Ik lees weer! & dit las ik in maart

Ooit was ik een boekenwurm. Dat wil zeggen: ik wás er een, en ik bén het weer. Na de middelbare school stopte ik met lezen – vooruit, een stapel bestsellers en wat niemendalletjes daargelaten. Sinds een maand of zes durf ik hardop te zeggen: ik lees weer.

Niet dat ik daarvoor niets las, hoor. Elke week ploegde ik door stapels kranten, magazines, internetartikelen. Maar aan boeken kwam ik, ook daardoor, amper toe.*

(*Ik tel hier studieboeken natuurlijk niet mee. Die las ik tot vervelens toe. Meestal dan.)

Maar Stephen King zei het al: om een goed schrijver te worden moet je twee dingen doen. Read a lot, write a lot. En toen die studie klaar was, had ik geen excuus meer.

Zo halverwege vorige zomer begon ik, heel voorzichtig, weer aan een boek. Eerst wat luchtige chicklits, toen hier en daar wat dikker werk. En nu, nu verslind ik ze weer. De serie van Jean M. Auel op mijn nachtkastje, altijd een boek in m’n tas en meestal in drie dingen tegelijk aan het lezen. Hoi boekenvretertje in mij, welkom terug.

Hoogste tijd dus, om dat met jullie te delen. Gewoon, omdat het leuk is. En omdat ik zelf ook graag boekentips krijg – dus wie weet heb je hier nog wat aan, de volgende keer dat iemand je vraagt wat je nu weer voor je verjaardag wilt.

boekjesmaar

Dit las ik in maart & dit vond ik ervan:

Femke Halsema – Pluche ✽ ✽ ✽ ✽

imagesHet zal weinigen zijn ontgaan: oud-GroenLinks-leider Femke Halsema publiceerde haar memories. Ze werd er ook al uitgebreid over geïnterviewd (o.a. hier en hier). Maar zelfs wie dat allemaal heeft gelezen & gevolgd, komt genoeg nieuws tegen in Pluche. Bovendien kan Femke ontzettend lekker schrijven (wat kan die vrouw niet?!), dus ook als je niet bovenmatig geïnteresseerd bent in politiek, is het de moeite waard. Omdat Femke heel erg vanuit zichzelf als persoon schrijft – duh, daar zijn het natuurlijk memoires voor.

Pluche beschrijft precies de politiek-maatschappelijke periode waarin ik ben opgegroeid: de jaren 1998-2010 (ik was toen 7-19 jaar). Vrijwel alles dat voorbij komt is daardoor bekend – de moorden op Fortuyn en Van Gogh, de film van Geert Wilders, het referendum over de Europese Grondwet, het conflict tussen Verdonk en Hirsi Ali, et cetera. Maar aan veel ervan heb ik slechts een vage, beperkte eigen herinnering; ik heb er alleen over geleerd vanuit de kennis van nu (>2011). Femke beschrijft de gebeurtenissen vanuit de periode zélf. Ik merk dat ik daardoor een veel rijker perspectief heb gekregen op de 21e-eeuw-tot-nu-toe-in-Nederland.

Ook wie al wel volwassen was toen Halsema GroenLinks leidde, moet Pluche lezen. Al is het maar om de kritische, enorm rake observaties over politiek Nederland & onze maatschappij. En als ik zo vrij mag zijn: verplicht leesvoer voor journalisten.

Jelle Brandt Corstius – As in tas ✽ ✽ ✽

asintasOver As in tas schreef ik – indirect – natuurlijk al een stukje. Eigenlijk heb ik daar weinig aan toe te voegen: prima boekje in zijn soort. Zeker boeiend voor wie graag reflecteert op ouder-kindrelaties en voor wie graag (fiets)reizen maakt.

Op het literair blog Hanta kwam ik deze passage tegen, die het werkje treffend samenvat: ‘Jelle Brandt Corstius heeft een mooie manier gevonden om te delen wat hij over de vader, de wiskundige en de taalfanaat Hugo Brandt Corstius kwijt wil.’ 

Lees hier en hier wat de profs ervan vonden.

Marie Kondo – Opgeruimd! De manier om orde en rust in je leven te brengen ✽ ✽ ✽

opgeruimnd

Vooruit, de halve wereld las het boekje van Marie Kondo – een petite Japans vrouwtje van 30 dat tot opruimgoeroe is gebombardeerd – vorig jaar al. Maar hé, een goed boek hoeft niet persé nieuw te zijn, toch?

Nu las ik dit boekje de eerste twee dagen dat ik in Zweden was, en sindsdien jeuken mijn handen om thuis aan de slag te gaan. Ineens lijkt het een stuk makkelijker om de spullen waar ik gehecht aan ben, weg te doen. En de gedachte eraan lucht me nú al op. Minder zooi, meer vrijheid.

Afgaande op reviews van mijn GoodReads-vrienden ben ik niet de enige die enthousiast is. ‘Het heeft de manier waarop ik naar bezittingen kijk veranderd,’ schrijft R. bijvoorbeeld. Vriendinnetje J. was kritischer en gaf het boek maar twee sterren: ‘Again, a non-fiction book that can be summarized in a few sentences.’ 

