidsgevoel. Doe ik natuurlijk zelf ;-), maar ja, als ik dan eens een week geen tijd heb voor yogalessen denk ik toch: wat zonde van die 50 euro per maand, ik moet het inhalen. Dan probeer ik 3 of 4 lessen in de volgende week te proppen, waardoor ik zo gedemotiveerd raak van de stress dat ik opnieuw helemaal niet ga. Argh. Ook hier dus: loslaten, suusie, loslaten. Het hoeft niet perfect. M’n abo loopt nu tot eind mei; even kijken of ik daarna ook weer verleng.
  • Hardlopen: op 27 mei loop ik weer de Marikenloop. Tien kilometer. Het liefst zou ik ‘m in 50 minuten lopen, maar gezien de omstandigheden (en sowieso: gezien het feit dat “lief voor mezelf leren zijn” nu voor mij een belangrijker doel is dan “een nieuw PR lopen”) bedacht ik me vandaag dat lopen in 55 minuten eigenlijk ook prima is. Zelfs lopen in 1 uur is prima. Of lopen in 1 uur en 10 minuten. Who cares, eigenlijk. Al loop ik m’n langzaamste wedstrijd ooit. Al word ik geëscorteerd door de bezemwagen. Als ik maar lekker loop. (Sidenote: HAHAHA. DIT GAAT ER DUS ECHT NIET IN HE BIJ MIJ. Maar ik kan het allicht proberen.)
  • Zomervakantie, tot slot, gaat heel erg fijn worden. Eerst in juni al een weekend naar Best Kept Secret, dan begin juli met B naar Italië, en daarna nog met de liefste S roadtrippen naar Frankrijk, net als vorig jaar. Ik kan niet wachten. Het wordt goed.

Cirkels

Soms word ik behoorlijk moe van mezelf. Almaar dat gepieker, de hoge eisen die erin sluipen, dat getwijfel, de eindeloze gedachtes vol onzekerheid, die plannen om mijn leven ‘beter’ te maken, die gevoeligheid voor andermans oordeel. Laatst las ik een paar oude blogjes terug – uit 2011/2012 – en ik moest er eigenlijk een beetje om lachen.

Jeetje Suus, wat is er eigenlijk veranderd in al die jaren?

Ja, oké, er is heus wat veranderd. Ik ben nu 26 en niet meer 19. Ik heb een vaste baan, ik weet hoe het is om samen te wonen, ik heb mijn eerste echt lange, serieuze relatie (5 jaar) gehad. Vriendschappen hebben zich sindsdien verdiept, ik ken mezelf best wat stukjes beter, ik leefde me uit en verloor wat wilde haren.

Duizenden ervaringen deed ik op; in mijn werk, in relatie tot anderen, alleen. En toch he, en toch. Toch blijf ik af en toe in dezelfde valkuilen trappen. Mezelf voorbijrennen. Me veel te verantwoordelijk voelen voor alles. Niet meer uit mijn hoofd kunnen komen.

En toen was het dus plots weer op. Viel ik een beetje om. Gelukkig herkende ik de signalen, trok – hoe moeilijk ook, met wat hulp van B – aan de bel. Liet anderen me helpen om wat ruimte te maken; een dag minder werken, projecten uit handen geven, een beetje coaching. En ik maakte zelf ruimte; even geen freelanceklussen, even geen hardloopschema’s.

Geen ramp allemaal dit, natuurlijk. Ik hoop en geloof dat ik na een paar weken “rustiger aan doen” alweer een stuk dieper slaap, minder gejaagd ben. En toch he. Toch is er ook ergernis. Waarom gebeurt dit toch steeds weer? Waarom ga ik steeds zo over mijn eigen grenzen heen?

Nou ja, eerlijk gezegd kan ik die laatste vraag inmiddels een stuk beter beantwoorden. Langzaam begin ik te snappen hoe mijn hoofd werkt, waarom ik me vaak voel zoals ik me voel, waar dat vandaan komt. Dat is fijn en helpt. Tegelijkertijd maakt het ’t ook complexer – je continu hyperbewust zijn van al je kronkels is behoorlijk vermoeiend.

Weet je, zeg ik vandaag, op deze zonnige vrijdag tegen mezelf: het begint allemaal toch weer met die zachtheid. Mildheid. Met mezelf vertellen dat het oké is. Dat ik oké ben.

