Wat nou

Dat Ljubljana-blogje komt nog hoor, maar eerst even wat anders.

Want het is nu 23:12 uur en ik lig in bed en ik denk ineens: wat nou, hè. Wat nou als ik me gewoon nooit meer tegen laat houden door al die angsten, twijfels en doemscenario’s van mij.

Ik doe maar even gek – en probeer het me daadwerkelijk voor te stellen. Wat nou als ik die oordelen-waarvan-ik-denk-dat-anderen-ze-over-mij-hebben eens MUTE in m’n hoofd. Als ik niet meer twijfel of ik het wel kan, als ik weer eens ga praten bij een nieuwe klant. Als ik er zelfs op ga vertrouwen dat ik ook heus een presentatie kan geven, of een workshop. Als ik eens ophoud met dat ge-‘je bent zo goed als je laatste artikel’ en er vanuit ga dat sommige dingen gewoon in mij zitten. Wat nou als het gewoon oké is dat niet elk stuk dat ik schrijf het scherpste ooit is – wat nou als het dan nog steeds goed genoeg is. Wat nou als ik echt, werkelijk, standaard uitga van het goede in mij, in plaats van dat ik doe alsof mijn tekortkomingen datgene zijn dat anderen als eerste aan mij zien.

Zou de wereld er veel slechter van worden, als ik dat zou doen? Zou ik er slechter van worden?

Ik heb het gevoel dat ik op de goede weg zit. Dat ik veel van de dingen hierboven al doe, steeds vaker. En dat, als ik vandaag vergelijk met met een jaar geleden, ik zo veel meer doorleef. Enerzijds zacht voor mezelf ben, anderzijds ruimte maak voor de harde kanten van het leven. Ik raak niet meer steeds in paniek als ik verdriet of gemis voel. En ook als het nog niet lukt om de boosheid naar mezelf direct te temperen (bijvoorbeeld toen ik van de week een boete plus aanmaning van de Belastingdienst op de mat vond, kaching, bye bye 113 euro), ik zie in elk geval die boosheid en begin te beseffen dat ik ook anders kan reageren.

Dat ik ook kan denken: ach lieverd, wat naar dat dit nu gebeurt. Dat is balen. Wil je een knuffel?

Ja. Ik word vrienden met mezelf. En wat nou als ik hiermee doorga. Waar sta ik dan, over een jaar?

 

 

Nog meer lekker eten in Slovenië: Piran

Begin deze week maakte ik een lijstje met de beste eetplekken die ik aandeed tijdens mijn verblijf in de regio Bled en Bohinj. Vandaag de volgende bestemming van onze reis naar Slovenië: Piran!

We zouden eerst alleen naar de Sloveense bergen gaan, maar nadat ik op verschillende blogs had gelezen dat je dit havenstadje eigenlijk niet mag overslaan, op de cover van de LonelyPlanet een schitterende foto van Piran staat én we ontdekten dat het maar twee uurtjes rijden is vanaf Bohinj, besloten we toch 2 dagen en 2 nachten door te brengen aan de Adriatische kust. Dat bleek een erg goede keus!

Ook in Piran kun je goed eten. Vooral vis, vis, vis, schaal- en schelpdieren en vis. Maar ook andere dingen hoor. Bijvoorbeeld hier:

Cantina Klet
Dit plekje staat op nummer 1 van TripAdvisor én heeft een ster (aanbeveling) in de Lonely Planet. Natuurlijk vanwege het lekkere eten, maar ook – vermoed ik – vanwege het concept en de locatie. Cantina Klet ligt in de hoek van een rustig pleintje in het centrum van Piran. Het terras heeft schaduw van een grote druivenplant; de ober komt je drankjes opnemen en als je iets wilt eten, loop je zelf naar het open luik van de ‘Fritolin’. We aten er mosselen met gesmolten kaas en tomatensaus die de ober ons aanraadde en gebakken zeebaars met polenta. En verder dronken we er een fles Malvazija (Sloveeens witte wijn) en kwamen een beetje bij van de reis. Daar was het een erg prima plek voor.

Prvomajski trg 10, Piran

Pirat
Dit restaurantje aan de rand van het centrum serveert een lunchmenu voor 7 euro. Hoewel dat lekker klonk (gnocchi met tonijnsaus, salade, soep), hadden B en ik allebei meer zin in pasta – en dus gingen we voor black tagliatelle met garnalen en zwaardvis. Was lekker, net als de huiswijn, die ook hier weer voor 1,20 euro per glas voor je wordt ingeschonken.

Župančičeva ulica 26, 6330 Piran

Koffie bij Caffe Neptun

Piran is helemaal niet super-crowded, maar als je de (relatieve) drukte dan toch wilt ontvluchten, ga dan lekker op het terras zitten bij Neptun. Dit chille koffiezaakje aan het water serveert hele goeie ‘cold brew’. Wij kwamen hier elke dag wel even voor een drankje en een spelletje; niet te lawaaiig, mooi uitzicht op de helderblauwe zee. Ze hebben er ook cocktails.