Tja, daar zit ook wat in.

Lees hier wat De Groene Meisjes vinden van het boek. En Aaf Brandt Corstius schreef er een ontnuchterende column over (en een langer, informatief stuk).

Esther Gerritsen – Broer ✽ ✽ ✽ ✽

broerIk zal maar meteen bekennen: de Boekenweekgeschenken van de afgelopen drie jaar liggen nog steeds ongelezen op een stapeltje in mijn kast. En dat ik Broer van Esther Gerritsen uberhaupt in mijn bezit kreeg, mag een wonder heten: op de laatste dag van de boekenweek racete ik een half uur voor sluitingstijd nog even naar de boekwinkel in Vleuten. Niet omdat ik nu zó graag een gratis boek wilde, maar omdat mijn lief met de trein moest en op vertoon van Broer vrij kon reizen. De aardige boekverkoopster gaf me zelfs een tweede exemplaar mee toen ik het verhaal uitlegde. (En ja, ik kócht er ook gewoon een boek bij, hoor, zo gierig ben ik dan ook weer niet.)

Maar doordat ik hier en daar een paar positieve woorden had gelezen over het boekje (‘verrassend goed’, aldus de Volkskrant), besloot ik het mee te nemen op vakantie.

Waar het over gaat? Tja – familiebanden, mensen, en eigenlijk gewoon het leven dus. Levendige personages, sterke dialogen. Verder veel show, don’t tell, zoals het een goed schrijver betaamt. Lees dat boek. En als je ‘m niet in huis hebt, stuur me even een berichtje. Ik heb er twee weg te geven. ;)

 

 

 

Briefje

In mijn Facebook-timeline verscheen deze tekst:

993570_593607894122132_7208434048513437124_n

Nu zat ik rustig op de bank te scrollen en wat te lezen, maar prompt stond ik op en ging aan de keukentafel zitten.

Toevallig is het vandaag exact een jaar geleden dat Tom en ik de sleutel van ons appartement kregen. Mooi moment dus, om deze gedachte op me te laten inwerken: wat zou ik schrijven aan de Suus van een jaar geleden?

Laat ik maar gewoon beginnen.

Lieve Suus, zou ik zeggen, maak je in godsnaam niet zo druk. Het komt wel goed met dat werk van jou, met dat leven van jou. Wat je nu nog niet weet, is dat je in juni gebeld wordt door het AD. Dat je aan het eind van dit jaar (2015 dus) een paar maanden terug gaat naar Den Haag. En dat je in juli, als je teruggaat naar de binnenlandredactie van de Volkskrant, een geweldige tijd zult hebben. Je mag zelfs naar het buitenland voor de krant!

Hoe dan ook, de details doen er eigenlijk niet toe. De grote lijn is: ook al weet je nu nog niet zo goed hoe het allemaal gaat lopen – en geloof me, over een jaar weet je dat nog stééds niet -, dat hoeft je er niet van te weerhouden om mooie avonturen te beleven en elke dag wakker te worden met zin in de dag. Dat bepaal je namelijk helemaal zelf. Ik bedoel: dat is niet afhankelijk van de kansen die andere mensen je wel of niet geven.

Als je altijd maar blijft wachten op de zekerheid en stabiliteit, dan kom je bedrogen uit. Die zal er nooit écht zijn. Die moet je voor jezelf creëren.

Je gaat het dit jaar soms erg lastig vinden, maar: (ont)houd die onafhankelijkheid. Oefen er tenminste een beetje mee. Kan nooit kwaad. ;)

Verder, lieve ik: denk na waar je je geld aan uitgeeft. Welke dingen zijn echt belangrijk? Je hebt niet zo veel nodig als je denkt. En ook ervaringen (uit eten gaan, dagjes weg) zijn niet minder leuk als ze on a budget worden beleefd.

O, en wat je huis betreft: pak rustig alle verhuisdozen uit en settle down. Jullie hebben dan wel een contract voor zes maanden getekend, over een jaar woon je hier nog gewoon. Dus voel je maar thuis, verken de buurt en hang die schilderijen op. (Opnieuw: als je gaat zitten wachten tot de plek waar alles definitief is – succes ermee, dan kun je lang wachten.)

Mooi trouwens dat je deze week een rondje ging hardlopen. Vier kilometer is een goed begin. Je kunt het je nu nog niet voorstellen (en je gaat me waarschijnlijk uitlachen), maar binnen een jaar loop je een halve marathon. 21,1 kilometer, ja. Met andere woorden: niets is onmogelijk en je bent in staat tot zó veel meer dan je denkt. Ik weet dat je het lastig vindt, maar vertrouw daar nou eens op!

Dat wil trouwens niet zeggen dat je stil moet gaan zitten en niets doen – van hard werken is nog nooit iemand doodgegaan. Maar dat hoef ik jou niet te vertellen, eerder het tegenovergestelde: het is oké om af en toe je rust te pakken. Niemand zal je daar minder om waarderen (en zo wel, dan is dat iemand voor wie je toch niet echt wilt werken).