En het begint bij stoppen met dat eindeloze gepieker. Hier zijn, nu. Op dit zonnige balkon, met mijn boekje. Vandaag is vandaag. Ik kan wel zo hunkeren naar rust en stilte de hele tijd; dat is vooral omdat ik die rust en stilte niet bij mijzelf kan vinden.

Laat maar gaan, Susie, zeg ik dus vandaag. Al die verwachtingen die je bedacht hebt, al die plannen die je alweer maakte om je leven nog “beter” te maken, al die regeltjes die je jezelf alweer oplegt. Al die dingen waarvan je denkt dat anderen willen dat je ze doet of juist laat. Laat ze maar. Blaas ze maar weg, mee met de voorjaarswind.

Dubbeltje

Gisteravond keek ik een aflevering van De Keuringsdienst van Waarde. Dat vond ik altijd een leuk programma, tot ze een aantal afleveringen maakten waarvan ik dacht: ‘ja maar jongens, wat is nu eigenlijk het probleem en waarom doen jullie hier zo dramatisch over?’ Maar de aflevering over welke supermarkt nou de goedkoopste is – en hoe dat dan eigenlijk zit – is de moeite waard.

Het is natuurlijk iets heel Nederlands he, zo zeggen we althans altijd: koopjesjagen. Voor een dubbeltje op de eerste rang willen zitten. Zo weinig mogelijk geld uitgeven aan ons voedsel. Nog goedkoper vlees, nog meer melk, kaas of koekjes voor minder geld. In mijn project ‘meer biologisch eten’ loop ook ik er wel eens tegenaan dat ik denk: ‘waarom zou ik dit pak pasta voor 2,99 euro kopen als ik het verderop bij de AH ook voor 1,12 euro kan krijgen? Waarom dit bakje hummus voor 3,50 als het bij de Jumbo 2 euro kost?’

Nou, realiseer ik me weer na gisteren, heel simpel: dat is niet hetzelfde pak pasta. En al helemaal niet hetzelfde bakje hummus. Ja duh, zul je zeggen, de ingrediënten van dat bakje bij de natuurwinkel zijn biologisch geproduceerd. (De cynicus voegt daaraan toe: ‘who cares’.) Maar nee. De Keuringsdienst laat zien hoe, door de continue prijzenoorlog die in ons land woedt – ‘Nederland heeft de goedkoopste supermarkt van Europa, alleen Polen is goedkoper’ – supermarkten almaar druk op fabrikanten leggen om nog goedkoper te leveren.

Want ja, een supermarkt die iets in de aanbieding gooit, wil natuurlijk (??) niet zelf hoeven betalen voor het verschil. Die lagere prijs krijgen ze voor elkaar door hun leveranciers nog minder geld te geven – en die ‘moeten’ vaak wel, anders zegt de supermarkt ‘pech gehad, we gaan wel naar je concurrent’. En wat doen de leveranciers dan, om hun pasta, hummus, salades, cakes en sauzen nog goedkoper te produceren?

Twee dingen:

1. Meer goedkope grondstoffen gebruiken. Palmolie in plaats van roomboter, bijvoorbeeld, maar vooral: meer water. Hup, beetje zetmeel erbij, en die soep-in-blik lijkt nog net zo “dik en gevuld” als voorheen. En omdat de receptuur steeds met zulke micro-stapjes wordt aangepast, proef je het verschil niet/nauwelijks. Terwijl je eten wel minder voedzaam wordt.

2. Lagere lonen voor hun personeel in fabrieken en distributiecentra. Die toch al weinig verdienen.

Dus ja, bij de biowinkel spullen kopen lijkt misschien duurder – maar je krijgt vooral meer (en: fatsoenlijk) product voor je geld. Ofwel: per 100 gram voedsel meer vitamines, mineralen en andere voedingsstoffen waar je lichaam blij mee is. Bovendien koop je iets waarvan de mensen die het gemaakt hebben, een eerlijke(r) prijs krijgen voor hun pasta, hummus, cake en kaas. Niet zodat ze lekker rijk worden, maar gewoon, zodat zij ook weer hun kinderen fatsoenlijk te eten kunnen geven. En een beetje fijn en zonder al te veel zorgen mogen leven.

De conclusie van de vakbondsvrouw aan het eind van de aflevering was dan ook een logische – en toch eentje die ik niet eerder had bedacht. “Wil je hier iets aan doen? Koop geen aanbiedingen.”

PS. Komt t even goed uit dat ik net had besloten weer meer bio te gaan kopen!