Dantejeva ulica, 6330 Piran

Pizzeria Petica
Hier haal je naar verluidt de beste pizza’s van Piran, en dat kan ik me goed voorstellen. De pizza rucola die B en ik er deelden, smaakte érg goed als late night snack (we hadden nogal eh, stevig geluncht bij Cantina Klet – zie hierboven). Ik heb er helaas geen foto van, dus neem maar van me aan dat ‘ie er ook goed uitzag. ;)

Župančičeva ulica 6, 6330 Piran

Ontbijten op het plein bij Mestna Kavarn
Eén van de vuistregels die ik aanhoud bij het kiezen van eettentjes op reis, is: vermijd de grote pleinen. Je betaalt deels voor de locatie en de meeste gasten komen eenmalig, dus zo’n restaurant doet doorgaans weinig moeite om de kwaliteit hoog te houden. Resultaat: overpriced, matig toeristenvoedsel. Ik was dan ook wat sceptisch toen Mestna Kavarna op TripAdvisor werd genoemd als supergoed ontbijtplekje.

Maar goed, het was onze laatste ochtend, B en ik hadden honger en we waren tot dan toe weinig (lees: geen) goede ontbijtlocaties tegengekomen in Piran. En nou, mijn scepsis was onterecht, want we hebben lekker gegeten hier op het Tartini-plein! Voor ruim zes euro heb je scrambled eggs of een ‘mixed breakfast’ met croissant, broodjes, beleg en rauwkost. Sandwiches kosten rond de 5 euro.  Een koningsontbijt zou ik het niet noemen, maar naar Sloveense maatstaven (waar men niet echt veel ontbijt) is het prima.

Tartinijev trg 3, 6330 Piran

Bubbels

Vrijdagavond, etenstijd. We hadden net een flesje wijn opengetrokken – Portugees wit, zes euro bij Grape District; ik was daar binnengelopen met de opmerking ‘het is nogal het eind van de maand, qua budget, maar ik wil wel iets lekkers drinken vanavond’ – en ik weet niet meer hoe het gebeurde, maar opeens zaten we middenin een gesprek over de vluchtelingencrisis.

Trump die kinderen in kooien stopt, wij in Europa die óók onmenselijk omgaan met migranten, onze hypocrisie daarin (we roofden eerst de wereld leeg en lieten ‘m achter in ellende en nu de gevolgen op onze deur kloppen, geven we niet thuis), Faces of Auschwitz, je eigen reactie als er een azc in je achtertuin komt, waarom die nieuwe videoclip van Beyoncé en Jay-Z vanuit cultureel oogpunt zo gaaf is en wat ‘opvang in de regio’ nu eigenlijk wil zeggen.

Nu moet je weten dat mijn B zijn nieuws doorgaans uit één bron haalt: De Speld. En hoewel ik een stuk minder ingelezen ben dan in de tijd dat ik bij de krant werkte, volg ik (meestal) wel (min of meer) wat er gebeurt in de wereld. Over het bovenstaande moet ik dan ook feitelijk zeggen: ik had een gesprek. Mijn tafelpartner, gaar na een lange werkweek, keek me wat glazig aan, knikte eens mee, nam nog een slok wijn.

Ik zag mezelf in rap tempo al die verschillende verhalen en meningen opratelen en dacht ineens: wow, ik ben een stuk verontwaardigder dan in tijden. En dat komt door één ding: Twitter. Eerder die week had ik dat weer op mijn telefoon geïnstalleerd en tijdens m’n dagelijkse treinuurtjes scrollde ik eindeloos door de feed, lezend wat de wereld zegt, vindt, denkt, signaleert.

Of nee, wat de 800 overwegend links-progressieve Twitteraars die ik volg, delen. Want hoe had dat vrijdagavondgesprek eruit gezien, als ik de hele week gevoed was met meningen uit de hoek van Thierry Baudet c.s.? Was ik dan nóg verontwaardigder geweest over de onzin daarvan? Ik vrees van niet. Stel dat ik jarenlang nieuws zou lezen over vluchtelingen die Europa ‘bedreigen’. Dat ik alléén maar opiniestukken zou tegenkomen over hoe de ‘linkse elite’ ons land verwoest. De factcheck van dit soort tweets langs me heen zou gaan. Mijn ouders zich ook boos en benadeeld zouden voelen – en we dáárover zouden praten, ’s avonds aan de eettafel.

Ik denk dat ik dan heel anders naar de wereld zou kijken. En dat al die Twitter-berichten dat wereldbeeld zouden versterken. Maar hé, gebeurt dat nu niet ook?

Vanmorgen nam ik een besluit. Alle maatschappelijk relevante discussies ten spijt, die Twitter-app is weer van mijn telefoon. Want eerlijk is eerlijk: in je hoofd blijft met al die meningen weinig ruimte over. Concentratie begint ook weer een dingetje te worden. Dus dan ga ik nu maar eens naar de bieb. Tijd voor een goed boek.