Tot slot: dit jaar zullen steeds meer van je vrienden aan het werk gaan – je vriendschappen veranderen, verdiepen, sommige zullen verwateren. Cliché wellicht, maar: zo is het leven. Veel dingen zijn niet voor altijd, maar dat maakt ze niet minder waardevol. Bedenk je goed welke mensen je leven verrijken en wie juist energie wegneemt. Durf keuzes te maken – en vergeet jezelf niet.

|| Wat zou jij zeggen tegen jezelf-een-jaar-geleden?

 

 

Profiel

In het vliegtuig naar Zweden las ik As in tas van Jelle Brandt Corstius. Ik kreeg het te leen van een vriend en dat kwam goed uit, want ik zocht nog iets te lezen voor onderweg. Zeer geschikt daarvoor, zei hij, ‘in twee uurtjes ben je er doorheen’.

Gisteravond, in het éénkamerappartement van mijn broer in Göteborg, sloeg ik het boekje dicht. Niet moeilijk, je leest het inderdaad zo weg, en toch intrigeert het me. Omdat het over een lange fietstocht gaat, en ik sinds enige tijd zelf ook overweeg een stuk te gaan fietsen, Europa in. En omdat het gaat over opgroeien, de band tussen ouder en kind, en natuurlijk over de markante figuur die Hugo Brandt Corstius was.

Fijn leesvoer dus. En toch: zou ik het ook hebben gelezen als het niet over Jelle en Hugo ging – toch enigszins Bekende Nederlanders – maar over een willekeurige zoon die de as van z’n vader al fietsend naar Zuid-Frankrijk bracht? Los van de kwaliteit van de tekst (want daarover geen twijfel): zou ik dan wel zo makkelijk tegen het boek aan zijn gelopen?

Want ja, Jelle zat bij DWDD en er stond een groot interview met hem in de Volkskrant en op Twitter spraken mensen al over het boek toen het net uit was. Brandt Corstius is een bekende naam, een kwaliteitsstempel als het ware. Dan word je toch wel nieuwsgierig.

Ik denk de laatste dagen weer eens na over hoe ‘belangrijk’ zichtbaarheid is als je een ‘goed’ schrijver gevonden wilt worden. (Die aanhalingstekens staan er bewust.) Hoe je jezelf moet profileren als je het wilt maken in de journalistiek of als schrijver/columnist. Of lijkt dat maar zo?

Want tegelijkertijd denk ik: als je daar maar de hele tijd zo bewust mee bezig bent, vergeet je te zijn en word je daarmee minder authentiek. En authenticiteit, dát is volgens mij uiteindelijk wat iemand goed maakt. Elizabeth Gilbert schreef daar het volgende over in haar boek Big Magic:

Originaliteit versus authenticiteit

Misschien ben je bang dat je niet origineel genoeg bent. Misschien is dat het probleem: je bent bang dat je ideeen gewoontjes en alledaags zijn en dus het creeeren niet waard. (…)

De meeste dingen zijn al eens eerder gedaan, maar niet door jóu. (…)

Wat maakt het uit als we dezelfde onderwerpen opnieuw behandelen? Wat maakt het uit als we keer op keer, generatie na generatie rond dezelfde ideeen cirkelen? (…)

Maar zodra je je eigen expressie en passie in een idee steekt, wordt dat idee echt van jou. Kortom, hoe ouder ik word, hoe minder ik onder de indruk ben van originaliteit. Authenticiteit doet me tegenwoordig veel meer. Pogingen tot originaliteit voelen vaak geforceerd en geknutseld aan, maar authenticiteit heeft een stille weerklank die mij steevast weet te raken.

Zeg dus gewoon wat je wilt zeggen, en zeg het met heel je hart.

Als ik nu de indruk wek dat ik zeg dat ‘Jelle zijn boekje alleen maar een succes is vanwege zijn bekendheid’ – dat is nadrukkelijk niet het geval, integendeel. Slecht werk blijft slecht werk en talent is talent. Daarom juist – ik vraag me af: is jezelf (online) profileren een handig middel om je talent te verspreiden, en daarmee je capaciteiten te benutten? Of moet je het links laten liggen en erop vertrouwen dat je er dan óók wel komt? Om Jelle maar weer als voorbeeld te nemen: ja, mensen hebben een beeld van hem, wellicht ook door zijn ‘bekende’ familie, maar hij is in mijn ogen júist authentiek.

Toch voel ik me soms klem gezet – ook een reden waarom mijn cursor steeds weer een aantal seconden aarzelend boven de ‘Publish’-button zweeft voordat ik hier iets plaats. Want als je jezélf niet gedefinieerd hebt, loop je het risico dat anderen dat doen. Dan krijg je een labeltje.

Terwijl: als ik iets níet wil momenteel, is mezelf definiëren/uitvinden. Ik ben 24 en alles ligt open. Laten we nu maar eens kijken waar dat allemaal toe leidt.