in een beetje van alles

Kwart Marathon van Rotterdam 2017

Ik snap nog steeds niet helemaal wat er gisteren gebeurde.

Beetje context: mijn vriendinnetje Eline ging de marathon van Rotterdam lopen en ik zou mee om haar te supporten. Hé, dacht ik, als ik daar dan tóch ben kan ik net zo goed zelf ook iets lopen. De kwart marathon (10,55 km) was al uitverkocht, maar via Facebook kon ik last-minute nog een startnummer regelen.

Zondagochtend om kwart over zeven stond ik dus op Utrecht Centraal. Het startschot van beide races zou klinken om 10:00 uur en zeker voor zoiets groots als een marathon wil je natuurlijk niet hoeven haasten.

Terwijl Eline wat stiller werd naarmate we Rotterdam naderden, maakte ik me totaal niet druk. Waarom zou ik ook? Drie weken geleden liep ik nog een halve marathon. Dan is een dikke 10 km peanuts. (Nee, ik had twee jaar geleden ook niet gedacht dat ik dit nu zou zeggen, maar da’s weer een ander verhaal.)

Ja, natuurlijk wilde ik een mooie tijd lopen. Mijn laatste 10 km-wedstrijd was al meer dan een jaar geleden en ik hoopte binnenkort zeker iets van die 56:09 min af te snoepen. Maar met dat doel had ik me juist al ingeschreven voor de Marikenloop, in mei. Hier in Rotterdam hield ik er rekening mee dat ik niet álles kon geven – na die 10 kwam natuurlijk nog 0,55 km en het zou toch naar zijn de laatste paar honderd meters strompelend/kruipend/kotsend te moeten volbrengen.

10 uur. De zon scheen, al was de schaduw van het startvak nog wat frisjes in mijn hemdje en korte broek. BAM, daar ging ik, in de stroom van lopers. Na een minuut zat ik op 5’30 per kilometer – te snel, vreesde ik, maar het ging belachelijk makkelijk. Na 5 kilometer zat ik op 5’24 gemiddeld, toen al vér boven mijn PR als ik dit zou volhouden. Nog altijd voelde ik me niet moe, niet buiten adem, niets.

Ik herinnerde me hoe ik me voel als ik in een halve marathon nog 5 kilometer te gaan heb, besefte dat ik nog bákken energie had en gaf gas.

Negen kilometer gehad, 47 minuten. Zeg hé lijf, wat ben je in godsnaam aan het doen?!!

Het was veel zigzaggen, eigenlijk tot het eind toe – misschien hielp dat juist, goeie afleiding en zo. Hoe dan ook, toen de Coolsingel met de finish in zicht kwam liet ik alles gaan. Ik wist dat ik snel ging, maar hóe snel, dat durf ik eigenlijk nog steeds niet echt te geloven.

Van tevoren hoopte ik dat ik de 10 kilometer onder de 55 minuten zou lopen. Maar dat ik die hele kwart marathon óók dik onder de 55 zou blijven, dat had ik niet gedacht. Het 10 km-punt passeerde ik op 52:18, een verbetering van vier minuten ten opzichte van vorig jaar.

Stiekem denk ik nog steeds dat mijn tijdswaarneming niet klopt. Maar ja, met twee onafhankelijke meters is dat niet zo waarschijnlijk ;)

Dus hey, zo blijkt maar weer: als je de dingen gewoon DOET, kun je veel meer dan je zelf ooit voor mogelijk had gehouden.

Rest me alleen één probleempje: hoe ga ik dat PR tijdens de Marikenloop nu nog verbeteren, over anderhalve maand?

Write a Comment

Reactie